Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Is het moment van Libanons uiteenvallen eindeKjk gekomen r

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Is het moment van Libanons uiteenvallen eindeKjk gekomen r

Beiroet heeft geen president, maar wel twee regeringen

10 minuten leestijd

BEIROET — Twee leden van de sji'itische Amal-militie vuren met hun machinegeweer schoten af op hun tegenstanders, die behoren tot de pro-Iraanse Hezbollah.

hebben juist altijd een integraal onderdeel willen uitmaken van de Arabische wereld. De wens om deze idealen te realiseren heeft voor een hevige strijd om de politieke macht in Libanon gezorgd.

Meer invloed van Syrië betekent meer arabisme en grotere invloed van moslims. Ook de Grieks-orthodoxe Michael Daher, de enige kandidaat bij een tweede verkiezingspoging in september, staat een voor de moslims gunstiger verdeling van de macht voor.

Niet ten onrechte wijst de islamitische gemeenschap van Libanon op de onredelijke machtsverdeling. In 1943 is de toenmalige politieke structuur versteend in het "Nationale Pact".

Omdat de christenen toen een (krappe) meerderheid vormden, werd vastgelegd dat de president altijd een maronitisch christen moet zijn, terwijl de premier uit de soennitische gemeenschap van moslims dient te komen. De voorzitter van het parlement is altijd een sji'itische moslim. Nu de moslims inmiddels een ruime meerderheid van 60 procent vormen, maken ze aanspraak op het presidentsambt.

Interim-regering

De maronieten peinzen er niet over hun machtspositie op te geven. Dat het Nationale Pact niet werkt, is nu wel duidelijk.

Toen het president Amin Gemayel duidelijk werd dat na zijn aftreden geen nieuwe president zou worden gekozen, probeerde hij te voorkomen dat dit machtsvacuüm door de moslims zou worden benut om hun politieke macht te vergroten. Hij benoemde vlak voor zijn aftreden op 22 september legerleider Michel Aoun tot hoofd van een militaire interim-regering.

Aoun beloofde: „Wij willen democratische en vrije presidentsverkiezingen mogelijk maken... Wij staan aan het hoofd van de regering om voor een geschikte atmosfeer te zorgen".

Zijn belofte wordt nauwelijks serieus genomen. De aanstelling van deze interimregering lijkt het meest uitgelezen recept voor de definitieve scheiding van Libanon in twee of meer staten.

fStaatsgreep"

Het "kabinet" van Michel Aoun bestaat uit drie christenen. De twee moslims en een Druus die daarnaast door Gemayel werden benoemd, bedankten voor de twijfelachtige eer. Het zittende kabinet onder minister-president Selim alHoss verwerpt dat driemanschap als "illegaal", en beschouwt zichzelf als de wettige regering.

De militieleiders in het westelijk stadsdeel gaan een stap verder. Nabih Berri van de Amal-beweging sprak van "een staatsgreep". Marwan Hamadi, met Walid Joumblatt, leider van de Druzen, noemde generaal Aoun „een man die lijdt aan een Bonaparte-Hitler-hysterie".

De regering-Hoss had eerder haar ontslag aan Gemayel aangeboden, maar trok dat weer in op 2 september, toen duidelijk werd dat Gemayel van plan was een nieuw kabinet met een christelijke premier aan te stellen. Gemayel meent BEIROET Strijders van de sji'itische Amal tonen portretten van hun leider, Nabih Berri, en van Berri samen met de Syrische president, Hafez al-Assad. dat het tegen de grondwet ingaat dat Selim al-Hoss het ontslag van het kabinet introk. Hoss is plaatsvervangend premier sinds in juni 1987 premier Rashid Karami werd •vermoord.

Omdat Karami kort voor zijn dood het ontslag van zijn kabinet indiende, is Gemayel van mening dat een plaatsvervanger niet het recht heeft die ontslagaanvraag weer in te trekken. Toen Karami zijn ontslag indiende, heeft Gemayel dat overigens niet geaccepteerd.

Partijman

Syrië heeft zich geheel achter het kabinet van Selim al-Hoss gesteld. In Washington is geen keus gemaakt. Wel werd besloten de ambassadestaf in Oost-Beiroet uit te dunnen. Daniel Simpson, de Amerikaanse zaakgelastigde in Beiroet, dreigde op een persconferentie vlak voor de aanstelling van de tweede regering dat in geval van twee regeringen geen van beide erkend zal worden door de Verenigde Staten.

Velen wijzen verwijtend naar Amin Gemayel. Hij werd zes jaar geleden president, nadat zijn broer Basjir was vermoord. De meeste Libanezen hadden in Basjir, die bijna unaniem werd gekozen, de mogelijke "redder" van Libanon gezien.

