Bekijk het origineel

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

"Lokale Overheden Tegen Apartheid" is nieuwe impuls in strijd tegen Zuid-Afrika

Vereniging LOTA wil na boycotverbod vage gemeentelijke acties coördineren

7 minuten leestijd

Tientallen Nederlandse antiapartheidsgemeenten zullen in maart officieel meedoen in de LOTA, de vereniging "Lagere Overheden Tegen Apartheid". Hun anti-apartheidsperikelen beperk( t)en zich alleen nog tot wat vage bewustwordings- en voorlichtingscampagnes. De effecten daarvan zijn nauwelijks meetbaar. Sommige gemeenten geven dat grif toe. Gemeentelijke boycotacties tegen bedrijven worden door het Rijk verboden. Niet elke gemeente is daar rouwig om, al was het alleen maar uit eigenbelang. Gemeentebesturen zoeken (daarom) naar een bredere betrokkenheid bij de 'strijd' tegen Zuid-Afrika, die binnen (of buiten?) hun grenzen ligt.

J. W. G. (Jaap) Huurman, de motor van het "Eerste gemeentelijke anti-apartheid congres" (Den Haag, 31 oktober), is nauw betrokken bij de oprichting van LOTA. De Nederlandse vereniging kan volgens het Haagse PvdA-raadslid het anti-apartheidsbeleid op gemeentelijk niveau een nieuwe impuls geven. „De organisatie zou in een later stadium zelfs moeten uitgroeien tot een internationaal netwerk. Gemeenten moeten op het terrein van apartheid niet stuk voor stuk het wiel gaan uitvinden. Ze moeten gebruik maken van elkaars ervaringen èn waar mogelijk doelmatig samenwerken in de strijd tegen de apartheid. Provincies kunnen ook lid worden. Friesland heeft al belangstelling getoond". Het netwerk moet gaan bevorderen dat steeds meer gemeenten een anti-apartheidsbeleid gaan voeren en moet mogelijk maken dat gemeenten gezamenlijk projecten met een antiapartheidskarakter kunnen adopteren. LOTA wil gesprekspartner zijn voor de landelijke overheid.
Bij de voorbereiding van het antiapartheidscongres zijn er contacten geweest met functionarissen en bestuursleden van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG). Daarbij bleek dat de VNG belangstelling heeft voor het anti-apartheidsbeleid van gemeenten. De meningsvorming daaromtrent is nog niet afgerond. Onderzocht zal worden in hoeverre het LOTA-secretariaat bij de VNG kan ondergebracht worden. „Daarover zullen eerst besprekingen gevoerd moeten worden met de gemeenten", aldus woordvoerder De Jong. Huurman: „Een coördinerende en stimulerende taak ziet de VNG vooralsnog niet voor zich weggelegd. De VNG zal vragen van individuele gemeenten inzake de apartheid zeker beantwoorden. In ieder geval is bekend dat het gemeentebestuur van Den Haag bereid is het LOTA-secretariaat huisvesting te verschaffen en van extra ondersteuning te voorzien".

Bevoegdheden
Den Haag is volgens gemeentewoordvoerder Rijnja een bijzondere stad. Rijnja doelt op de internationale hoofdvestiging van Shell en de ambassades in de Hofstad. Volgens hem kan een gemeente die internationale gastvrijheid biedt deze instanties geen beperkende maatregelen opleggen. „Op gemeentelijk niveau doen we veel aan bewustwording van de bevolking en bedrijven. We willen hen echter niets opleggen. Het is niet onze taak om Shell de wacht aan te zeggen. Wij willen niet in hun autonome bevoegdheden treden".
Huurman zegt dat economische boycotacties in de regeringsstad „gevoelig" liggen. „Er is een gesprek geweest tussen de gemeente en Shell, waaruit bleek dat men het oneens is met elkaar. Het verder verhogen van de druk op Shell, bij voorbeeld door een publieke oproep, zit er niet in. Shell is tenslotte werkgever van 10.000 mensen".

Verwarring
Op lokaal niveau ontstonden in Engeland in het begin van de jaren zestig de eerste anti-apartheidsgemeenten. Als eerste ter wereld verboden zij de aankoop van Zuidafrikaanse produkten (maart 1960). Deventer was de eerste gemeente in Nederland-die de verkoop van produkten uit Zuid-Afrika afwees (26 november 1985). Verder gebeurde er hier en daar incidenteel wel iets, maar van samenhangende anti-apartheidsprogramma's was nog geen sprake.
Sinds 1986 kwam, daar verandering in. Het aantal 'AA'-gemeenten steeg tot bijna 90. Mèt dit aantal groeide echter ook de verwarring rond de lokale bevoegdheden. Gemeenten zijn bij machte om als grootgebruikers en opdrachtgevers bedrijven hun wil op te leggen. Zij geven grond in erfpacht uit, verstrekken vergunningen aan bedrijven, zijn rekeninghouders bij banken en soms aandeelhouders van bedrijven en instellingen. Deze economische en financiële relaties kunnen de vrijheid voor een ondernemer ernstig belemmeren. Zo'n veertig gemeenten voeren inmiddels een boycot van Zuidafrikaanse produkten. Dit betreft met name fruit en wijn.

