Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Een verrassing in 't hok

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Een verrassing in 't hok

6 minuten leestijd

O, wat zijn Okko en Hermen nieuwsgierig. Zij zien aan papa's gezicht dat er een verrassing is. „Toe papa", zeuren ze, „toe, vertel ons nou gauw wat er voor een verrassing is, we zijn zo benieuwd". Papa doet heel geheimzinnig. Hij zegt: „Ik weet niet of ik het wel vertellen mag". „Nou, kom mee, dan vragen wij het aan mama", roept Hermen. En roets... daar rennen de jongens al, op zoek naar mama. „Mam, wat is er voor een verrassing?" Mama lacht ook wat, zij zegt: „Heeft papa het jullie niet verteld? Nou, luister goed. Er is iets gekomen. Het is groot en het is twee keer bruip en één keer wit". Twee keer bruin en één keer wit? Wat is dat voor een raadsel? „Waar staat het dan?" vraagt Okko.

„Dat vertel ik lekker toch niet, dat mogen jullie zelf uitvinden", zegt mama. Nou, dat is leuk zeg. De jongens beginnen direct te zoeken. Eerst in de kamer. Daar is niets bijzonders. Dan in de keuken. Nee, daar staat ook niets groots. In de slaapkamers dan? Staat daar de verrassing? Ach nee, ook al niet.

Nu komen Okko en Hermen in de gang bij de wasmachine... Ja, daar staat een boodschappendoos... Ha, hier zit het vast in! Ze trekken de doos open en... Wat zit erin? Och, alleen maar drie broden, twee bruine en één witte... Dat is toch geen verrassing? Ze laten de doos aan papa en mama zien. Ze kijken zo sneu...

Papa en mama hebben plezier. Ze vragen: „Nou, klopt het of niet? Er zitten toch twee bruine en één witte in?" Hè bah, de jongens vinden er niets aan. „Dit is geen verrassing en het is ook niet groot", mopperen ze. „Nee, dat is zo", zegt papa. „Zoek dan nu maar es in de schuur of in destal".

Aha, is de verrassing daar? Vlug trekken de jongens hun laarzen aan. Ze rennen de stal in. De stal is leeg, er staan geen koeien in. Waar is de verrassing nu? „Hé Hermen hier, kijk hier", schreeuwt Okko opeens. Hij is het eerst bij het schapenhok gekomen. Dat hok is ook altijd leeg, maar nu... nu staan er drie schapen in! Die scha)en kijken naar hun alsof ze wilen zeggen: Hè, hè, eindelijk hebben jullie ons gevonden. •

Ja, dit is de verrassing! De jongens weten het zeker, kijk maar: twee schapen zijn bruin en een is wit. Het raadsel klopt precies. Ze rennen blij naar de keuken. Ze roepen: „Wij hebben het gevonden! Er zijn schapen gekomen in het schapehok!" „En vinden jullie het ook leuk?" vragen papa en mama. „Ja, natuurlijk vinden wij het leuk. Mogen ze blijven?" vraagt Hermen. „Jazeker", zegt papa, „en over een paar weken krijgen de schapen ook nog lammetjes".

O, dat is prachtig! Wat is dat een mooie verrassing! Okko en Hermen zijn er heel blij mee. Ze willen iedere dag kijken of er al lammetjes geboren zijn... Nu is het drie dagen later... Hermen speelt in de grote schuur. Hij rijdt op zijn speelgoedtractor. Hij trapt hard,... vooruit,... achteruit. Broem, broem. De schuur uit, een gangetje door. Hij rijdt langs het schapenhok, broem... broem... Hé, wat hoort hij daar voor een geluid? Wat is dat? Hermen stopt. Hij luistert. Ja, weer een geluidje: bè,... bè... Het geluid komt uit het schapehok. Hermen loopt naar het hok toe.

Hij klimt op het hek. Hij ziet de schapen. En daar, daarachter in het hok? Daar ziet hij iets wits, iets kleins. Wat is dat?

