Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

De weg van de zakelijke en nuchtere Deetman gaat in onderwijsveld èn Kamer niet over rozei

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

De weg van de zakelijke en nuchtere Deetman gaat in onderwijsveld èn Kamer niet over rozei

Deskundige tacticus krijgt voor zijn beleid ook vanuit de CDA-fractie vv^einig steun

10 minuten leestijd

Tijdens de vorige kabinetsperiode kon deze minister geen oed doen bij de pedagogisclie provincie, maar had iiij voor I zijn maatregelen de steun van in elk geval de coalitiefraces CDA en VVD in de Tweede Kamer. In deze kabinetseriode is er maar weinig gemor uit de onderwijswereld te oren, maar nu lijkt het wel alsof hij totaal geen krediet leer heeft bij de Kamer. De weg van de minister van onerwijs en wetenschappen, drs. W. J. Deetman, ging en aat niet over rozen. De doornen worden hem niet beiaard. Soms strooide hij ze zelf op z'n pad. In dat geval ezeerde de nuchtere en zakelijke tacticus zich aan de geDlgen van z'n eigen activiteiten. Zo'n beetje alle scheldwoorden ie in fatsoenlijk en onfatsoenlijk ederlands bedacht kunnen worm, heeft deze minister naar zijn Dofd gekregen. Of hij kon ze le;n op de spandoeken en borden, ,eegedragen in de vele demonstraes, betogingen, manifestaties en ïzettingen, die als vormen van rotest tegen zijn beleid waren gerganiseerd. Wat dat betreft leek ; onderwijswereld, na jaren van ïzapige rust, er alles op te zetten m 'het volk' te tonen dat ze echt akker was geworden. Het kan niet ontkend worden dat ;ze minister moeite heeft gedaan m de rust te handhaven, integenïel. Vanaf zijn aantreden op 4 noïmber 1982 als minister in het eere kabinet-Lubbers was de bood:hap van Deetman even nuchter s zakelijk. De onderwijswetgeving loest op orde komen. Daarbij ond en staat de vrijheid van onerwijs voor hem niet ter discussie, 'aarnaast wilde hij de structuur het onderwijs geschikt maken 3or de komende decennia. Maar voor alles wilde hij in fiancieel opzicht orde op zaken steln. Daarbij keek hij als vakminis:r niet alleen naar zijn departelent. Nee, als loyaal teamlid van et kabinet werd hij er niet moe an om bezuinigingen, die soms raconisch leken, te verdedigen als oodzakelijk voor de terugdringing .gevochten als een leeuw.. van het financieringstekort. Immers, de toekomstige generatie wilde hij niet opzadelen met een niet te overziene rentelast, als gevolg van in het heden aangegane schulden.

Niet populair

Deze duidelijke boodschap- wilde Deetman niet 'verpakken' in allerlei ideologische verhalen. Daarom liet hij niet na om de partijbonzen in zijn eigen CDA eens fors op te tenen te gaan staan, door openlijk te verklaren dat hij de zorgzame samenleving of de verantwoordelijke samenleving niet nodig had om de burgers te vertellen, dat er bezuinigd moet worden. Met zulke uitspraken maakt de volbloed CDA'er zich in eigen kring niet echt populair.

Nuchterheid en zakelijkheid zijn Deetmans grote kracht, vooral als hij die eigenschappen weet te verpakken in een goede tactiek. De op 3 april 1945 in Den Haag geboren onderwijsminister moet het niet hebben van zijn vermogen om een wervend verhaal of gloedvol betoog te houden. Hij is terdege een gedreven bewindsman, die keihard werkt, maar weinigen zullen iets van die bezieling merken. Hij is op z'n best als hij in een niet te groot gezelschap voor de vuist weg spreekt.

De carrière van de CHU'er Willem Joost Deetman bleef tot nu toe beperkt tot het onderwijs. Nog tijdens zijn studie politicologie aan de Vrije Universiteit in Amsterdam -die hij cum laude afsloot— deed hij, het was in 1968, zijn eerste werkervaring op als deeltijd-medewerker bij de Besturenraad protestants-christelijk onderwijs in Voorburg. Zijn toenmalige directeur, drs. B. de Haan, is nu de hoogste ambtelijke baas, secretaris-generaal, op zijn ministerie.

Secretaresse

Nadat hij afgestudeerd .was, kwam hij volledig in dienst van de Besturenraad. In de tien jaar, dat hij daar werkte, bracht hij het tot directeur van de Afdeling VWO/HAVO/MAVO/Opleidingsonderwijs en vice-voorzitter van de HBO-Raad. Naast werkervaring leverde de Besturenraad Wim Deetman nog meer op: hij trouwde met een van de secretaresses. Margriet Dijkstra. Het echtpaar heeft twee kinderen, Martine van bijna zeventien en Egbert van dertien jaar.

