Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Naam Robespierre blijft verbonden met terreur van de Franse Revolutie

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Naam Robespierre blijft verbonden met terreur van de Franse Revolutie

iDe revolutionaire rode muts paste hem niet, elke dag kwam de kapper thuis zijn pruikje poederen

9 minuten leestijd

De naam Robespierre roept nog altijd verschillende reacties op. Voor sommigen is hij een lichtend voorbeeld op het revolutionaire pad, voor anderen blijft hij een boeman met vele misdaden op zijn conto. Hoe dan ook, zijn naam blijft verbonden met de ergste fase van de Franse Revolutie, met de terreur van de jaren 1793-1794.

Maximilien Robespierre was afkomstig uit Arras^de Franse naam van de Vlaamse stad Atrecht, in NoordFrankrijk. Daar werd hij in 1758 geboren in een burgerfamilie die voornamelijk juristen had voortgebracht. Ook Maximilien studeerde rechten. Hij werkte daarna met enig succes als advocaat in zijn geboorteplaats. Wellicht dat hij daar zijn leven als eerzaam burger zou hebben gesleten, als hij niet in het revolutionaire vaarwater terecht was gekomen. Toen de Staten-Generaal in 1789 bijeenkwamen, was Robespierre erbij als afgevaardigde van zijn provincie. Aan de eerste fase van de revolutie nam hij wel deel, maar onder de vele mannen van talent nam hij geen bijzondere plaats in. Allen wensten zij een nieuwe staat, waarin ook de burgerlijke klassen een uitweg voor hun mogelijkheden zouden vinden. Mogelijkheden die tot dan toe door de adel waren geblokkeerd.

Onverbiddelijk

Intussen volgde de revolutie na 1789 haar onverbiddelijke loop: Steeds meer kregen geweld en terreur de overhand. „De revolutie eet haar eigen kinderen op", zegt men wel eens. Daar wordt dan mee bedoeld dat elke revolutie de neiging heeft steeds radicaler te worden.

In Frankrijk waren het vooral de jacobijnen die steeds verdergaande maatregelen doordreven. Zij waren verenigd in een club, waarvan Robespierre sinds 1790 voorzitter was. Er moest een republiek komen, waarin deugd en redelijkheid de toon zouden aangeven: Weg met de koning, weg met de adel, weg met het christendom! Ook moesten er maatregelen worden genomen ten gunste van de armen. Maar de jacobijnen waren burgerlijke revolutionairen: Zij wensten geen algehele sociale omwenteling.

Heilloze weg

Politiek gezien was men op een heilloze weg. Eind 1792 werd koning Lodewijk XVI voor een rechtbank gedaagd; in januari van het volgend jaar werd hij tot afgrijzen van Europa ter dood gebracht als 'tiran'. In oktober volgde zijn vrouw. Marie Antoinette, hem naar het schavot. Tal van andere slachtoffers maakten dezelfde gang naar de guillotine, allen veroordeeld in naam van de vrijheid. Hoeveel mensen zijn er onder die leus niet vermoord in de geschiedenis! De Engelsman Burke sprak in die tijd een waar woord toen hij erop wees dat deze „progressieven" er niet voor terugschrokken uit verklaarde liefde voor de mensheid in het algemeen tal van individuen uit te roeien, wier enige misdaad gewoonlijk daarin bestond dat zij tot de vroegere aanzienlijken behoorden. In 1792 kwam in Parijs de Conventie bijeen. Deze nationale vergadering was gekozen met algemeen kiesrecht voor mannen: Voor die tijd een zeer democratisch beginsel. Binnen de Conventie vormden de jacobijnen een luidruchtige minderheid: De Montagne (de Berg) werden zij genoemd, naar de hoge zitplaatsen in de vergaderzaal. Onder druk van de gebeurtenissen wisten zij steeds radicalere maatregelen door te voeren. "De jonge Republiek werd namelijk bedreigd door binnen- en buitenlandse vijanden. In de zuidelijke Nederlanden werd oorlog gevoerd met Pruisen en Oostenrijk, en die oorlog verliep slecht voor de Fransen. In het binnenland waren de jacobijnen in een strijd op leven en dood gewikkeld met de girondijnen, de wat gematigder burgerpartij.

Grote terreur

In juni 1793 sloeg het uur voor de girondijnen. Na hun val had de Montagne de macht in handen. Zowel in de vergadering als ook via het Comité voor Openbare Veiligheid, waarvan naast Danton en Carnot ook Robespierre deel uitmaakte. De grote terreur van de jaren 17931794 was het gevolg. Eerst werden de tegenstanders in de provincie aangepakt: Steden als Lyon en Toulon verzetten zich namelijk nog tegen de Parijse revolutie.

Onder leiding van Carnot werden nieuwe legers gevormd, die de opstandige steden onderwierpen. Op bevel van de Conventie moest Lyon met de grond gelijk worden gemaakt. Huizen van aanzienlijken werden gesloopt en honderden mensen werden er vermoord. Bij grote kuilen werden groepen aan elkaar vastgebonden mensen neergezet. Vervolgens werd er met kanonnen van dichtbij op geschoten. Anderen werden geboeid in Stadsprofiel van Parijs, links de twee torens van de Notre-Dame. In november '93 vierden Hébert en de zijnen in deze kerk het feest van de Rede, dat tevens de afschaffing van God inhield. de rivier de Rhone gegooid. Elders dreef men slachtoffers samen op schepen die midden op de Loire tot zinken werden gebracht, de beruchte noyades.

