Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

„De fiets in de Bijbel bestaat niet; het huwelijk wel, dat is het verschil

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

„De fiets in de Bijbel bestaat niet; het huwelijk wel, dat is het verschil"

De vlsie van CDA en GPV op emancipatie, huwelijk en samenwonen

10 minuten leestijd

Het beleid gericht op de emancipatie van vrouwen heeft de afgelopen jaren volop in de belangstelling gestaan. Ook al is er dan geen speciale staatssecretaris meer voor emancipatie/aken, het beleid van CDA-minister De Koning maakt de nodige discussies los. Over dat emancipatiebeleid hadden we een twee-gesprek met mevrouw A. Doelman-Pel van het CDA en met GPV-lijsttrekker G. J. Schutte.

Mevrouw Doelman en de heer Schutte zijn het erover eens dat positieve discriminatie als het gaat om emancipatie van vrouwen niet de voorkeur verdient. Wel kan mevrouw Doelman zich voorstellen dat vrouwen voorrang krijgen als er sprake is van gelijke geschiktheid. „Het is zo dat nu nog veel dingen door mannenbrillen worden bezien. Ik ben er op tegen dat ik op een stoel gezet word omdat ik een vrouw ben. Ik wil ergens zitten omdat men vindt dat ik er geschikt voor ben".
Volgens Schutte gaat de overheid veel te ver als er bij een sollicitatie voorkeur aan een vrouw wordt gegeven. Het geslacht van de kandidaten mag bij een procedure op zichzelf geen argument zijn, de bekwaamheid staat voorop, aldus Schutte. Op de vraag of Schutte er voor is dat de overheid rekening houdt met het kostwinnerschap zegt de GPV'er dat zo'n beleid in strijd zou zijn met de nu geldende wetgeving. Dat beleid zou ook gemakkelijk leiden tot een achterstelling van mensen die niet gehuwd zijn en ook niet gehuwd kunnen zijn. „Die weg moeten we niet op".

Schutte heeft wel kritiek op het bestaande overheidsbeleid: „Als gezegd wordt: Het doel van het emancipatiebeleid is economische zelfstandigheid los van gezinsverband, dan ondermijnt dat de eigen verantwoordelijkheid van man en vrouw in een gezin om uit te maken wie betaalde arbeid verricht. Daarom hebben wij van het begin af aan scherpe kritiek geuit op de zogeheten "1990maatregel". (Dat beleid houdt in dat meisjes die achttien jaar worden zelfstandig in hun onderhoud moeten kunnen voorzien. In bepaalde gevallen leidt dat tot sollicitatieplicht voor gehuwde vrouwen, red.).

Geen voorstander

Mevrouw Doelman stelt dat het CDA in 1986 geen voorstander was van die maatregel. „Ook nu hebben wij in ons verkiezingsprogramma niet de economische zelfstandigheid voor ieder individu als doelstelling. 

Men kan volop kiezen of men samen een inkomen deelt of de man en vrouw beiden werken en samen kinderen opvoeden. 

Die vrijheid is er nu zeker. Hoewel deeltijdarbeid nog niet altijd overal gelijkberechtigd is met "volle-tijdarbeid". Als we zouden doorgaan naar een geïndividualiseerd systeem dan wordt het moeilijk om keuzes te maken".

Schutte reageert; „Waar ik moeilijkheden mee heb is de CDA-visie van gedeeld ouderschap en gedeelde macht.

Dat geeft precies het verschil in invalshoek weer tussen onze partijen. U spreekt over deling, maar wij gaan uit van het gemeenschappelijke. Man en vrouw njoeten samen kunnen uitmaken de mate van deling en of er wel sprake moet zijn van deling. Die andere invalshoek is ook heel relevant voor de taak van de overheid. Als je uitgaat van het gemeenschappelijke van het huwelijk dan zal de overheid zeer terughoudend zijn om daarin regels te stellen".

Hoewel het CDA aanvankelijk tegen de invoering van de "1990-maatregel" was, is het streven nu er niet op gericht die maatregel terug te draaien. Mevrouw Doelman: „Je kunt in de politiek altijd twee dingen doen. Je kunt dingen negeren, zo van: Dat wil ik niet. Je kunt ook zeggen: Wat voor mogelijkheden zijn er om bestaand beleid in de goede richting bij te sturen. Ik heb grote zorg over vrouwen die vaak in vreselijk kwetsbare posities verkeren. Bij voorbeeld in het geval van een scheiding zou de man langer en een grotere bijdrage moeten leveren aan het gezin om dat in stand te houden. Als man of vrouw werken zouden beide partners het bestuursrecht moeten hebben over het inkomen. Nu lijkt het vaak dat een vrouw wel een keus heeft, maar als ze alleen komt te staan dan is er voor die vrouw geen keus meer.

