Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

De spelonk van Adullann

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

De spelonk van Adullann

5 minuten leestijd

Toen ging David van daar, en ontkwam in de spelonk van Adullam.

1 Samuel 22: la

Velen menen in onze dagen dat het Oude Testament heeft afgedaan. We zullen het Nieuwe Testament echter nooit kunnen verstaan indien we het Oude niet hebben. Daarin wordt gewezen naar de komende Christus, Die de Inhoud is van de Schrift. Bijzonder in David vinden we een type van de komende Christus in Zijn vernedering en verhoging. In onze tekst wordt over David gehandeld.

Op dit ogenblik vinden we hem in de spelonk van Adullam. Hoe is hij daar gekomen? Dat spreekt van een donkere bladzijde in het leven van deze man Gods. Hij is in grote zonde gevallen.

David had een belangrijke plaats aan het hof gekregen, waar de Heere hem wilde voorbereiden op het koningschap. Maar Saul ziet het gevaar en wil hem doden. David moet vluchten en ten slotte komt hij bij de Filistijnen, die hem herkennen en voor koning Achis brengen. Omdat hij zichzelf aanstelt als krankzinnig, komt hij weer vrij. Hij wordt teruggestuurd naar zijn eigen vaderland. Waar moet hij nu heen? Hij is een verzaker van Gods eer, Saul zoekt hem te doden, de Filistijnen hebben hem weggejaagd, zijn vrouw is aan een ander gegeven, Jonathan kan hij niet bezoeken, zijn familie kan hij niet in gevaar brengen. Daarom verbergt hij zich in deze spelonk. Dit is de zwarte achtergrond.

Davids afwijking is een ernstige waarschuwing voor ons allen, bijzonder voor Gods volk: waakt en bidt, opdat gij niet in verzoeking valt. We komen zo gemakkelijk op de verkeerde weg door de influisteringen van satan, de verleidingen van de wereld en ons eigen boze hart. Wanneer we vlees tot onze arm stellen, dan raken we de innerlijke vrede kwijt. Dat heeft David ondervonden.

Een voorrecht is het te mogen ervaren dat God hem tot deze spelonk heeft gebracht. Ja, het is een onvergetelijke plaats voor hem geworden. Waarom? Omdat de Heere hem hier tot inkeer heeft gebracht. In Psalm 34, die gedicht werd in deze spelonk, erkent David zijn zonden. Wat een voorrecht na zulk een afwijking in de schuld te mogen komen. Hebben we dat ook geleerd? David werd het onwaardig dat de Heere naar hem zou omzien, maar dan mag hij juist God ontmoeten. Is dat niet de ondervinding van de Kerk? Hij slaat toch, schoon oneindig hoog, Op hen het oog, Die need'rig knielen. Zo behoeven we die eenzame vluchteling niet te beklagen in de spelonk van Adullam, want waar de HEERE is, is het goed. David is eenzaam, maar met God gemeenzaam.

Op Gods tijd komen er ook mannen tot hem, hetwelk het begin is van zijn macht. Eerst komen tot hem zijn broeders. Zij moeten Bethlehem verlaten om Davids wil: de hele familie ligt onder het ongenoegen van Saul. Maar ook anderen komen tot hem: En tot hem vergaderde alle man, die benauwd was, en alle man, die een schuldeiser had, en alle man, wiens ziel bitterlijk bedroefd was. We denken niet aan mensen met geestelijke problemen, maar in de eerste plaats maatschappelijke. Ze komen tot David, die zelf een vluchteling is, om bij hem troost en veiligheid te vinden.

Deze mannen zijn er een beeld van hoe de zondaar tot de Heere vlucht. De Heere Jezus moest ook vluchten, Hij werd verdrukt, veracht, vervolgd. Er was geen gedaante of heerlijkheid aan Hem voor het natuurlijk oog. Voor het oog des geloofs is het anders: Hij is de schoonste aller mensenkinderen. Wanneer de Heilige Geest ons gaat leren, dan worden we benauwd, dan gaan we onze schuld zien en worden bitterlijk bedroefd daarover. Hoe nodig is het dit te leren, want dan alleen zullen we als een arme zondaar gaan leren dat bij de Middelaar alleen uitkomst is te vinden.

Zo zijn er misschien onder de lezers die bekommerd zijn vanwege hun zonden. Gods recht eist: betaal waf gij schuldig zijt. Maar ze hebben geen kwadrantpenning in bezit. Ook zijn ze bitterlijk bedroefd omdat ze God kwijt zijn. Toch zullen zulke armen in zichzelf ervaren dat er bij de meerdere David plaats is: die tot Mij komt, zal Ik geenszins uitwerpen. De Heilige Geest gaat in een weg van totale afsnijding een weg openen in Christus, bij Wie alles is te vinden.

ds. A.M. den Boer te Lisse

Dit artikel werd u aangeboden door: Reformatorisch Dagblad

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 2 juni 1989

Reformatorisch Dagblad | 24 Pagina's

De spelonk van Adullann

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 2 juni 1989

Reformatorisch Dagblad | 24 Pagina's

PDF Bekijken