De schok van de Israëlische inval eerder die zomer had de hoop gewekt dat de Libanezen hun onderlinge strijd zouden vergeten om hun land te herbouwen. Nadat Israël de PLO had verslagen en nadat de Syrische troepen zich hadden teruggetrokken in de Bekaavallei, was de christelijke coalitie in Libanon oppermachtig. Amin Gemayel gebruikte zijn positie echter niet om de politieke wanverhoudingen te herstellen. Moslims en Druzen beschuldigen hem ervan meer als leider van de Kataeb-partij van de Libanese Strijdkrachten dan als president van alle Libanezen te hebben gehandeld, en oppositieleiders als Walid Joumblatt beschouwen Gemayel als "zetbaas" van die christelijke Libanese Strijdkrachten.

Geen verdeeld land

Syrië heeft er steeds op aangedrongen dat Gemayel met het officiële leger onder Michel Aoun een eind zou maken aan de militie in Oost-Beiroet, en Damascus gaf zelf het voorbeeld door in april 1987 West-Beiroet te bezetten en de moslimmilities te ontwapenen.

Syrië is niet gediend van een verdeeld Libanon, en wenst een sterk pro-Syrisch leiderschap in Beiroet. Om die reden heeft Syrië zich ook intensief bezig gehouden met het vinden van een goede kandidaat om de zetel van Gemayel over te nemen. Syrië bezet met een leger van 30.000 man 65 procent van het land, dus zonder Syrische steun is elke kandidaat kansloos.

De Syrische leiders zijn ernstig geïsoleerd in het Midden-Oosten, en voelen er niets voor hun rol in Libanon op te geven. Syrië heeft bovendien nog nooit afstand genomen van zijn "Groot-Syrische" idealen die in Libanon een Syrische provincie zien. Er is geen president, geen voorzitter van het parlement en er zijn maar liefst twee premiers.

Geloofwaardig

Hafez al-Assad heeft in alle discussies over mogelijke kandidaten vastgehouden aan de eis dat de man geloofwaardig moet zijn en sterk genoeg om constitutionele hervormingen door te drukken.

Damascus verdedigt deze inmenging door te wijzen op de rol die zij speelt als verdediger van de Arabische belangen in Libanon en op de ondankbare taak die zij op zich heeft genomen om in West-Beiroet de orde te herstellen.

De Libanese Strijdkrachten van Geagea zijn niet onder de indruk. Zij hebben al gezegd „nog liever het maronitische hartland van Libanon af te scheiden dan een Syrisch dictaat te aanvaarden".

Aanvankelijk waren Damascus en Washington overeengekomen dat Michel Aoun een geschikte presidentskandidaat zou zijn. De voorwaarde van Syrië was echter dat Aoun ,eerst de Libanese Strijdkrachten van Samir Geagea zou knevelen.

Aoun wilde maar wat graag met zijn reguliere leger de kracht van zijn aartsvijand Geagea breken, maar werd op het laatste moment weerhouden door Gemayel. Michel Aoun voldeed dus niet aan de wensen van Hafez al-Assad, en viel daarom weer uit de gratie in Damascus.

Murphy

Een bezoek van de Amerikaanse "probleemoplosser" Richard Murphy kwam te laat. Syrië zocht het niet langer in een compromis-kandidaat, maar in de "eigen man", Franjieh. Damascus was toch al bang dat de roep om een "compromis-kandidaat" een truc is om de rol van Syrië in Libanon terug te dringen.

De volte-face van de Syriërs door Franjieh in plaats van Aoun te steunen werd ook veroorzaakt door irritaties over de omslag in het beleid van het Witte Huis. Een tijd lang heeft Washington gemeend de banden met Assad te moeten versterken vanwege de centrale rol van Syrië in het Midden-Oosten. De laatste tijd is Washington de rol van Syrië weer gaan onderwaarderen.

Analysten menen dat dit vooral komt doordat Irak weer opkomt als Arabische macht na de wapenstilstand in de Golf. Washington steunt nu dus weer de vorming van een breed anti-Syrisch front, met Egypte, Jordanië, de Golfstaten, de PLO en, naar het schijnt, de Libanese Strijdkrachten van Geagea.

Verbale oorlog

In de escalatie van de verbale oorlog tegen de VS beschuldigde WASHINGTON De Libanese maronitisch-christelijke patriarch van Antiochië en het Oosten, Nasrallah Peter Sfeir, wordt hier begroet door de Amerikaanse minister van buitenlandse zaken, Shultz (rechts). Damascus de Amerikaanse leiders van het blokkeren an de Libanese verkiezingen. In de regeringskrant Tichrin stond op 29 augustus: „De Verenigde Staten hopen dat door een patstelling in de verkiezingen een constitutioneel vacuüm kan worden teweeggebracht waardoor ( de Libanese crisis in een volgende fase komt en de zionistische vijand weer kan ingrijpen".

