Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Chili heeft ook zijn 'fundamentalistas'

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Chili heeft ook zijn 'fundamentalistas'

„Wij huren geen stadion, waarin er duizenden kunnen worden gedoopt"

3 minuten leestijd

SANTIAGO DE CHILE - In het Instituto Evangélico de Chile (Chileens Evangelisch Instituut) zetelt directeur Juan Trigo T. Op het instituut worden predikanten opgeleid ten behoeve van de Iglesia Presbiteriana Nacional de Chile (IPNA). Juan Trigo T. behoort tot de laatstgenoemde kerk.

„Studenten moeten eerst vier jaar studeren. Daarna krijgen ze formeel een diploma, dat echter pas volledig is als ze twee jaar praktijk hebben gedaan. In totaal duurt de predikantenopleiding dus zes jaar. De belangstelling van jongeren voor deze studie is groot. Sommigen volgen die vanuit hun roeping, anderen niet. Over het algemeen genomen zijn de studenten zeer gemotiveerd", vertelt Juan Trigo T.

Afhankelijk
De Nationale Presbyteriaanse Kerk van Chili kent een kerkelijke organisatie van een kerkeraad, predikant, ouderiingen en diakenen. Daarnaast zijn ouderen- en jeugdverenigingen, elk met eigen voorzitters, actief op het kerkelijk erf. Trigo krijgt de indruk dat men tevreden is met de organisatie, „al ontbreekt het vaak aan bekwame mensen voor kerkelijke functies".
Aan straatevangelisatie doen de presbyterianen niet. „We huren geen stadion, met een buitenlandse prediker, waarbij dan duizenden ineens worden gedoopt. Dan lijkt het natuurlijk dat de pinksterkerken sterk groeien, terwijl het niet zo is omdat een deel al bij die kerken hoorde. Wij bedrijven zending in de persoonlijke sfeer. Bovendien weten wij ons volkomen afhankelijk van de Heilige Geest, die door Zijn Woord Zijn werk zal doen".
Abortus, kortom de hele vrije moraal, wordt door de presbyterianen apert afgewezen. „Wij zijn tegen". Dat maakt dat de presbyterianen in ethisch opzicht duidelijk op één lijn zitten met het arsenaal aan religieuze gezindheden en godsdienstige denominaties dat in Chili opvallend breed is, tot en met de mormonen toe.

Verschillen
„De Iglesia Presbiteriana Nacional de Chile (sinds 1945) mag zich in Chili in een ledental van circa 10.000 verheugen", zegt Juan Trigo. De kerkgemeenschap werd geboren na een afscheiding van de Iglesia Evangélica Presbiteriana Nacional. In 1979 kwam er weer een scheuring. Toen stapte een deel uit de Iglesia Presbiteriana Nacional en vormde de Iglesia Presbiteriana Fundamentalista. Deze is, zegt Trigo, „enigszins formalistisch en niet groot".
Het fenomeen van de 'repeterende breuk' is, zo blijkt, aan de Chileense presbyterianen niet voorbijgegaan. Chili kent talrijke presbyteriaanse kerken en gemeenten en men weet vaak zelf niet wat de onderlinge verschillen eigenlijk precies zijn. Als er überhaupt verschillen in de leer zijn, want de werkelijke separatistische motieven liggen -ook in Chili- vaak op persoonlijk vlak. Naderhand blijkt het dan weer moeilijk bij elkaar te komen. Momenteel heeft er weer wat toenadering plaats tussen de IPNA en gemeenten van de Iglesia Presbiteriana Fundamentalista en enkele andere presbyteriaanse kerken.

