Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Afgeluisterd

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Afgeluisterd

4 minuten leestijd

Van Twillert

Een rondwandeling door de miniaturen van de orgelromantiek, zo zou men het beste de cd kunnen omschrijven die Willem van Twillert volspeelde op het Smitsorgel in de St. Pctruskerk • te Oirschot. Op een totaal van maar liefst 26 werken is de Introduktion und Doppelfuge in h-moll van Gustav Merkel, met een speeltijd van nog geen vijf minuten, het langste stuk. De andere composities duren allemaal rond de twee, drie of vier minuten. Met een dergelijke programmering stelt de organist zich niet voor een eenvoudige opgave. Van Twillert koos voor een luistervolgorde. Plenumstukken en werken met zachte registraties en uitkomende stem wisselen elkaar in een bonte verscheidenheid af. Vrije orgelwerken worden afgewisseld met veel koraalvoorspelen en een enkele kleine partita. Het programma als geheel verdient alle lof voor de wijze waarop het is gerealiseerd. De orgelklank is fraai en direct in de ruimte opgenomen en de gekozen registraties zijn smaak- en stijlvol. Het spel van Van Twillert kenmerkt zich door de nog achttiende-eeuwse zorgvuldigheid en notengetrouwheid en door een duidelijke reserve ten opzichte van wat aan expressieve middelen toelaatbaar is. Bekende en onbekende pareltjes uit de negentiende-eeuwse orgelliteratuur, zoals "Nun danket alle Gott" van Selmar Bagge en het grappige maar pretentieloze "Nachspiel" van Johann Wilhelm Hassler.

De cd heeft ook een paar tere punten. Sommige werken lijken mij ingespeeld om hun curiositeitswaarde en niet om hun muzikale inhoudelijkheid. Ik denk hier bij voorbeeld aan de Praludium van M. G. Fischer of een Fantasie voor het orgel van de negentiendeeeuwse Nijmeegse componist G. W. Derx. Was Liszt zelf nu maar even aanwezig geweest. Ook krijgt men na zo veel klein spul behoefte aan iets substantieels. Waarom is Van Eyken met een klein koraalvoorspel aanwezig en niet met een fikse (koraal)sonate? Misschien dat de liefhebber die graag eens in het onbekende repertoire duikt, deze behoefte niet zo voelt. Maar dan had ik toch juist voor deze oprechte amateur alle registraties vermeld! Jammer, dat deze kans niet is benut.
N.a.v. "Willem van Twillert, werken uit Rococo en Romantiek"; 
Smitsorgel Oirschot; Festivo; FECD 110.                    J. Kleinbussink

Kroonenburg

Ter gelegenheid van het feit dat de Grote kerk in Maassluis 350 jaar bestaa; verscheen een cd met muziek uit ongeveer die tijd. Jaap Kroonenburg, oudleerling en opvolger van Feike Asma, bespeelt het heroemde Garrels-orgel met een programma dat origineel is opgebouwd: eerst eén serie vrije werken van Bach tot Mulet, dan een reeks koraalbewerkingen van Sweelinfck tot Asma. Daarmee is dan ook het probleem van deze cd geschetst: om aan die 350 jaar te komen, moet Kroonenburg ook barokmuziek spelen, maar voor dat repertoire lijkt hij niet de aangewezen persoon te zijn. Óver de uitvoeringspraktijk van oude muziek is inmiddels wel zoveel gepubliceerd dat elke organist, zeker van de jongere generatie, kan weten dat Sweelincks variaties over "Allein Got in der Höh" niet met allerlei uitkomende stemmen en een zestienvoets pedaalregistratie gespeeld moeten worden, en dat Bach zijn Fuga "alia Gigue" vast niet geregistreerd heeft als één groot crescendo. Kroonenburg doet dat wel, kennelijk meer waarde hechtend aan de wetenschap dat Asma het ook z© speelde dan aan het feit dat de componisten dit nooit bedoeld hebben. Het enige stuk dat een echt authentieke vertolking krijgt is de fantasie over de Avondzang van Feike Asma. Hier worden de bedoelingen van de componist wèl gerespecteerd, zowel in het registratieplan als in de bekende Asma-speelmaniertjes. Vermeldenswaard is dat Kroonenburg dit stuk speelt uit het manuscript van Asma, dat op enkele punten afwijkt van de gedrukte versie.

Een muzikale blunder is de aankondiging en uitvoering van "Aus der Tiefe rufe ich» (BWV 745) als "Koraal met twee variaties": datgene wat hier als eerst variatie wordt gespeeld is in werkelijkheid slechts de inleiding tot de koraalbewerking die men variatie 2 noemt. Een uitkomende stem is in die inleiding dan ook volkomen misplaatst. Verder vermeldt het programma onder ander een Walther-concerto,de Festliche Musik alia Handel van KargElert (met goed getroffen Zimbeln und Pauken), Tu es Petra van Mulet, waarin orgelklank en opname te nuchter zijn om de Franse sfeer te kunnen treffen, en een fraai geregistreerd trio van Schneider. Hoogtepunt is de Lamentation van Guilmant, die een doorleefde en integere vertolking krijgt. Jaap Kroonenburg mag dan geen barokspecialist zijn, muziek maken kan hij wèl!

N.a.v "Jaap Kroonenburg bespeelt het Garrels-orgel in de Grote kerk te Maassluis"; LBCD 10, (DDD) Lindenberg, Rotterdam.       D. Sanderman

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van Friday 24 November 1989

Reformatorisch Dagblad | 30 Pagina's

Afgeluisterd

Bekijk de hele uitgave van Friday 24 November 1989

Reformatorisch Dagblad | 30 Pagina's

PDF Bekijken