Door zijn werk bij de Besturenraad leerde Deetman het Nederlandse onderwijsbestel grondig kennen. Zijn politieke interesse bracht hem ertoe lid te worden van de CHJO, de organisatie van CHUjongeren. In Gouda, waar hij nog woont, werd de jonge politicoloog al snel lid van het bestuur van de CHU-kiesvereniging en gemeenteraadslid, later voorzitter van de CHU-fractie. Zijn politieke ster bleef rijzen, zodat hij in januari 1978 z'n intrede deed in de CDAfractie in de Tweede Kamer.

Binnen die fractie werd Deetman uiteraard onderwijsspecialist, maar daardoor kreeg hij weinig bekendheid. Nee, de CDA'er kwam pas echt in het nieuws als woordvoerder van de CDA-fractie bij de behandeling van de abortuswet van de ministers Ginjaar en De Ruiter. Alom oogstte hij lof voor de manier waarop hij de intern verdeelde fractie nagenoeg op één lijn wist te krijgen. Daardoor werd dit wetsvoorstel door de Kamer aangenomen.

Levensovertuiging

Hiermee is Deetman ten voeten uit getekend. Vanuit zijn CH-achtergrond heeft hij voluit gekozen voor het CDA, voor een partij, die zich in haar beleid schikt naar wat de meerderheid van haar kiezers wil. Zeker, Deetman, serieus lid van de hervormde gemeente in Gouda, hanteert voor zijn privéleven principes, die ontleend zijn aan de Bijbel. Maar die levensovertuiging mag de overheid, volgens hem, niet aan het volk opleggen.

In de visie van Deetman leidt de overheid het volk niet, maar volgt ze veel meer, om aldus in wet- en regelgeving, ook in zijn ogen onaanvaardbare, ethische ontwikkelingen zoveel als mogelijk is in te kaderen. Overigens heeft deze minister bewezen dat hij beschikt over een grote dosis invoelingsvermogen voor mensen en groepen in de samenleving, die aan de Bijbel ook gezag toekennen voor het staatkundige leven en die daarnaast voor hun kinderen onderwijs begeren overeenkomstig hun belijdenis.

Na vier jaar kamerlidmaatschap werd Deetman in september 1981 in het tweede kabinet-Van Agt benoemd tot staatssecretaris van onderwijs. Het is bekend dat hij het met zijn minister, dr. J. A. van Kemenade, wonderwel kon vinden. In de visie op onderwijs verschilden beide bewindslieden niet zo heel veel van elkaar. Voor de eerste fase van het voortgezet onderwijs werd de gedachte aan het driejarige voortgezet basisonderwijs (vbao) in het leven geroepen, waarin de socialistisch getinte middenschool van Van Kemenade werd doordrenkt van de christen-democratische ideeën.

Animo

Dit kabinet was geen lang leven beschoren. Nadat de socialistische bewindslieden het veld hadden geruimd, werd Deetman minister van onderwijs en wetenschappen in het derde kabinet-Van Agt, dat vijf maanden —van mei tot november 1982— regeerde. Deze ministerszetel bleef Deetman aanvankelijk met veel en later met wat minder animo bezetten, tot op de dag van vandaag.

En de pedagogische provincie heeft het geweten dat Deetman minister van onderwijs was in het nononsense kabinet-Lubbers. Hij begon met het opruimen van een financieel vuiltje van zijn voorganger, de liberaal dr. A. Pais. Er moest een gat gedicht worden van 278 miljoen gulden. Geen nood, alle onderwijsgevenden werd 1,65 procent -het werd uiteindelijk 1,85 procent— gekort in hun salaris. Wel, dat leverde het beeld op van tienduizenden tierende, schreeuwende en spotliedjes zingende pedagogen op het Malieveld in Den Haag.

Maar terwijl de honden blaften, trok Deetmans karavaan onverdroten verder. Dat kon hij zich ook veroorloven, want in de vier jaar van Lubbers-I kon deze bewindsman rekenen op een grote dosis van sympathie in de Staten-Generaal. Niet alleen de regeringsfracties CDA en VVD steunden hem in zijn beleid, zelfs de PvdA stond welwillend —uiteraard voorzover een oppositiefractie zich dit kan permitteren— tegenover deze bewindsman. In de benadering van de Kamer toonde de minister een tactisch inzicht, opgedaan tijdens zijn kamerlidmaatschap.

Boekhouder

Mede daardoor kon Deetman op het gebied van wetgeving erg veel realiseren, terwijl hij ook zijn bezuinigingen er door kreeg. Vooral door die bezuinigingen en de zakelijke en nuchtere presentatie daarvan kreeg de bewindsman al snel het etiket opgeplakt van de kouwe, keiharde, kille boekhouder, die 'helaas' toevallig op onderwijs terecht was gekomen. Toch past dat etiket hem niet. Insiders weten dat hij in het kabinet jaar in, jaar uit als een leeuw voor onderwijs heeft gevochten.

