Bekijk het origineel

Politie: „Kidnappers van Heijn zijn Nederlanders

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Politie: „Kidnappers van Heijn zijn Nederlanders"

Deskundigen verdeeld over stem ontvoerder

6 minuten leestijd

BLOEMENDAAL - De politie is er zeker van dat de meeste kidnappers van Gerrit Jan Heijn, die uit een groep van hooguit vijf mensen bestaat, Nederlanders zijn. Mogelijk bevindt zich een buitenlander in hun gezelschap en heeft een van de daders een Indonesische achtergrond.

Het recherche-team dat zich al maandenlang met de zaak-Heijn bezig houdt, baseert dat op rapporten van verschillende geraadpleegde deskundigen. De werkwijze van de ontvoeders duidt erop dat zij een crimineel verleden hebben. De politie denkt daarbij aan inbraken en diefstallen. De kidnappers hebben er zorgvuldig voor gewaakt om vingerafdrukken achter te laten. Dat wijst erop dat zij bij de politie bekend zijn.

Caravan
Gedragsdeskundigen hebben de dertien brieven, waarvan de eerste twee aan mevrouw Heijn zijn geadresseerd en de overige aan concernleider Albert, aan een minutieus onderzoek onderworpen. Met een slag om de arm is de conclusie getrokken dat de meeste brieven door een vrouw zijn opgesteld. De stijl van de brieven is ambtelijk. Het taalgebruik doet volgens de politie denken aan iemand met een mavo-opleiding die een stijl hanteert die bij een hoger opgeleide wel voorkomt. De schrijver van de brieven is waarschijnlijk 40 jaar en beheerst goed de Nederlandse taal. De politie beschikt over aanwijzingen dat de brieven in een woonomgeving zijn getypt.
Op grond van de opgestuurde cassettebandjes stellen deskundigen anderzijds dat de opnames niet in een stadsstraat zijn gemaakt. Op beide bandjes is een snel voorbijrijdende auto te horen die volgens deskundigen ongeveer 80 kilometer per uur rijdt. Laboratoriumonderzoek in West-Duitsland en Engeland heeft duidelijk gemaakt dat de opnamen in een kleine gemeubileerde ruimte zijn gemaakt, mogelijk in een caravan.

Afgetapt
Deskundigen zijn het niet eens over de stem van de man die in de nacht van vrijdag 13 november om half drie belde naar het Amsterdamse Okura-hotel. De dag daarvoor was bij het Ahold-concern een brief van de kidnappers bezorgd waarin de procedure voor de overdracht van het losgeld en de diamanten werd aangegeven.
De rijder van het losgeld, die door de ontvoerder Rosa werd genoemd, moest zich die nacht ophouden bij de receptie van het Amsterdamse hotel. Mocht de brief niet tijdig arriveren, dan zou hij 24 uur later op de aangegeven plaats aanwezig dienen te zijn. Omdat het kenteken van de losgeldauto van tevoren via de bekende dagbladadvertenties in opdracht van de ontvoerders doorgegeven was, besloot de politie dat "de heer Rosa" zich om twee uur terug diende te trekken. De kans dat de onderwereld de auto, die overigens op afstand werd bewaakt, zou beroven, werd te hoog geacht. Toen de ontvoerders om twee uur nog geen contact met Rosa hadden opgenomen, verliet deze overeenkomstig zijn instructies het hotel. Een half uur later meldde zich telefonisch een van de ontvoerders bij de receptionist van Okura. Dat gesprek werd door de politie gedeeltelijk afgetapt.
„Receptionist: Hotel Okura, goedenavond.
Ontvoerder: Mag ik de heer Rosa van u?
Receptionist: Hoe spelt u die naam? Ontvoerder: R. O. S. A.
Receptionist: Rosa. Moment alstublieft. (Even later) „Ik kan de naam niet vinden in de computer. Weet u zeker dat de naam juist gespeld is?.
Ontvoerder: Ja, hij moet bij u op de receptie zitten.
Receptionist: Hij moet bij ons op de receptie zitten? Pardon, dat begrijp ik niet helemaal. Ik zie hem niet, meneer. Bij de receptie?
Ontvoerder: Bij de receptie.
Receptionist: Ik weet niet over wie het gaat. Wat is het voor iemand? Een gast?
Ontvoerder: Nee.
Receptionist: Wat is het voor een persoon?
Ontvoerder: Een man.
Receptionist: Een man. Waarom zou hij bij de receptie zijn?"
Op dat moment wordt de bandopname afgebroken. Een aantal geraadpleegde deskundigen meent dat de stem uitwijst dat de ontvoerder een Indonesische achtergrond heeft. Daar staat de mening van een dialectoloog tegenover, die stelt dat het gaat om een inwoner van Overijssel of Gelderland. Hel opgenomen gesprek is gisteren verschillende keren via radio en tv uitgezonden.
Dat niet het volledige telefoongesprek is opgenomen, komt door de beperkte middelen waarmee de 39 lijnen van het Okura-hotel moesten worden afgetapt. Volgens commissaris Sietsma wilde de politie zo onopgemerkt mogelijk afluisteren, wat de technische mogelijkheden sterk aan banden legde.
Tijdens het vervolg van het gesprek gaf de ontvoerder aan de receptionist door dat Rosa bij hectometerpaal 70.7 van de snelweg Haarlem-Alkmaar een steen met een boodschap zou aantreffen. De politie besloot deze instructie niet op te laten volgen, omdat zij geen kans meer zag de losgeldrijder te schaduwen en voor zijn veiligheid in te staan. Later is wel bij de opgegeven hectometerpaal een betonklinker gevonden met aan de achterkant een laag contactlijm, waarschijnlijk om een boodschap op te plakken.