Hermen klimt over het hek. Dat durft hij best. Voorzichtig loopt hij door het hok. De schapen kijken heel verbaasd naar hem. Wat doet dat jongetje in hun hok? Het jongetje Hermen komt bij de muur. Wat ziet hij nou? Een lammetje, een klein schaapje. Het ligt op het stro.

O, wat lief! Wat een lief lammetje. Hermen aait het lammetje voorzichtig over zijn kopje. Wat is dit lammetje lief. Dan rent hij vlug naar de schuur terug. Hij schreeuwt: „Pap, Okko, kom kijken!" „Wat is er?", roept papa. „O, papa, kom vlug, er is een lammetje geboren! Mag het mee in huis?" Papa zegt: „Mee in huis? Nee

Èvvijeiy
joh, natuurlijk niet. Dit lammetje wil bij zijn moeder blijven. Het wil melk bij zijn moeder drinken. En het wil slapen in het stro". Och, Hermen vindt het jammer dat het lammetje niet in de keuken mag. Daarom gaat hij nu maar iedere dag kijken, samen met Okko. Het lammetje is zo lief. Het kan springen. Het groeit al een beetje. En het loopt zomaar naar Okko en Hermen toe. Het is helemaal niet bang.

Maar op een dag... wat is er met het lammetje? Waarom springt het niet? Waarom ligt het zo stil op het stro? Waarom blaat het zo zachtjes: bè..., bè..., bè? Wat is er aan de hand ? Okko en Hermen zijn ongerust. Ze bekijken het lammetje. Och, dat ene pootje. Wat hgt dat pqotje raar, is het kapot? Okko en Hermen halen papa. Papa bekijkt het pootje ook heel goed. Hij voelt er aan. Hij zegt: „Het is gebroken".

Gebroken? „Hoe kan dat nou gebeuren", vraagt Okko verbaasd. Papa zegt: „Misschien heeft zijn moeder er op gestaan of heeft ze er op gelegen". Arm, arm lammetje. Wat is dit zielig. Gaat het lammetje nu dood?

Papa belt de dierenarts. De dierenarts kan het lammetje wel helpen. Daar komt hij al, hij heeft een koffertje bij zich. Wat zit er in die koffer? Okko en Hermen zijn benieuwd wat de dierenarts gaat doen.

Kijk, hij pakt een stokje. En hij haalt een rol verband uit zijn koffer. Daarna pakt hij voorzichtig het zere pootje. Hij voelt en voelt. Hij legt het stokje langs de poot. En hij rolt het verband er omheen. Om het pootje en om het stokje heen. Nu maakt hij het verband vast. Stevig vast. Zo... klaar. De dierenarts gaat weg. Okko en Hermen kijken naar het lammetje. Gaat het nu staan? Nee, het blijft liggen. Okko vindt het zo zielig. Hij zegt: „Het lammetje heeft honger, het kan nu niet bij zijn moeder drinken". O nee, dat is erg. Hoe moet dat nou? Papa tilt het lammetje op. En hij houdt het kopje zó dat het lammetje bij zijn moeder kan drinken. Dat vindt het lammetje fijn. Het zwaait met zijn kleine staartje. Dan wil het weer slapen.

De volgende morgen rennen Okko en Hermen weer naar het schapenhok. Hoera, het lammetje staat... op drie poten! Het witte verband is vies geworden. Maar dat is helemaal niet erg. Het verband mag wel vies worden. Maar het mag niet los gaan. Het moet stijf blijven zitten. Net zolang tot het lammetje weer beter is. Net zolang tot het lammetje weer kan lopen op... een... twee... drie... ja, op al zijn vier pootjes.

Dit artikel werd u aangeboden door: Reformatorisch Dagblad

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 14 april 1989

Reformatorisch Dagblad | 28 Pagina's

Een verrassing in 't hok

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 14 april 1989

Reformatorisch Dagblad | 28 Pagina's

PDF Bekijken