Hafez al-Assad begrijpt blijkbaar niet dat de zienswijze van Washington en Tel-Aviv sterk op de zijne gelijkt.

Syrië, Israël en de VS willen alle drie bij voorkeur een sterk en verenigd Libanon. Assad wil natuurlijk een sterke president met pro-Syrische opvattingen, terwijl Israël en de VS een Libanon met een prowesterse houding wensen. Syrië, Israël en Amerika staan echter op hetzelfde standpunt dat een zwak en verdeeld Libanon altijd nog beter is dan een verenigd Libanon dat

Uri Lubrani, coördinator van Isralische zaken in Libanon, zei dat de verkiezing van een Libanese president, „die een stuk speelgoed is in de handen van Syrië een obstakel betekent voor Israels terugtrekking uit de veiligheidszone". ington en Tel Aviv weten de heren dat een compromis het hoogst haalbare is, omdat geen van de partijen sterk genoeg is haar zin door te altijd nog beter dan de huidige anarchie. Door het gebrek aan centraal gezag in Beiroet moet Israël telkens paraat blijven tegen terroristische plaagstoten aan haar noordelijke grens. Een bezoek van Murphy aan Damascus in september had tot gevolg dat men ook daar met de meer gematigde Michael Daher toch weer het compromis zocht.

Ook Damuscus heeft per slot van rekening liever een compromis dan anarchie in haar buurland. Anarchie kan erg besmettelijk zijn voor Syrië, omdat de leiders van Syrië immers bijna allen afkomstig zijn uit de minderheidsgroep der Alawieten, een islamitische sekte.

Economische onvrede kan in dat land bovendien gemakkelijk leiden tot sektarische opstanden. Nog maar enkele jaren geleden heeft Syrië ten koste van 30.000 doden de stad Homs, "gedesinfecteerd" van islamitisch fundamentalisme.

'Warlord' Geagea

De Libanese Strijdkrachten zijn de laatste weken duidelijk versterkt in hun positie, doordat Irak zich achter de militie opstelt met wapenleveranties. Irak helpt maar wat graag de vijanden van Syrië. De christelijke militie weet zich ook verzekerd van Israëlische steun als Syrië met geweld een eind aan haar positie zal proberen te maken, omdat de troepen van Geagea altijd pro-Israëlisch zijn geweest en Israël ten koste van alles wil voorkomen dat de Syrische troepen de enige

Zelfs de PLO, die in hevige onmin met Syrië leeft, lijkt nu steun te geven aan de militie van Geagea. De PLO, Israël en Irak helpen dus ben momenteel ook niets te vrezen van het officiële leger van Aoun. Geagea en Aoun, die elkaar wel kunnen schieten, hebben door de vergrote tegenstellingen tussen Oost- en West-Beiroet de strijdbijl gen in Aoun aanvankelijk een Syrische marionet, terwijl de militie van Geagea een aantasting van de macht van Aoun met zijn officiële leger betekende. Aoun en zijn alternatieve kabinet kunnen nu niet zonder de steun van Geagea, die als 'warlord' de potentiële christelijke 'onderdanen' van het kabinet beheerst.

Centrale Bank

Of de strijdbijl lang begraven blijft, is maar de vraag. Aoun zal waarschijnlijk wel met West-Beiroet willen onderhandelen als hij zijn positie sterk genoeg acht. Om door het islamitische West-Beiroet erkend te worden, moet hij echter eerst een eind maken aan de onafhankelijke militie van Geagea.

Nu "Oost en West" zich lijken in te graven in hun posities kan de Centrale Bank wel eens een grote rol gaan spelen. Die instelling die de belangrijkste fondsen van de regeling(en) beheerst, ligt in WestBeiroet. De directeur van de Centrale Bank Edmond Naïn deelde mee geld te zullen overmaken naar beide regeringen, maar alleen voor fundamentele behoeften als salariëring en brandstofkosten.

Al direct na de aanstelling van de tweede regering gingen geruchten dat de regering-Hoss zich de goudreserves in de Centrale Bank zou toeëigenen. Wellicht zal de toegang tot die fondsen de beslissende rol gaan spelen zodat Oost-Beiroet en de regering-Aoun met de militie van Geagea zich wel moeten neerleggen bij de financiële feiten. Als de regering-Hoss zich de nationale reserves toeeigent, kan Aoun echter evengoed besluiten de economie van christelijk Libanon nog sterker los te maken van het geldcircuit in West-Beiroet. Geagea's militie heft toch al eigen belastingen in OostBeiroet, dus de basis voor een alternatieve economie is voorhand^.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 27 oktober 1988

Reformatorisch Dagblad | 20 Pagina's

Is het moment van Libanons uiteenvallen eindeKjk gekomen r

Bekijk de hele uitgave van donderdag 27 oktober 1988

Reformatorisch Dagblad | 20 Pagina's

PDF Bekijken