Evenwicht
Inzake de plaats van de vrouw bij voorbeeld wijzen de "fundamentalisten" de vrouw op het katheder af. „Bij de nationaal-presbyterianen zijn er geen vrouwelijke predikanten, maar staat het onderwerp "plaats van de vrouw" wel op de discussie-agenda. Dit is eveneens het geval bij de evangelisch-presbyterianen", verklaart Juan Trigo T.
De toeneming van het pinkstervuur is Juan Trigo niet ontgaan. „Verschillen tussen de presbyteriaanse kerken en de pinksterbeweging zijn er duidelijk", zegt hij. „Wij geloven in de predestinatie, zij het niet in een uitverkiezingsleer die zeer extreem is. We proberen het equilibrio (evenwicht) tussen uitverkiezing en bekering te vinden".
Verder: „De presbyteriaanse kerken hebben duidelijk een democratischer kerkorde dan de pinksterkerken. Bij de pinkstergemeenten wordt de nadruk volledig op de woordverkondiging gelegd".

Iets latijnser
Qua liturgie wijkt een presbyteriaanse dienst behoorlijk af van een pinksterdienst. „Onze dienst duurt ten eerste veel korter, een uur tot anderhalf uur hooguit. Onze zang is anders, al zijn wij in de jaren wel iets opgeschoven. Je zou kunnen formuleren dat we wat "latijnser" zijn geworden in onze dienst. Onze godsdienstoefeningen verschillen in die mate van de pinksterkerken, dat ze formeel zijn, er heerst meer stilte. Ze dragen geen charismatisch karakter. Men spreekt er bij voorbeeld niet in de taal van de tongen".

„Je moet de groei van de pinksterbeweging min of meer beschouwen als een groei van een populaire religie (volksreligie). Men doet aan gebedsgenezing en je ziet dat er daarna veel meer mensen blijven hangen in die gemeente. Het trieste is evenwel dat men veel bereikt met relatief weinig inspanning. Je huurt een stadion en een buitenlandse evangelist en het succes is verzekerd. De presbyteriaanse kerken zijn minder aantrekkelijk, minder gevoelsmatig. Die zijn dogmatischer. Dat is de hele kerk op zich ook. Presbyterianen houden er een strenger toelatingsbeleid op na dan de pinkstergemeenten. In de laatste kun je als je een beetje kunt preken als snel voorganger worden.
Net als elders speelt ook in de presbyteriaanse kerken de jeugd zo zijn rol. Daarvan zegt Trigo: „We moeten ons enigszins tolerant opstellen en geduld hebben met de jongeren. Ook hier geldt: een evenwicht zien te vinden tussen traditie en vernieuwing".

Pinochet
Hoe was de opstelling van de presbyteriaanse kerken ten aanzien van het regime-Pinochet?
„Een groot deel van de presbyterianen dacht dat de staatsgreep van 1973 noodzakelijk was op dat moment. De jaren 1970-1973 kenmerken zich door een enorme chaos en verwarring. Maar niemand had verwacht dat de militaire junta zo lang aan de macht zou blijven (tot 11 maart 1990, MvB). Het trieste van de vorige regering was de schending van de mensenrechten, het lot van de verdwenen mensen ".
„In die tijd konden wij ons als kerk niet openlijk uitspreken, al zou dat onze wens zijn geweest. In de periode 1983-'85 (jaren van massaprotesten tegen het regime. MvB) is wel overwogen tot een publieke uitspraak. Maar intern stuitte dat op moeilijkheden en is het er niet van gekomen. Onze kerken hebben tijdens de dictatuur vrijheid van godsdienstoefening gekend. Maar predikanten die openlijk politieke uitspraken deden die in het verkeerde keelgat schoten bij de autoriteiten, werd het leven lastig gemaakt. We zijn positief gestemd over de huidige regering. Heel voorzichtig begint het proces van verzoening op gang te komen. Ook op sociaal-economisch terrein is veel te doen. Je moet een bestel niet al te snel veranderen, dat kan gevaarlijk zijn".

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 19 november 1990

Reformatorisch Dagblad | 16 Pagina's

Chili heeft ook zijn 'fundamentalistas'

Bekijk de hele uitgave van maandag 19 november 1990

Reformatorisch Dagblad | 16 Pagina's

PDF Bekijken