Bekijk het origineel

Honger en hulp

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Honger en hulp

4 minuten leestijd

De actie Eén voor Afrika in 1983/1984 bracht meer dan 100 miljoen gulden op, de actie Afrika Nü in 1988 ruim 50 miljoen. Met deze getallen In het achterhoofd en een nieuwe grote actie voor Ethiopië In het vooruitzicht kwam de donderdag door de Nijmeegse wetenschapper P. Hoebink geleverde kritiek op de kwaliteit van wat men noemt noodhulp hard aan.
„Het Is hoog tijd de kwaliteit van de noodhulp onder de loep te nemen, want die verloopt vaak zeer amateuristisch", zo zei Hoebink op een discussieavond georganiseerd door de Werkgroep Medische Ontwikkelingssamenwerking.
Geld Inzamelen of beschikbaar stellen is het probleem niet. De Europese Commissie trok tenminste deze week (opnieuw) tien miljoen ecu (23,3 miljoen gulden) uit voor hulp aan de hongerende bevolking In het noorden van Ethiopië. Geld doeltreffend besteden blijkt moeilijker. Directeur H. Zomer van de Stichting Oecumenische Hulp (SOH) wak in zijn reactie op Hoebink echter laaiend. „Misschien zijn er amateurs", zo zei hij, „maar niet onder de gerenommeerde hulporganisaties In Nederland".
Dergelijk commentaar Is begrijpelijk. Toch ligt ons de kritiek van vorig jaar door de Algemene Rekenkamer op wat men beschouwde als de slechte uitvoering van Nederlandse voedselhulpacties aan Afrikaanse landen nog vers in het geheugen. Minister Bukman moest toen ronduit zeggen dat „de situatie nooit Ideaal zal worden" en dat men „vaak op enorme moeilijkheden stuit".
Doeltreffende hulp blijkt soms moeilijk. 'Rijke landen' staan klaar geld en voedsel beschikbaar te stellen aan vier miljoen door de hongerdood bedreigde mensen In de provincies Eritrea en Tlgre. Ook In Nederland wordt druk gepraat over een nieuwe actie. Maar Ethiopië aarzelt bij het toelaten van deze voedselhulp In de door burgeroorlog geteisterde provincies. Mengistoe lijkt het verzoek van Kenia om doorgangsroutes voor voedsel goed te keuren min of meer op de lange baan te schuiven door te antwoorden dat de regering van Ethiopië „de beste en meest effectieve manier om de problemen op te lossen onderzoekt".
Er wordt gezegd, dat hulp nu moeilijker Is dan In het verleden. Oorzaak daarvan zou zijn, dat de twee grootste verzetsorganisaties, het Eritrese Volksbevrijdingsfront en het Tlgre Volksbevrijdingsfront, het grootste gedeelte van het noorden van Ethiopië in handen hebben. Het is echter zeer de vraag van welke zijde de hulpverlening grotere hinder ondervindt: van de genoemde bevrijdingsbewegingen of van de Ethiopische regering. Want dat regime Is zo menslievend niet. De Europese Top heeft zich niet voor niets tot de Ethiopische autoriteiten gewend om te voorkomen dat bepaalde delen van de bevolking geen hulp zouden krijgen om politieke redenen.
Omdat bij voorbeeld de verzetsbewegingen in genoemde provincies ervan zouden profiteren. Wie dan ook In zijn hulpverlening de directe Invloed van de Ethiopische autoriteiten kan vermijden of omzeilen, moet dat zeker doen. En het kritisch volgen van de doeltreffendheid van noodhulp Is —denkend aan het graan dat In 1984 
lag te rotten In de Ethiopische havens, denkend aan de moeilijkheden met de distributie in 1988— zeer op zijn plaats.
Tijdens een seminar onder auspiciën van de Verenigde Naties met deskundigen uit dertig landen deze week in Den Haag bleek, dat nog altijd veel ontwikkelingsgeld verdwijnt In de zakken van fraudeurs en andere mensen die zwart geld willen zien om In beweging te komen. 
Het voortdurend zoeken naar meer doeltreffendheid In de verlening van noodhulp mag overigens niet in mindering komen op de bereidheid tot hulp. Hongerenden schreeuwen om voedsel. De vraag Is Inmiddels wel in hoeverre de hulpverleners en de milde gevers ook rekening houden met de geestelijke nooddruft. Echte barmhartigheid blijft niet beperkt tot de tijdelijke noden van de naaste. Ware barmhartigheid heeft juist oog voor de geestelijke noden. Hulpverlening dient dan ook zoveel mogelijk te geschieden met Inschakeling van de plaatselijke kerken In de door honger getroffen gebieden. Al zullen wij soms ook weer bij het karakter van die kerken onze vragen hebben.
Zowel het ene —de noodzaak om directe Invloed van de Ethiopische regering te vermijden— als het andere —een oog voor de geestelijke noden van de mensen die geholpen worden— vraagt dan ook van ons om de hulp vooral te doen besteden via onze eigen kerkelijke kanalen of via die organisaties, die met de kerken in de rampgebieden contact onderhouden. Daardoor kan Immers het getuigenis van die kerk —vaak zowel bedreigd door het marxisme als door de Islam— worden versterkt.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 16 december 1989

Reformatorisch Dagblad | 26 Pagina's

Honger en hulp

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 16 december 1989

Reformatorisch Dagblad | 26 Pagina's

PDF Bekijken