En dat deed hij niet zonder succes. Daardoor is per saldo dit ministerie in allerlei bezuinigingsrondes steeds ontzien. Hoewel dus de bezuinigingen op zich als pijnlijk werden ervaren, had het allemaal nog erger kunnen zijn. Eén ding kreeg Deetman niet voor elkaar: de vernieuwing van de eerste fase in het voortgezet onderwijs.

Deels heeft de minister de oorzaak hiervan bij zichzelf te zoeken. In te korte tijd haalde hij te veel overhoop. Ondanks alle tactisch vernuft was hier toch wel sprake van een verkeerde strategie. Bovendien ging een deel van de processen nog gepaard met een bezuinigingstaakstelling. Nou, dan moet alles wel buitengewoon soepel verlopen, wil er nog iets van waardering overblijven. En alles verliep niet soepel. De invoering van de studiefinanciering is daarvan een sprekend voorbeeld.

Geruchten

Desondanks kon Deetman aan het eind van Lubbers-I redelijk tevreden terugkijken. Volgens de geruchten wilde hij in het tweede kabinet-Lubbers, dat op 14 juli 1986 werd beëdigd, wel minister worden, maar dan niet meer van onderwijs. Binnenlandse Zaken zou zijn voorkeur hebben. Evenwel bleef hij de hoogste baas in de Zoetermeerse onderwijsburcht. En toen begon het getij te keren.

Afgezien van wat kleinere betogingen bleef het onderwijsveld in de laatste jaren opvallend rustig. Zelfs het plan om de basisvorming in de eerste drie leerjaren van het voortgezet onderwijs in te voeren vermocht maar weinig hartstocht op te roepen. Geheel anders werd Deetmans positie ten opzichte van de Tweede Kamer. De welwillendheid was omgeslagen in onwelwillendheid, in tegenwerking.

De oppositie van de PvdA is ontdaan van persoonlijke sympathie en dus keihard. Coalitiepartner VVD doet alles om duidelijk te maken dat ze tegenover deze bewindsman zeer kritische staat en vanuit de verwante CDA-fractie is er nauwelijks steun. Binnen het CDA werd Deetman eind vorig jaar en begin dit jaar als een melaatse behandeld. Deze houding van de eigen partij heeft de minister gekrenkt.

Want ondanks alle nuchterheid en zakelijkheid hecht Deetman zeer aan zoiets als een vertrouwensbasis, waarop hij zijn beleid kan bespreken en desnoods verdedigen in 'zijn' partij. In het vorig jaar december gehouden debat over de chaos bij de studiefinanciering stond de minister letterlijk en figuurlijk alleen tegenover een zeer kritische Kamer. Het was een pijnlijke en ontnuchterende ervaring voor hem.

Onzekerheid

Heeft het met het ontbreken van die basis te maken, dat er wat onzekerheid te bespeuren is in het beleid van Deetman? Niet alle voorstellen worden met evenveel overtuiging gebracht. Bovendien laat hij de Kamer buitengewoon veel ruimte om zijn voorstellen te veranderen. De recent aangenomen Harmonisatiewet collegegelden is daarvan een sprekend voorbeeld.

Op 30 april veegde Deetman in een interview in Trouw de vloer aan met het regeerakkoord en onderdelen van het kabinetsbeleid. Natuurlijk deed dat heel wat stof opwaaien. Maar per saldo bereikte de bewindsman wat hem voor ogen stond. Zowel fractievoorzitter De Vries als premier Lubbers suste de zaak, maar dan wel zo dat het akkoord heel wat verloor van het karakter van de befaamde wet van Meden en Perzen.

Het is te betwijfelen of Deetman nog ambitie heeft om weer minister van onderwijs te worden in een volgend kabinet van CDA/VVD-signatuur. Wat zijn ambities wel zijn houdt hij zorgvuldig verborgen. Loyaal zal hij, in alle zakelijkheid en nuchterheid, zijn karwei op onderwijs afmaken. Of daartoe ook invoering van de basisvorming behoort, moet worden afgewacht. In dat geval zijn tijdens zijn bewind alle sectoren van het onderwijs op zijn operatietafel geweest. Dat kan geen andere minister van onderwijs hem nazeggen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 9 augustus 1988

Reformatorisch Dagblad | 12 Pagina's

De weg van de zakelijke en nuchtere Deetman gaat in onderwijsveld èn Kamer niet over rozei

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 9 augustus 1988

Reformatorisch Dagblad | 12 Pagina's

PDF Bekijken