Geen getuigen
Getuigen van de ontvoering zijn er niet. Wel is door één getuige rond het tijdstip van de ontvoering een witte Volvo-stationcar gezien die met hoge snelheid door Bloemendaal reed. In deze auto zaten drie mannen.
Ook blijken zich in de dagen voorafgaand aan de ontvoering enkele mannen te hebben opgehouden in de omgeving van de woning van Gerrit Jan Heijn in Bloemendaal. Eveneens heeft enkele keren een oranjekleurige oudere Opel Kadet op het fietspad achter het huis gestaan met daarin een ongeveer 30-jarige man, die achterin de auto de omgeving verkende. Op de gele kentekenplaat kwam in de eerste lettercombinatie de letter K voor.

Filmkokertje
Een ander belangrijk gegeven is dat de dag voor de ontvoering een 35- à 40-jarige man is gezien op een bankje tegenover het huis van Heijn. De man had een lang, slank postuur, een mager ingevallen gezicht, zwart naar voren gekamd haar, doordringende donkere ogen en een donkere bril. Een man met hetzelfde signalement is door getuigen gezien op 16 november in de buurt van Wolfheze nabij de plaats waar elf dagen later het losgeld werd neergelegd. De politie houdt er sterk rekening mee dat het om dezelfde man gaat.
De pink van Gerrit Jan Heijn is opgestuurd in een geel filmkokertje van Kodak. Het is gebruikt voor een diarolfilm (8 opnames) van het type Kadochrome. Opvallend is dat het om een artikel gaat dat na 1973 alleen nog maar op bestelling werd geleverd en slechts bij tientallen is verkocht. Veel werd gebruikt in de Kodak-Bantam-camera. Het rechercheteam wil graag in contact komen met mensen die een dergelijk kokertje (46 mm hoog en met een diameter van 24 milimeter) bezitten, die onlangs zo'n kokertje zijn kwijtgeraakt en die onlangs nog een dergelijk kokertje hebben gezien.
Het rechercheteam is voor alle tips telefonisch bereikbaar onder nummer 06-8212270.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 29 december 1987

Reformatorisch Dagblad | 14 Pagina's

Politie: „Kidnappers van Heijn zijn Nederlanders

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 29 december 1987

Reformatorisch Dagblad | 14 Pagina's

PDF Bekijken