Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Palet & Pennestreek

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Palet & Pennestreek

6 minuten leestijd

Literatuur in medialand

De literaire agenda-1990 van uitgeverij Kwadraat in Utrecht heeft voor komend jaar het thema "De letteren in Medialand". Samensteller is Martin van Amerongen, die in het dagelijks leven alle moeite doet het onleesbare linkse opinieweekblad "De Groene" met veel subsidies op de markt te houden. De agenda brengt nu per week een a twee citaten van schrijvers, waarin de media vóórkomen: Adriaan van Dis over dé New York Times, Jacques Hamelink over het tijdschrift Forum, Bomans (Elseviers Weekblad), Brakman, Jean-Paul Sartre, Jakob Wassermann, Biesheuvel, Bordewijk en ga zo maar door. Een aaneenrijging van citaten, zonder kop, staart of body, althans in het kalendariumdeel.

Interessanter(?) wordt de agenda door de vele (zwart-wit) foto's, waarop auteurs optreden die iets met de media hebben: Abel Herzberg in een radiointerview, Annie Schmidt bij Mies Bouwman voor de tv, Gerard Reve in een tv-show, A. den Doolaard als spreker voor de zeemansomroep Brandaris, A. M. de Jong die voor de radio leest uit eigen werk en zo nog wat. En aardig zijii de tientallen pagina's achterin, waarin complete gedichten en heel lange citaten zijn opgenomen van schrijvers die op de een of andere wijze een medium of medewerker daarvan op de hak nemen of onder de loep leggen.

Dus het gedicht "De toneelcriticus" van Carmiggelt, Hans Andreus' "Ballade van de tv-komiek", Alain Teister, Jan Kal over journalistencafé Reyn' ders. Komrij, Evert Werkman, Jeroen Brouwers, Aad Nuis over ."De hoofdredacteur". Scheepmaker over zijn "Trijfels", het typografisch schitterende huidegedicht voor "Gaston Drunez", waarin de draak wordt gestoken met zetfouten en correctoren, en "Mimicry" van F. van Oldenburg Ermke over de vraag of de krant vandaag, afhankelijk van de adverteerders, „R.K. of Christelijk mot heeten". De gebonden agenda, waarvan de kalenderweek ten onrechte met de maandag begint en die voor één week twee pagina's ruimte laat, kost 15,95 gulden. 

Kunst in Arturodam

Monumentale kunstenaars kunnen best grote kunstwerken heel in het klein uitvoeren. Dat bewees de manifestatie "Arturodam": kunst op schaal, in Neeriands beroemdste ministad, Madurodam. Het is een initiatief en uitwerking van De Gevestigde Orde, een vereniging van kunstenaars die manifestaties van monumentale kunst organiseert en met dit project een bijdrage wil leveren over „aan een situatie gebonden kunst". De expositieplek bood veel beperkingen èn mogelijkheden tot experimenteren en zo ontstonden uiteenlopende kunstwerkjes. Die zijn door uitgeverij SDU gebundeld uitgegeven in een tweetalig boekje "Arturodam", met foto's deels in kleur. Jozef van der Horst maakte zo bij dé mini-Gemeente Bibliotheek van Rotterdam een monument voor Pinkeltje. Titus Nolte voorzag de Domtoren van een hoofddeksel: een gipsen borstbeeld met mijter, "Salvator" getiteld. Pjotr Muller richtte bij Blijdorp een IJsberenmonument op en Bas Maters groef in het talud een wit hekwerk met uivormige paaltjes half in de grasmat. Er zijn ook onherkenbare vormen bij, maar diverse kunstwerken ontlokken een glimlach of blik van begrip.

Dat een kunstwerk afhankelijk is van zijn omgeving en met slechts "op zichzelf" kan bestaan, wordt in het boekje uiteengezet: „Het maakt een wereld van verschil of we de 'Denker' van Rodin plaatsen voor het Gerechtsgebouw van Berlijn, bij het Grens-wisselkantoor, in de sauna van een sportschool óf tussen tien andere 'Denkers'." Ja, zo is het maar net. 