Daarom moet je bezien of er mogelijkheden zijn dat vrouwen makkelijker op de arbeidsmarkt terechtkunnen. Dat is ook mijn zorg voor de "1990-generatie". Daarmee wordt namelijk de meest kwetsbare groep getroffen omdat die in de meeste gevallen laag geschoold zijn".

Individualisering

Mevrouw Doelman benadrukt dat de gelijkberechtiging van mannen en vrouwen niet hetzelfde is als individualisering. „In de discussies lopen die begrippen al gauw door elkaar. Wij pleiten voor gelijke rechten en plichten van mannen en vrouwen. Het is toch wonderlijk dat wanneer vrouwen in deeltijdarbeid wel dezelfde plichten hebben als het gaat om premie betalen, maar geen aanspraak kunnen maken op een werkloosheidsuitkering" .

Schutte is het in grote lijnen met deze stelingname wel eens. „Als het gaat over individualisering dan hebben we het vooral over een tendens in samenleving om niet uit te gaan van een leven in het gezinsverband, maar het benaderen van de mens als individu.
Daarover zijn het CDA en het GPV het eens. De vraag is alleen hoe je daar dan op inspeelt. Als minister De Koning zijn beleid zo invult dat er een doorbreking moet komen van structureel ongelijke machtsverhoudingen in gezinsverband, dan heb ik daar moeite mee.
Dan ga je weer uit van het individu en niet van een echtpaar dat gezamenlijk verplichtingen op zich heeft genomen ten opzichte van elkaar en ten opzichte van de kinderen. In die zin is het streven naar economische zelfstandigheid wel degelijk een doelstelling die inhaakt op de individualiseringstendens in de samenleving".
„Wat ik mis in de opstelling van het CDA is de erkenning dat het huwelijk een unieke instelling van God is. Het CDA stelt het huwelijk principieel gelijk met andere duurzame samenlevingsvormen".
Mevrouw Doelman: „Als ik vanuit de Bijbel kijk, dan ga ik er vanuit dat mensen gelijkwaardig aan elkaar zijn. De mens is een schepsel Gods en dan mag er geen machtsongelijkheid zijn". „Waar ziet u machtsongelijkheid dan?", vraagt Schutte.

Realiteit

Ik zie de machtsongelijkheid door de excessen die optreden in de samenleving, ook in de verhoudingen tussen man en vrouw. Helaas is het huwelijk niet altijd mooi en prachtig. De politiek heeft te maken met de realiteit en niet met het ideaalbeeld.
En ik zie dat er veel verdriet is ook bij vrouwen die ouder zijn en dat huwelijken ook na vijf en twintig jaar nog stuk kunnen gaan.
Dat gebeurt ook bij heel gelovige mensen. Dan schort er kennelijk iets aan de manier waarop mannen en vrouwen met elkaar omgaan.
Vrouwen hebben soms geen kansen gehad in een huwelijk. Zo kunnen er vrouwen zijn die minder geschikt zijn voor de opvoedende taak, terwijl er mannen zijn die daar gouden handen voor hebben. Er is veel bewustwording nodig, ook bij vrouwen, omdat die vaak getrouwd zijn vanuit de traditie: zo was het en zo zal het blijven. Nu zie ik dat mensen bewust de keuze maken om voorlopig niet te huwen, maar gaan samenwonen. Dan kan ik dat misschien met gelijkstellen met het huwelijk zoals dat in de Bijbel is beschreven. Maar ook daarin is een ontwikkeling geweest, vroeger was er alleen sprake van een kerkelijk huwelijk. Ik vind trouw een van de belangrijkste punten als je-aan samenwonen begint".

Zondeval

Schutte is het ermee eens dat het huwelijk lang niet altijd beantwoordt aan het ideaal, dit vanwege de realiteit van de zondeval. „Daar hebben we als individuele burgers en als overheid rekening mee te houden. Maar dan mogen we zien dat toen Christus op aarde was, Hij nog eens bevestigd heeft dat het huwelijk een instelling van God is. Dat is ook normatief voor vandaag, ook voor de overheid. Zowel CDA als GPV zegt dat de overheid Gods dienaresse is. Dat is meer dan alleen een uitspraak: zo voelen we dat wel aan, nee dat is normatief voor het overheidshandelen. Niet met de ogen dicht alsof er niet talloze mensen zijn die het anders doen, maar wel door de wettelijke kaders te ontlenen aan Gods geboden.

