Bekijk het origineel

Joegoslavische politici moeten opstappen

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Joegoslavische politici moeten opstappen

Suvar en Milosevic in de clinch over Tito

2 minuten leestijd

BELGRADO — De minister van binnenlandse zaken van de zuidelijke Joegoslavische deelrepubliek Montenegro, Lazar Djodjic, heeft gisteren zijn ontslag ingediend. Dat heeft het persbureau Tanjug bekendgemaakt. Uit uitlatingen van Stefan Korosec, een secretaris van het Centraal Comité van de federale communistische partij, is inmiddels gebleken dat drie vooraanstaande Joegoslavische leiders volgende week het veld moeten ruimen.

Het gaat in dit geval om de Joegoslavische vice-president Stane Dolanc, Marjan Orozen, het hoofd van de officiële vakbond, en Janez Zemljaric, een van de twee vice-premiers. Zij zijn de eerste drie leiders van wie bekend is geworden dat zij maandag, tijdens een vergadering van het Centraal Comité, van het politieke toneel zullen verdwijnen. Men verwacht dat er dan nog veel meer partijleden hun zetel zullen verliezen.

De Montenegrijnse minister Djodjic bood zijn ontslag aan tijdens een vergadering van de Montenegrijnse regering. Op hem was harde kritiek geleverd omdat hij in het afgelopen weekeinde de politie had gelast een einde te maken aan betogingen in Titograd en Niksic.

De autoriteiten in Montenegro hadden „dringende maatregelen" aangekondigd om verdere massabetogingen te voorkomen. Het ontslag van minister Djodjic wordt gezien als een poging van de autoriteiten om de spanningen in Montenegro te verminderen.

Botsing

Tijdens een vergadering van het Politburo van de federale communistische partij in Belgrado is het gisteren tot een botsing gekomen tussen de Servische partijleider Slobodan Milosevic en de federale partijleider Stipe Suvar over de erfenis van Josip Broz Tito.

Het. Politburo besprak een verklaring die op 19 juni door een aantal vooraanstaande intellectuelen was opgesteld. Tito werd hierin verantwoordelijk gesteld voor de problemen waar Joegoslavië momenteel mee te kampen heeft. Suvar noemde het document „een aanval van Servische nationalisten op Tito" en beschuldigde de Servische communisten ervan geen kritiek te hebben geleverd op het document, aldus Tanjug. Milosevic achtte de uitlatingen van Suvar „ongepast", omdat de Serviërs naar zijn zeggen als eersten de verklaring hadden aangevallen.

Kranten in Belgrado meldden gisteren dat in Servië en Montenegro nieuwe nationalistische demonstraties waren afgelast, kennelijk in navolging van een eerdere waarschuwing van president Dizdarevic. Volgens zegslieden zijn in verband met de toenemende onrust in verschillende delen van Joegoslavië politie, leger en burgermilitie in verhoogde staat van paraatheid gebracht.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 14 oktober 1988

Reformatorisch Dagblad | 28 Pagina's

Joegoslavische politici moeten opstappen

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 14 oktober 1988

Reformatorisch Dagblad | 28 Pagina's

PDF Bekijken