Eigenbelang
Wat zich in Amsterdam op het gebied van anti-apartheid afspeelde, bleek later sympitomatisch voor andere (grote) gemeenten. De Amsterdamse raad ging in maart 1986 akkoord met het anti-apartheidsvoorstel van B en W. De culturele boycot en de sportboycot wilde men handhaven, maar ook nieuwe ‘goede' voornemens werden bekendgemaakt. Gemeentelijke instellingen mogen geen Zuidafrikaanse goederen (meer) in- en verkopen. De gemeente zou er bovendien bij „een aantal van de grootste Nederlandse bedrijven" op aandringen om zich uit Zuid-Afrika terug te trekken.
Mocht zo'n oproep tevergeefs zijn, dan zou Amsterdam in de toekomst geen aankopen meer verrichten bij deze bedrijven. In de praktijk blijkt dit dreigement een loze kreet. Amsterdam spitste de maatregel toe op bedrijven die „nieuwe investeringen" in Zuid-Afrika bleven doen. Dat bood bedrijven allerlei ontsnappingsmogelijkheden. Gesprekken met enkele grote bedrijven, zoals Shell en Philips, hadden weinig resultaat. Desondanks nam Amsterdam tegen de bedrijven geen economische maatregelen.
Ede houdt zich volgens loco-burgemeester H. Alberts alleen bezig met gemeentelijke aangelegenheden. Acties tegen apartheid ontvingen tot nu nog geen financiële steun. Alberts: „De actiebereidheid hangt meestal af van de politieke samenstelling van een gemeente. Dat anderen zich over apartheid druk maken, moeten ze zelf weten. Ede vindt het anti-apartheidsbeleid zonder meer een taak van de regering". Ten aanzien van een eventueel lidmaatschap van de vereniging LOTA houdt Alberts een slag om de arm. „Daar moet nog goed overleg over gevoerd worden". Op voorhand een aansluiting afwijzen gaat hem te ver, maar „een reactie van Ede in die richting is te verwachten".
Steeds meer gemeenten doen zo min mogelijk zaken met 'besmette' ondernemingen. De gemeenten Oss en Emmen laten hun dienstauto's de Shell-benzinestations passeren. Burgemeester mr. dr. A. J. E. Havermans van Den Haag —tevens voorzitter van de VNG— erkent dat het voor publiekrechtelijke instellingen moeilijk is een bedrijvenboycot te hanteren, maar voor de gemeente als consument „is het sowieso een ander verhaal. Je mag best bewust kiezen welke sinaasappels je in je kantine verkoopt".

Algemeen belang
De ministers Van Dijk en Van den Broek zetten in een circulaire aan de gemeenten (18 september 1987) de hoofdlijnen van hun Zuid-Afrikabeleid nogmaals „voor alle duidelijkheid" uiteen. De afschaffing van het „politiek en moreel onaanvaarbare stelsel van apartheid" wordt niet bereikt door een volledige isolering en algehele boycot van Zuid-Afrika, maar door een zorgvuldig en evenwichtig beleid, gebaseerd op dialoog en vreedzame verandering. De regeringsdruk bestaat onder meer uit „economische sancties" in EG-verband. Het verbod van de twaalf lidstaten van de Europese Gemeenschap op de invoer van ijzer, staal en gouden Krugerrands is inmiddels opgenomen in de Nederlandse wetgeving.

De grondwet zegt dat lokale overheden hun eigen huishouding mogen regelen (artikel 124). De regering mag echter ingrijpen als besluiten van gemeenten tegen de wet of het algemeen belang zijn (artikel 185 Gemeentewet). De beide bewindslieden willen de gemeenten in hun activiteiten „niet beknotten", mits het Nederlandse buitenlandse beleid —volgens artikel 90 van de grondwet een taak van het ministerie van buitenlandse zaken— niet wordt doorkruist. Het boycotten van (internationaal werkzame) bedrijven achten zij echter in strijd met het rijksbeleid èn het algemeen belang. Zulke maatregelen-kunnen rekenen op vernietiging van de Kroon. Volgens woordvoerder Tuts van Binnenlandse Zaken mag de vereniging LOTA „doen wat zij van plan zijn te doen, mits zij zich houden aan de richtlijnen in de circulaire".
De Zuidafrikaanse regering beschouwt de circulaire als het Nederlandse beleid. Acties en een vereniging van lokale overheden zullen „geen positieve bijdrage leveren tot een constructieve oplossing van het probleem in Zuid-Afrika", meent J. van Remsbürg, derde secretaris van de Zuidafrikaanse ambassade in Den Haag. Van Remsbürg is „bang" dat de LOTA de Zuidafrikaanse kwestie „negatief" benaderd. „Zij geven een zeer eenzijdig beeld van de situatie". Antiapartheidsacties van plaatselijke overheden zijn daarom niet in het belang van de toekomstige non-discriminatoire samenleving, meent Van Remsbürg. „Ze schaden de hervormingen in ZuidAfrika".

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 30 december 1987

Reformatorisch Dagblad | 56 Pagina's

Bekijk de hele uitgave van woensdag 30 december 1987

Reformatorisch Dagblad | 56 Pagina's

PDF Bekijken