Gelijktijdig moet je de ogen openhouden voor alle misstanden, ook in huwelijken. Daar kan de overheid dan niet intreden in de zin van dat gaan we even regelen of verbieden, dat zou een veel te vergaande taak van de overheid zijn.

Maar als dan de overheid wordt gevraagd om alternatieve samenlevingsverbanden gelijk te stellen met het huwelijk, dan zeggen wlj: Nee. Dan is er de openbaring van God die zegt: de norm voor samenleving van man en vrouw is het huwelijk.

Mevrouw Doelman: „Moet je dan twee mensen die samenwonen als twee individuen behandelen? Wij zouden het onrechtvaardig vinden als een gezin één bijstandsuitkering zou krijgen, terwijl twee mensen die samenwonen elk een aparte uitkering ontvangen. Dan zou je de alternatieve samenlevingsvormen zelfs bevorderen. Als mensen daarvoor kiezen dan moet je ze op gelijke wijze behandelen als het huwelijk". 

Schutte: „Daar ben ik het mee eens, dat vindt u ook in onze opstelling terug. Als er van de principiële stelling van de overheid misbruik wordt gemaakt, dan mag de overheid daar niet in berusten. Dan moeten daar maatregelen tegen worden genomen. Maar dat is wat anders dan het officieel gelijk behandelen van huwelijk en gezin en andere samenlevingsvormen. 

Het overheidsbeleid moet voldoen aan de normen die de Bijbel daarvoor geeft". Mevrouw Doelman: „Dat weet je niet. Dat kun je nooit zo stellen voor een ander". Schutte: „Ik dacht dat Christus' gebod voor alle mensen gold". Mevrouw Doelman: „Ik ben gereformeerd opgevoed, maar ik heb ervaren dat ook normen zich ontwikkelen. Ik ben opgegroeid met de idee dat je op zondag niet mocht fietsen, dat is maar een klein, flauw voorbeeldje..." Schutte: „Maar de fiets in de Bijbel bestond niet, maar het huwelijk in de Bijbel wel, dat is een wezenlijk verschil". 

Mevrouw Doelman: „Het is heel moeilijk om bij het ethisch handelen vanuit de Bijbel de accenten precies aan te geven. Voor mij staat voorop dat ik als christen verantwoordelijk ben voor mijn naaste. De vormgeving is voor mij minder belangrijk dan het uitgangspunt van liefde en trouw".

Emancipatieraad

Het GPV bepleit in het nieuwe verkiézingsprogram de opheffing van de Directie Coördinatie Emancipatie op het ministerie van sociale zaken, de vaste kamercommissie voor emancipatie en de Emancipatieraad. Schutte: „Wij stellen dat niet voor vanuit een bezuinigingsgedachte, maar omdat deze problematiek in het totaalbeleid ingepast moet worden. Daarom zijn we ook geen voorstander van een vaste kamercommissie voor het ouderenbeleid. Bij de Emancipatieraad komt daar nog bij dat die anders is gestructureerd dan de overige adviesorganen. Die zijn representatief samengesteld, maar je kunt alleen lid worden van de Emancipatieraad als je de doelstelling van het regeringsbeleid onderschrijft. We weten dat er sollicitanten uit de kring van de kleine christelijke partijen om deze reden zijn afgewezen. Zo'n adviesorgaan van de regering, die een wettelijke status heeft, wordt dan een gesubsidieerde actiegroep".
Ook het CDA bepleit in het programma een integrale aanpak ais het gaat om emancipatie. Mevrouw Doelman: „In het begin hebben groepen met een achterstand extra aandacht nodig, ook van de zijde van de overheid. Dat zal altijd zo blijven. 
Een Emancipatieraad hoort natuurlijk wel divers samengesteld te zijn. Maar je moet natuurlijk wel voorstander zijn van een vrouwenbeleid.
Als je dat niet bent kun je in een dergelijke Raad ook niet functioneren". Schutte; „Maar u kunt ons niet verwijten dat wij geen emancipatiebeleid zouden voorstaan in het belang van de ontplooiingsmogelijkheden van de vrouw in de samenleving". Mevrouw Doelman: „Dan zou er ook geen vrouw op uw lijst staan". Schutte: „Precies, die staan er gelukkig wel op en wat mij betreft worden het er nog meer".

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 2 september 1989

Reformatorisch Dagblad | 30 Pagina's

„De fiets in de Bijbel bestaat niet; het huwelijk wel, dat is het verschil

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 2 september 1989

Reformatorisch Dagblad | 30 Pagina's

PDF Bekijken