Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Het fiasco van een hypermoderne fruitterminal

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Het fiasco van een hypermoderne fruitterminal

Veiling moet eiade maken aan financieel drama rond „paradepaardje van de Eemshaven"

4 minuten leestijd

EEMSHAVEN - Soms lijkt investeren in het noorden op financiële zelfmoord. De in 1987 gebouwde fruitterminal in de Eemshaven bewijst dat. Na drie jaar moet het eerste bananenschip zijn lading hier nog lossen. Het hypermoderne overslagcomplex (kosten 92 miljoen) is een compleet financieel debacle geworden. De besprekingen om tot een oplossing te komen zitten muurvast. Er is nog maar één uitweg: de veiling. Vandaag gaat het „paradepaardje van de Eemshaven" onder de hamer.

De geschiedenis van de fruitterminal is er een van doffe ellende. Het prestigieuze project is ontsproten aan de brein van directeur A. Koeneman van het transportbedrijf Lommerts in Delfzijl. Een ultramodern overslagcomplex voor tropisch fruit zou niet alleen de Eemshaven flink opkrikken, maar ook zijn bedrijf. Een nieuwe transportpoot erbij kon geen kwaad. Bovendien zou de terminal een veerverbinding met Scandinavië tot gevolg kunnen hebben, iets waar Koeneman al lang van droomde.

De terminal werd om twee redenen uniek voor de wereld: de overslag zou volledig temperatuur-gecontroleerd verlopen (wat voor bananen heel belangrijk is in verband met het rijpingsproces) en speciale pallets zouden het tussentransport van schip naar koelcel overbodig maken.
Koeneman zocht en vond financiers om zijn plannen te verwezenlijken. De banken, waaronder de Amro-bank en de Friesch-Groningsche Hypotheekbank (FGH), staken er een kleine 40 miljoen in, het Rijk 32 miljoen, een Duitse particulier 14 miljoen en het transportbedrijf Lommerts zelf 7 miljoen. Contracten met fruithandelaars waren er nog niet. Volgens G. Maas, adjunct-directeur van Lommerts, is dat logisch, „want handelaars gaan natuurlijk geen oude schoenen weggooien voordat ze betere nieuwe hebben. Wij moesten eerst bewijzen dat de terminal technisch perfect werkte, dan zouden de contracten vanzelf volgen. Uit onderzoeken bleek dat er in ieder geval een markt was voor een dergelijke terminal in de Eemshaven".

Bottleneck
Aan bewijzen is men nooit toegekomen. Het overslagcomplex was al bijna klaar toen bekend werd dat er een brandbeveiligingsinstallatie ter waarde van 7 miljoen aangebracht moest worden. In de begroting was daarmee geen rekening gehouden. „Aanvankelijk hoefde die installatie helemaal niet", legt Maas uit. „Maar precies in het jaar dat de terminal gebouwd werd, waren er een paar grote bedrijfsbranden. Als gevolg daarvan werden wij alsnog verplicht een sprinklersysteem aan te leggen". Dat werd de bottleneck van het project. De financiers bleken niet bereid het extra geld op tafel te leggen.
In september 1987 gloorde er plotseling hoop. Een nieuwe aandeelhouder, die het gevraagde bedrag wilde betalen, diende zich aan. De vreugde was van korte duur. Maas: „Enkele dagen voordat het contract zou worden getekend, brak de beurskrach uit. De financiers werden onzeker en trokken zich terug. Er ontstond een sneeuwbaleffect. De aannemer stopte met de bouw, omdat hij er geen vertrouwen meer in had. Ook de softwareleverancier, Besecke in Bremen, hield het voor gezien".

Zwarte Piet
De paniek was compleet. De Noordelijke Ontwikkelings Maatschappij (NOM) werd ingeschakeld om te bemiddelen. Het ene gesprek na het andere volgde, echter zonder resultaat. Het ging er steeds meer op lijken dat het geesteskind van directeur Koeneman zou eindigen in een financiële ramp. Een zwarte Piet wil Maas niet aanwijzen, maar hij verheelt niet dat de houding van de softwareleverancier de zaak blokkeerde. „Het is te begrijpen dat hij over zijn geld inzat. Maar doordat hij de software niet wilde leveren, kon de terminal technisch niet draaien. We zaten dus in een vicieuze cirkel".
Vorig jaar oktober verloren de banken en enkele leveranciers van kranen hun geduld. Besloten werd de terminal te veilen. In een café in Oosteinde werd de eerste zitting bij opbod gehouden. Nog voordat de tweede zitting kon plaatsvinden, meldde de Armada-groep, een Deense rederij, zich als overnamekandidaat. Ook die onderhandelingen liepen in augustus van dit jaar op een mislukking uit. Maas: „Er was afgesproken dat de terminal op 1 december vorig jaar voor 100 procent in orde zou zijn, op straffe van een boete. Geen van de financiers was bereid zijn nek uit te steken voor dat risico".

Geen sloopprijs
Er was opnieuw maar één uitweg: de veiling. Vandaag vindt de eerste zitting per opbod plaats. Op 6 december volgt een tweede. Dan zet de notaris hoog in, om vervolgens langzaam in prijs te dalen. Wie het eerst zijn vinger opsteekt mag zich eigenaar noemen van de terminal. Maas heeft er geen flauw idee van wat de terminal zal opbrengen. „In ieder geval geen sloopprijs. Het is de bedoeling dat de koper het overslagcomplex in stand houdt".
Dat de opbrengst niettemin behoorlijk beneden de kostprijs zal liggen, is vrijwel zeker. Het Havenschap krijgt als eerste zijn geld terug, daarna Amro en de FGH-bank, omdat ze de belangrijkste hypotheekhouders zijn. De overige schuldeisers mogen blij zijn als zei een schamele vergoeding krijgen. Het Rijk heeft helemaal het nakijkken.

Kip-ei-situatie
De hele geschiedenis overziende kan Maas niet anders concluderen dan „dat we er met elkaar niet in geslaagd zijn het probleem op te lossen". Hij weigert de beschuldigende vinger naar iemand uit te steken. „Het is een complex van factoren. Er is gewoon sprake van een kip-ei-situatie. De contracten met de fruithandelaars komen als de terminal volledig in werking is. De banken daarentegen willen niet meer geld geven als ze niet de zekerheid hebben dat er voldoende werk is voor de terminal". Woordvoerders van de NOM en de FGH-bank delen desgevraagd deze conclusie.
De veiling hoeft overigens niet te betekenen dat de huidige partners niet meer betrokken zullen zijn bij de fruitterminal. Maas: „Als de koper iemand is die geen transportmogelijkheden heeft, dan komen wij weer in beeld". Ook de NOM-woordvoerder sluit niet uit dat 'zijn' organisatie in de nieuwe situatie weer gevraagd zal worden om te bemiddelen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 november 1990

Reformatorisch Dagblad | 20 Pagina's

Het fiasco van een hypermoderne fruitterminal

Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 november 1990

Reformatorisch Dagblad | 20 Pagina's

PDF Bekijken