Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Duiken naar oude scheepswrakken

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Duiken naar oude scheepswrakken

Sommige Zeeuwse burgers zijn te chauvinistisch

6 minuten leestijd

VLISSINGEN - Het ben van de middag van 3 fe•uari 1735. VOC-schip 't liegent Hert vertrekt vant de haven van Ramme;ns met bestemming Bataa. Aan een maand van achten op gunstige wind en jd lijkt een einde gekomen, e naar het noordoosten gepaaide storm krimpt sterk, nel wordt door de kapitein 't Viiegent Hert, Corne5 van der Horst, en zijn )llega van de Anna Cathana, in samenspraak met de odsen, de beslissing genolen om te vertrekken. Het de tweede Aziëreis van 't liegent Hert... en tevens jn laatste. Een paar uur iter vergaat het trotse zeil;hip, enkele kilometers bui\n de kust. Alle 256 bemaningsleden komen om het lejn. Aan boord bevinden ich drie kisten met geld, aaronder tweeduizend gouen dukaten.

't vliegent Hert.
Een onderzoek in opdracht van de heeren XVII, de bewindvoerders van  Verenigde Oostindische Compage, wijst uit dat kapitein Van der Voorst de hoofdverantwoordelijke is voor de ramp. Uit de archieven blijkt dat hij de slechte weersomstandigheden en het tij verkeerd heeft beoordeld. Daardoor liep het schip vast op een "drempel" en werd het zwaar beschadigd. Wind en zee deden de rest. Kaartmaker Abraham Anias krijgt nog hetzelfde jaar opdracht de ligging van de gezonken schepen (ook de Anna Catharina was vergaan) in kaart te brengen. Na enkele vergeefse pogingen in 1735 wordt een jaar later met meer succes een deel van de lading geborgen. Bijna twee eeuwen daarna wordt een aantal archiefstukken opnieuw met elkaar in verband gebracht en probeert men het wrak 't Viiegent Hert terug te vinden, een Engelse duikploeg slaagt daarin. In de periode 1982 tot en met 1985 wordt met wisselend succes een aantal vondsten geborgen. In 1986 komt het onderzoek stil te liggen.

De meeste aandacht en -negatieve— publiciteit kreeg de vondst van een van de drie geldkisten in 1983. eel kritiek was er op de houding en andelwijze van het Engelse duikersteam en zijn exentrieke financier  Rose.

Gouden dukaten 

 „En dat is niet terecht", vindt conservator W. Weber van het Stedelijk Museum in Vlissingen. „De voorwerpen van 't Viiegent Hert zijn archeologisch gezien zeer waardevol. We hebben daardoor een beter inzicht kunnen krijgen in het leven op een VOC-schip". Volgens de conservator zijn de gouden dukaten eigenlijk te snel gevonden. Het archeologisch onderzoek raakte daardoor op de achtergrond. „Toen het geld gevonden werd, sloegen bij een aantal duikers de stoppen door. Sommigen kregen dollartekens in hun ogen", vertelt Weber ironisch. „Op dat moment werden de werkzaamheden een aantal weken stilgelegd, om de mensen tot rust te laten komen".

 Er was eigenlijk geen andere keuze van het Engelse duikersteam, vindt Weber. „Op dat moment hadden wij in Nederland nog geen duikers die ervaring hadden op archeologisch gebied". Er werd contact gelegd met onder andere Rex Cowan, een berger van historische wrakken, en John Rose, een zakenman en duiker die bereid was een groot deel van de koste;n te financieren. In een contract erd vastgelegd dat het wetenschapelij k-archeologisch aspect niet veraarloosd zou worden. Een deel van e gevonden voorwerpen zou aan Neerlandse instellingen geschonken en srkocht worden. Ook de mogelijk

 Oostvoornse Meer onderzocht. Maar daar blijft het niet bij. Het wrak wordt het eerste onderwatermuseum in ons land. Sportduikers kunnen straks zeventien meter onder de waterspiegel op zoek gaan naar de restanten van een zeventiende-eeuws koopvaardijschip.

