Bekijk het origineel

„We moeten landbouwoverschotten niet slechts incidenteel naar Afrika brengen

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

„We moeten landbouwoverschotten niet slechts incidenteel naar Afrika brengen"

4 minuten leestijd

Naar verluidt voelde premier Lubbers er anderhalf jaar geleden niet veel voor om Bukman als opvolger te benoemen van de politiek zwakke VVD-bewindsvrouw Schoo. Hoe dan ook, het is er toch van gekomen. De man die vijf jaar lang het CDA met ijver en volharding leidde, kreeg als kroon op zijn werk een ministerspost in het tweede kabinet-Lubbers.

Dat is terecht, want hoe men de eenwording in het beleid naar buiten toe van het CDA ook beoordeelt, de partij is één geheel. Onderhuids zijn er nog de bloedgroepen (KVP, ARP, CHU) —en de stroming daarvan mag niet onderschat worden— maar men maakt elkaar het leven niet zuur door blijvende debatten over grondslag en dergelijke van oorspronkelijk geweldige zaken. Het lijdt geen twijfel dat een groot deel van dit resultaat op rekening geschreven mag worden van de 53-jarige (van oorsprong anti-revolutionaire) tuinderszoon doctorandus Piet Bukman.

Boeiend
Het eerste jaar van zijn ministerschap kostte hem blijkbaar moeite, want hij deed vermoeid aan. Nu lijkt hij het onder de knie te hebben en zijn vlotte losse manier van spreken en debatteren, zoals dat het geval was tijdens zijn voorzitterschap van het CDA, keert overduidelijk terug. Bukman voelt zich op Ontwikkelingssamenwerking als een vis in het water: „Het bevalt mij zeer, het bevalt mij zeer goed".
De bewindsman erkent volmondig dat het ministerschap volstrekt iets anders is dan het besturen van een partij.
De problematiek van ontwikkelingssamenwerking boeit Bukman al jaren. In de tijd dat hij in de Eerste Kamer zat, had hij Ontwikkelingssamenwerking al in zijn pakket. „Als je dan veel te doen hebt gehad met de problematiek van de Derde Wereld, is het natuurlijk boeiend om daar de eerste beleidsverantwoordelijkheid voor te dragen".

Motieven
Voor de minister zijn er drie motieven om de armoede in Derde-Wereldlanden te bestrijden en de welvaart daar te bevorderen. In de eerste plaats is er de solidariteit: ieder mens heeft zijn eerste levensbehoeften nodig. Ook het oogpunt van gerechtigheid is voor Bukman een belangrijk motief om zich met hart en ziel in te zetten voor ontwikkelingssamenwerking.
Tot slot is er ook een wederzijds belang. Allereerst in economisch opzicht: de armere landen zijn niet alleen afhankelijk van de rijkere, ook omgekeerd is er een afhankelijkheidsrelatie. Daarnaast is er het wederzijds belang op het gebied van veiligheid. Hoe groter de welvaart in een land, hoe minder reden er is een oorlog te beginnen.
Of de Bijbel hier een rol in speelt? „Als je het hebt over solidariteit en gerechtigheid, heb je het over genormeerde begrippen", zo luidt het politieke antwoord van Bukman.

Landbouwoverschotten
Ziet de bewindsman uit het oogpunt van de eerste twee motieven redenen om de landbouwoverschotten uit Europa naar die gebieden in de wereld te brengen waar ernstige hongersnood heerst? „Ik ben er altijd een tegenstander van geweest om een koppeling aan te brengen tussen het falende beleid hier dat overschotten tot gevolg heeft en de tekorten elders in de wereld. Daar zou je dan een gelegenheidsconstructie van maken. Dat is niet correct".
„Ik heb er overigens niets op tegen om incidenteel de bestaande overschotten die er zijn te gebruiken voor bestrijding van de honger elders in de wereld, in Afrika bij voorbeeld. Maar een beleidsmatige koppeling in de zin van: „Het is niet erg dat we overschotten hebben, want elders in de wereld zijn veel tekorten", is een verkeerde benadering. We moeten de nadruk leggen op het op peil brengen en houden van de voedselproduktie. Maar als je een sfeertje creëert van „het is niet erg dat er overproduktie is", dan ben je bezig je eigen ellende te exporteren en een negatieve bijdrage te leveren in de totstandkoming van de eigen voedselproduktie in hongerlanden".

„Het is in dit verband opmerkelijk dat collega Braks van landbouw en visserij en ik hierin hand in hand opereren", zo voegt hij er nog aan toe, „want dat is niet altijd zo geweest".

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 30 december 1987

Reformatorisch Dagblad | 56 Pagina's

„We moeten landbouwoverschotten niet slechts incidenteel naar Afrika brengen

Bekijk de hele uitgave van woensdag 30 december 1987

Reformatorisch Dagblad | 56 Pagina's

PDF Bekijken