Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

In gesprek met ing- J, van der Jagt uit Tholen

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

In gesprek met ing- J, van der Jagt uit Tholen

5 minuten leestijd

THOLEN - „De eerste werken die ik gemaakt heb, zijn al veranderd, versleten, voldoen niet meer aan de huidige eisen, of zijn zelfs al opgeruimd of gesloopt. Dat is nu eenmaal de realiteit". Met die nuchtere terugblik kijkt het adjunct-hoofd van de dienstkring Noord-Zeeland van de provinciale waterstaat Zeeland, ing. J. van der Jagt (59) uit Tholen, terug op zijn loopbaan, die hij met de jaarwisseling hoopt te beëindigen.

De in Scherpenisse geboren Jacob van der Jagt groeide op in het landbouw- en loonbedrijfje van zijn vader. Tijdens zijn ulo-opleiding moest hij vanwege de inundatie door de Duitsers uitwijken naar Yerseke en Krabbendijke. Daar wilde het toenmalige hoofd van de ulo, P. Kuyt, een onderwijzer van hem maken, maar daar had de vijftien jaar oude Jacob geen oren naar.

Van der Jagt: „Ik wilde de technische richting uit, zoals meer van mijn familieleden dat gedaan hadden. Ik had verschillende weg- en waterbouwers in de familie die bij de overheid werkten. Naar een dagschool gaan was in die tijd niet haalbaar. Ik werkte overdag bij vader en 's avonds volgde ik de cursus voor het weg- en waterbouwkundig diploma Zeeland. Dat diploma behaalde ik in 1954. Weer later behaalde ik aan de TH te Delft de ingenieurstitel. Door die manier van studeren worden je taakstelling en verantwoordelijkheidsgevoel sterk ontwikkeld".

Inmiddels was Van der Jagt al in zijn vak werkzaam. Door de watersnood van 1953 kwam hij in dienst bij de Dienst Dijkherstel van Rijkswaterstaat. „Mijn eerste werk was het herstellen van de zeedijk en het verlengen van de sluis bij Poortvliet. Toen dat werk gereed was kwam De Regt, hoofd van de dienstkring van provinciale waterstaat, vragen of ik bij de waterstaat wilde komen werken. De provincie moest namelijk in het kader van de herverkaveling op Tholen een aantal wegen aanleggen". 

„Mijn eerste werken daar waren de rondwegen bij Scherpenisse en Sint-Maartensdijk en de provinciale weg bij Poortvliet. Later volgde de weg Tholen-Oud-Vossemeer. In het begin van de jaren zestig raakte ik nauw betrokken bij de inrichting van een gedeelte van de haven van Sint-Annaland tot jachthaven. Ik maakte daarvoor de ontwerpen van de drijvende steigers en begeleidde de uitvoering. Na het overlijden van De Regt in 1968 kreeg ik meer een beheers- en technisch-administratieve taak. Het laatste werk dat ik begeleidde was de baanverdubbeling bij de nieuwe Thoolse brug", aldus Van der Jagt.

Veranderingen

Het werd allemaal anders voor Van der Jagt toen per 1 januari 1988 de dienstkring Tholen en Sint-Philipsland met Schouwen Duiveland werd samengevoegd ^ot één dienstkring Noord-Zeeland. Van der Jagt werd toen adjunct-dienstkringhoofd. Het kantoor in Tholen werd opgeheven en Van der.Jagts bureau verhuisde naar het kantoor te Zierikzee. „Met zo'n benoeming tot adjunct-dienstkringhoofd ben je toch wel blij. Ik vond het een bekroning op mijn loopbaan en zag er een stukje waardering van mijn baasin", vertelt hij.

Van der Jagt signaleert overigens wel drastische veranderingen in het werk dat hij in de loop der jaren gedaan heeft. 
Toen ik begon was de dienstkring een belangrijke voorpost van de provinciale waterstaat. De waterschappen waren sterk afhankelijk van de dienstkring. 
Het waren allemaal kleine waterschappen met geen of weinig technische bijstand. Ook het werk naar de gemeenten toe was vrij uitgebreid. Door de samenvoeging van de waterschappen ontstond echter een krachtig bestuur met een sterke eigen technische dienst. Ook de samenvoeging van de Thoolse geinovemoer meenten leidde ertoe, dat het werk minder werd". Verder zegt Van der Jagt dat het werk van de vroegere dienstkring grotendeels is overgenomen door „specialisten uit Middelburg".

„Vroeger deed je echt alles zelf. Je deed de gehele voorbereiding, tekende, schreef bestekken en begeleidde de uitvoering van een werk. Op die manier voelde je jezelf heel nauw bij, een werk betrokken. In de loop der jaren zijn steeds meer facetten overgenomen door specialisten. Zo is de hele voorbereiding van een werk verdwenen naar Middelburg. Dat heeft er toe geleid, dat alles veel meer belijnd en omgeven is met voorzorgen. Het is nu alleen nog leuk voor een opzichter uit de dienstkring om een werk uit te voeren. Enerzijds is dat een verarming voor de dienstkring, en dat is jammer, maar anderzijds mag je deze ontwikkeling niet tegengaan; dan loop je achteruit. Er is gewoon meer specialisme nodig dan vroeger", aldus Van der Jagt.

Hobby

Overigens heeft Van der Jagt ook een aantal hobby's en nevenfuncties. Hij bouwde in de loop der tijd enkele orgels en doet veel aan modelbouw. Verder speelt hij orgel en klavecimbel en fietst hij graag.

In het verleden was hij 22 jaar organist bij de gereformeerde gemeente te Scherpenise en negen jaar lid van de kerkeraad van de gereformeerde gemeente te Tholen. Ook had hij zitting in verschillende commissies en was hij lid van het algemeen bestuur van het psychiatrisch ziekenhuis Vrederust. Sinds 1986 maakt hij deel uit van de SGPfractie in de raad van Tholen. Vanaf eind vorig jaar is hij fractievoorzitter.

Van der Jagt: „Als SGP'er hoel je niet te denken dat je gauw successen boekt of dat je goed in de markt ligt. Dat laatste bereik je alleen als je alle dingen steunt die men leuk vindt. Als je naar je principes spreekt of handelt, ontmoet je nog nauwelijks begrip, hooguit heeft men respect voor je standpunt. Ik hou van een principiële stellingname, zonder veel soesa. Je moet daarbij voorzichtig zijn met het gebruik van Gods Naam en Woord. Ik denk dat je doen en laten een leesbare brief moet zijn; gedraag je waardig".


Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 8 november 1989

Reformatorisch Dagblad | 26 Pagina's

In gesprek met ing- J, van der Jagt uit Tholen

Bekijk de hele uitgave van woensdag 8 november 1989

Reformatorisch Dagblad | 26 Pagina's

PDF Bekijken