Steeds nieuwe zuiveringen

In Parijs vonden sommigen dit nog niet genoeg. De republiek was in gevaar! Steeds weer vonden er nieuwe zuiveringen plaats, steeds weer bleken mensen corrupt, steeds weer beantwoordden mensen niet aan het ideaal.

De belichaming van dat ideaal was Robespierre. De stijve, preutse en fanatieke afgevaardigde uit Arras beheerste nu de regering. De grote vraag is: Waarom? Hij was geen groot redenaar, een moeizame spreker eerder. Robespierre was geen man van grote gebaren als Danton. Maar een afstandelijke, die vanuit zijn eenvoudige woning over vrijwel alles zijn misprijzen uitsprak. „De onomkoopbare" was zijn bijnaam. Zelf meende hij inderdaad boven het gewoel verheven te zijn. Voor hem geen revolutionaire rode muts: elke dag kwam de kapper thuis zijn pruikje poederen. Uitspattingen van het volk keurde hij af, maar de karrevrachten mensen op weg naar de guillotine deerden hem niet. Integendeel, er konden niet genoeg „tegenstanders" uit de weg worden geruimd. Zijn onkreukbare opstelling won het vertrouwen van velen die in de verwarring het spoor bijster waren geraakt. Vrouwen dweepten soms met hem, maar hij bleef de kuise vrijgezel die zich overigens thuis voegde naar zijn huishoudster. Hij was het type van de dictatot zoals we die al te vaak tegenkomen in de geschiedenis: een Lenin, een Hitler, een Pol Pot. Overigens was Robespierre niet zonder meer een alleenheerser: zijn macht werd enigszins ingeperkt door zijn collega's in de Conventie en in de uitvoerende comités. Bovendien waren er demagogen als Hébert, die het gewone volk beheersten.

Geen atheïst

Robespierre had een afkeer van mannen als Hébert, die een maatschappelijke omwenteHng eisten, en die bovendien ongodsdienstig waren. Robespierre zelf was namelijk geen atheïst; hij had een vast geloof in een Opperwezen. In november '93 vierden Hébert en de zijnen een feest van de Rede, dat tevens de afschaffing van God inhield. Voor het hoogaltaar van de Notre-Dame stonden tafels met worsten en dranken, een actrice nam op het altaar plaats als zinbeeld van de Rede. Robespierres misnoegen was gewekt.

Gelegenheid op te treden ontstond doordat de buitenlandse druk afnam: De Franse legers boekten hun eerste successen. In maart 1794 kwamen de leiders der hébertisten op het schavot. Danton was nu nog over als enige rivaal van betekenis. Danton was in alles het tegendeel van Robespierre: Een revolutionair van het eerste uur, een realist, een avonturier, een levensgenieter, omkoopbaar. Hoewel Danton geen problemen had met bloedvergieten, ging de terreur hem toch te ver. Hij uitte openlijk zijn ontevredenheid. Het kostte hem zijn leven: Via een voorgebakken aanklacht' en een schijnproces liet ook hij het hoofd onder de guillotine. Overigens leverde zelfs de schijn van recht nog te grote vertraging op voor Robespierre: In juni '94 werd een wet aangenomen waarbij het voldoende was voor jury's om iemand te verdenken en hem zonder verder proces te veroordelen. De waanzin maakte honderden slachtoffers per maand.

Feest van Opperwezen

Een paar dagen voordat deze maatregel werd afgekondigd had Robespierre zijn feest van het Opperwezen gevierd: een vertoning waarbij beelden van "ondeugden" werden verbrand, waarna de hogepriester Robespierre het bestaan van het Opperwezen en de ziel afkondigde. Het volk vond het een belachelijke vertoning. Erger was dat er ook in de Conventie om gelachen werd: niets is voor een dictator immers erger dan dat de spot met hem gedreven wordt!

Bovendien vonden velen het nu wel genoeg: Men begon te twijfelen aan het nut van al die moordpartijen. Velen vreesden met recht dat zij spoedig zelf aan de beurt zouden zijn voor de guillotine. De magie van "de onkreukbare" werkte niet meer. Toen jaren na de revolutie een grijsaard werd gevraagd hoe hij als jonge man had kunnen meewerken aan de val van Robespierre, merkte hij heftig op: „Robespierre!... ach! als u zijn groene ogen had gezien, had u hem net als ik veroordeeld".

Het einde kwam via een revolte in de Conventie, waarna Robespierre en de zijnen in het stadhuis gevangen werden gezet. Robespierre lag daar gewond door een pistoolschot op een tafel: niet duidelijk is of hij zelfmoord had willen plegen of dat hij per ongeluk door een pistoolschot van een gendarme was geraakt. Buiten de wet gesteld, was er voor de groep geen proces meer nodig. De volgende ochtend volgde de laatste gang naar het schavot: Het rijk van de „deugd" was voor het moment ten einde.

fotobijschrift: De gedenksteen op het huis waar Robespierre, Rue Saint Honoré 398, zijn Grote Terreur beraamde.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 5 mei 1989

Reformatorisch Dagblad | 28 Pagina's

Naam Robespierre blijft verbonden met terreur van de Franse Revolutie

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 5 mei 1989

Reformatorisch Dagblad | 28 Pagina's

PDF Bekijken