Het duikersteam heeft in de afgelopen maanden merkwaardige vondsten uit dit schip naar boven gehaald. Het wrak bleef achter in de steile wand van het uitgebaggerde meer. Voordat het museum 'open' gaat. moeten de restanten worden versterkt met een ijzerconstructie. „Als sportduikers straks op onderzoek uitgaan, mag het wrak natuurlijk niet in elkaar storten", verklaart de archeoloog. Hij zou het liefst op de oever een klei.i bezoekerscentrum met een tentoonstelling inrjchten. Onder water geven plastic borden met aanwijzingen en plattegronden straks tekst en uitleg. Maarleveld is niet bang voor vernielingen aan het monumentale wrak. „Ik denk dat sportduikers er zorgvuldig mee omspringen. Op deze manier probeer je ze juist belangstelling bij te brengen voor oude schepen op de zeebodem. Dit schip leent zich bij uitstek voor een duik. Als het goed is hoeven we maar eens in de paar jaar een bezem over het hout te halen om zand te verwijderen".

Het idee voor een dergelijk monument is al een paaV jaar oud. Maar nergens was een geschikt wrak te bespeuren. Ze zijn meestal moeilijk te bereiken of nauwelijks zichtbaar. Het Oostvoornse Meer is een gunstige uitzondering. Er is nauwelijks stroming en het water is erg helder, geeft Maarleveld als verklaring.

Olijfpitten

Een baggermolen stuitte enkele jaren geleden op het oude koopvaardijschip. Door het graafwerk zat de boeg vast in een steile wand. Sportduikers ontdekten de koopvaarder en trokken bij het ministerie van WVC aan de bel. Met assistentie van vrijwilligers is het Maarleveld en zijn duikersteam in de afgelopen maanden gelukt enkele spectaculaire vondsten boven water te krijgen.

Maarleveld vermoedt dat de bewapende koopvaarder terugkeerde van een tocht naar het Middellandsc-Zeegebied. In het ruim vonden duikers olijfpitten in kruiken die in ZuidSpanje zijn gemaakt. De bouwwijze van het schip verraadt de Nederlandse afkomst, legt de archeoloog uit. Het schip is op de terugreis waarschijnlijk op een verraderlijke zandbank gelopen en vergaan. Restanten van aardewerk en Goudse pijpekopjes maken het aannemelijk dat de bemanning ook uit Nederland kwam.

Het schip was bewapend met kanonnen om zeerovers die het op de kostbare lading hadden voorzien op veilige afstand te houden. Het merkwaardige is dat een van de kanonnen een heel oud type uit 1550 is. „Het was geladen en dus gewoon in gebruik. Waarschijnlijk gebruikte men op een koopvaardijschip niet het modernste materiaal. Je moet altijd oppassen met de datering van zo'n schip. Naar aanleiding van een oud kanon kun je nooit zeggen hoe oud het wrak is".

Een andere interessante vondst was een partij mortiergranaten van 150 kilo per stuk. De ijzeren kogels zijn nog met kruid gevuld. Maarleveld gaat ervan uit dat de kostbare lading niet voor de verdediging van het schip was. Uit het dertig meter lange en zeven en een halve meter brede schip kwamen verder nog een passer en twee leren soldatenschoenen te voorschijn.

Meer wrakken

Het Oostvoornse Meer bergt nog zeker zeven wrakken, schat Maarleveld. Deze zijn in de jaren zeventig al door sportduikers ontdekt. Hiervan is het zeilstoomschip Archimedus uit de vorige eeuw het meest bekende duikobject. Het is op zich niet vreemd dat hier zoveel .schepen gestrand zijn, vindt de onderwater-archeoloog. Het was een druk bevaren zuidelijke ingang van het mondingsgebied van de Maas. Door de steeds verschuivende zandbanken en geulen liepen er regelmatig schepen vast, in het zicht van de haven. In de volksmond stond het gebied niet voor niets bekend als een schepenkerkhof. Met dat idee in het achterhoofd hebben archeologen bij de aanleg van de Shifter (een opslagplaats voor vervuild havenslib) naar scheepswrakken gezocht. En ook daar stuitte men op een aantal oude scheepsresten. Volgens Maarleveld is water een goede beschermer van de houten wrakken.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 7 juni 1989

Reformatorisch Dagblad | 22 Pagina's

Duiken naar oude scheepswrakken

Bekijk de hele uitgave van woensdag 7 juni 1989

Reformatorisch Dagblad | 22 Pagina's

PDF Bekijken