Muziek in blik

Nostalgische sentimenten klinken alom in de wereld van de (lichte) muziek: veel 'toppers' van decennia terug worden opgepoetst en opnieuw uitgebracht zodat ook de jeugd van nü kan genieten (?) van 'gouwe ouwen' als Rocco Granata, Anneke Grönloh en ' andere idolen van het verleden. In dat licht moeten we mogelijk ook een verklaring zoeken voor de herleefde interesse in oude speeldozen, zoals de jukeboxen- op muntjes werkende platenspelers, waarin men 24 of zelfs honderd zwarte 78-toeren-schellakschijven kon opslaan. Het publiek kon dan daaruit zijn keuze maken.
Nog maar kort geleden'was er een grote expositie van zulke speelautomaten te zien in het eerbiedwaardige Museum Flehite te Amersfoort. En nu kan de jeugd en de oudere zich in het Museum van het Onderwijs, Museon in Den Haag, vergapen aan deze muziekdozen in chroom, glas en plastic, met draaiende lampen en Jugendstil-vormgeving. "Jukebox 40" heet die tentoonstelling (tot 1 oktober) over de 'gouden eeuw' van deze speelapparaten, een tijd waarin het begnp "disco" nog onbekend was. Die wansmakelijke kitsch-gevallen kwamen, zoals zoveel 'cultuur', vaak overwaaien uit Amerika. Er zaten heel wat nu terecht vergeten deuntjes en zangers bij, maar de Everly Brothers en Elvis Presley worden tegenwoordig nog weer volop gedraaid.
En natuurlijk werden die wereldse muziekkasten in de VS en hier ook gekerstend en wel ingezet als evangelisatiemateriaal. Want je kunt ook een schijf van Pat Boone, Johannes dé Heer of het Jo-VincentKwartet op de draaitafel leggen. Maar de eerlijkheid gebiedt te zeggen dat ik in het Museon deze meer gewijde nummers niet in de Wurlitzers en andere jukeboxen aantrof. De bouwers van de jukebox zagen hun terrein teloorgaan en gingen ook op andere apparaten over. Wurlitzer is nog immer een begrip voor elektronische orgels en aanverwante instrumenten. En die zullen over veertig jaar ook wel museumstukken zijn...

Stillevens uit Gouden Eeuw

Museum Boymans-Van Beuningen in Rotterdam presenteert regelmatig exposities onder het motto "Verkenningen in de collectie oude schilderkunst". De derde is nu, nog tot 22 oktober, gewijd aan liefst 61 schilderijen met stillevens uit de Gouden Eeuw. Er worden 36 werken getoond, maar in de bijbehorende catalogus van F. G. Meijer staan ze alle beschreven. Er werden voor deze gelegenheid ook enkele werken gerestaureerd, zoals een groot bloemstuk van Abraham Mignon.De diverse richtingen van het genre stilleven in de 17e eeuw zijn hier goed vertegenwoordigd, zoals de "monochrome banketjes" van de beroemde Willem Heda, zijn minder bekende zoon Gerrit en van Pieter Claesz. Pronkstillevens zijn er van Jan Davidsz. de Heem en Abraham van Beyeren, die ook met een visstilleven aanwezig is. Als jachtstuk ziet men "Dode zwaan" van Jan Weenix. Andere schilders hier zijn bij voorbeeld Frans Snijders en Dirck van Delen.Het onderzoek leverde onder meer op dat een "Roemer in de nis" niet van De Heem is, aan wie het sinds twee eeuwen was toegeschreven, maar van de Vlaming Joris van Son, en dat een schilderij van de Antwerpse meester Adriaenssen het werk blijkt van Hubert van Ravensteyn uit Dordrecht. En de "Dode pauw" van Jan Fijt is van zijn beste leerling, Pieter Boel.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 30 september 1989

Reformatorisch Dagblad | 28 Pagina's

Palet & Pennestreek

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 30 september 1989

Reformatorisch Dagblad | 28 Pagina's

PDF Bekijken