Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

„De Fransmannen

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

„De Fransmannen " hielden kerk op de deel

Oefeningen op de boerderij: het begin van Barnevelds gereformeerde gemeente

9 minuten leestijd

BARNEVELD - Een klein groepje mensen kwam bijeen op een boerendeel of in de schuur. Bij het licht van stal lantaarns werden de , psalmen gezongen. De ouderling las een preek voor... Boeken als "De kerk op de deel" vertellen ons nog van de zogenaamde "oefeningen", "gezelschappen" of "conventikels" in de vorige eeuw: mensen die bij elkaar kwamen om te luisteren naar de verkondiging of het lezen van het Woord omdat zij zich niet meer konden verenigen met wat in de kerken geleerd werd. Menige gemeente ontstond zo onder de hooizolder en tussen de koeien. Ook de gereformeerde gemeente van Barneveld begon haar bestaan op de deel van een boerderij. Nu telt deze grote gemeente ongeveer 3000 zielen. Het kerkgebouw heeft ruim 2000 zitplaatsen. De eerste dienst vond plaats aan het einde van de vorige eeuw, op boerderij "De Ganzenkamp" aan de Ganzenkamperweg in Wekerom.

In het derde deel van zijn "Kootwijktrilogie" beschrijft Jacob Overeem de oefeningen op de Ganzenkamp (in het boek wordt de boerderij "De Kraaienkamp" genoemd) als volgt: „Wolfert van Jan Burten wist dat Zandsteeg straks het zwart pak aan zou trekken en met de vrouw naar de "Kraaienkamp" zou gaan om daar een ouderwetse dominee te beluisteren. Kostelijk! zei hij dan later. Dat heur je naargus zo. Ook onder Kootwijk waren er die de gang naar de "Kraaienkamp" maakten als een voorganger daar een predikatie hield".

Gedurende vele jaren werd er op deze boerderij ten minste twee keer per jaar een kerkdienst gehouden. In het begin, toen de gereformeerde gemeente nog niet bestond, kwamen de mensen uit de wijde omtrek; later voornamelijk uit de omgeving van Wekerom.

Het was ook onder dit dak dat in 1895 de gereformeerde gemeente van Barneveld geïnstitueerd werd. Voor die tijd kwam een aantal bevindelijkgereformeerden uit de wijde omgeving van Barneveld nu en dan samen onder de prediking van ds. Elias Fransen uit Lisse. Enkele keren per jaar kwam hij preken voor gezelschappen op de Veluwe. Zijn toehoorders waren officieel nog wel lid van een hervormde kerk in Barneveld of in een van de omliggende dorpen (Wekerom, Harskamp, Kootwijkerbroek en Stroe), maar op zondag kwamen zij in groepjes bijeen onder het lezen van een preek. De sacramenten konden echter niet bediend worden, omdat er geen officiële kerkeraad was.

De Ganzenkamp

Daarom werd er op 1 december 1894 een vergadering gehouden na een kerkdienst op boerderij De Pijnenburg (in de volksmond De Pienenburg) in Harskamp. Daar nam men het besluit een eigen gemeente op te richten en zich aan te sluiten bij de acht gereformeerde gemeenten onder het kruis op andere plaatsen in ons land. In juni van het volgende jaar preekte ds. H. Roelofsen op boerderij De Grote Brand in Kootwijkerbroek. Na afloop maakte hij de plannen voor het stichten van een gemeente bekend. Wie zich wilde aansluiten kon zich opgeven; 31 namen van eenvoudige boerenmensen werden in de zomer van 1895 opgeschreven als eerste leden van de gereformeerde gemeente van Barneveld. Tegelijkertijd werd uit deze mensen een kerkeraad van vier personen gekozen.

Op 7 augustus 1895 vond de institueringsdienst plaats, waarin twee ouderlingen en twee diakenen in het ambt bevestigd werden op boerderij De Ganzenkamp. Ds. Fransen, die zo vaak voor de gezelschappen was komen preken en ook op andere plaatsen in het land gereformeerde gemeenten onder het kruis geïnstitueerd had, was gevraagd om deze dienst te leiden. Hij was echter verhinderd en daarom ging ds. A. Janse uit Kampen voor.

De boerin van De Ganzenkamp, Dirkje van Harn-van Butselaar, was een van de eerste 31 leden van de gemeente. Van Harn zelf en ook de boer van De Grote Brand behoorden daar niet bij. Waarschijnlijk had dit te maken met hun hoge leeftijd; de beide boeren waren in het jaar 1811 geboren.

„De Fransmannen"

In de herfst van 1895 werd ds. Fransen uit Lisse beroepen. Hij nam het beroep aan en werd de eerste predikant van de gemeente, waarvan de leden toen door hervormden wel aangeduid werden met de naam „de Fransmannen". In 1896 bouwde de gemeente een eigen kerkgebouw in Barneveld. Ook werden er toen twee mannen gekozen die de uitwendige belangen van de gemeente zouden behartigen, de „kerkmeesters".

Toch kwam er door de bouw van de kerk geen einde aan de diensten op de boerderijen in de omgeving van Barneveld. De gereformeerde gemeente onder het kruis in Barneveld was de enige in de wijde omtrek. Een groot aantal leden woonde ook ver weg. De vervoersmiddelen waren beperkt. Veel mensen moesten de tocht naar de kerk lopend afleggen. Vooral voor ouderen was het niet altijd mogelijk de diensten bij te wonen. Daarom bleef men een aantal keren per jaar "oefening" houden op De Ganzenkamp, ongeveer zeven kilometer vanaf Barneveld.

Voorzanger

In de winter kwam de dominee hier ook catechisatie geven. Als de koeien naar buiten waren, ging men op de boerderij hard aan het werk. Alles werd schoongemaakt, de muren werden gewit, er kwam nieuw zand op de vloer en dan kon de deel dienst gaan doen als kerk. Ook boven, op de "hilt", de zolder waaronder 's winters de koeien stonden, zaten de mensen.

In de jaren dertig woonden ongeveer 200 mensen die diensten bij. Melkbussen met planken daarop fungeerden als banken. Bij gebrek aan een orgel gaf de dienstdoende ouderling niet alleen de psalm op, maar zette deze ook in. Overigens deed men het ook in de kerk van Barneveld tot aan de Tweede Wereldoorlog zonder orgel. De "heerd" (voorkamer) werd door dominee en kerkeraad gebruikt als consistorie. Tijdens het zingen van de eerste psalm kwamen zij binnen door de zogenaamde "mildeur", de deur midden in het huis. Bij het begin van de middagdienst werd er een ketel water op de kachel gezet; na afloop was er dan koffie voor de "overblijvers", degenen die op de boerderij bleven tot de avonddienst. Als er een predikant beroepen moest worden, hield men alleen stemming in de kerk, maar voor ouderlingen en diakenen werden ook op de boerderijen stemmingen gehouden.

Ook op de al eerder genoemde boerderij De Pijnenburg bleef men enkele keren per jaar een oefening houden. Hierbij waren ook de varkens aanwezig en verschillende mensen herinneren zich nog hoe er eens een kip uit de balken kwam fladderen over het hoofd van ds. Fraanje. De predikant wuifde een keer naar het beest en preekte onverstoorbaar verder.

Op de tandem

Ds. Fransen diende de gemeente tot aan zijn dood in juni van het jaar 1898. In oktober van datzelfde jaar werd hij opgevolgd door ds. Janse uit Kampen. Terwijl hij in Barneveld stond, werden er in Uddel en Elspeet gezelschappen gehouden waarin hij voorging. Later werden ook daar gemeenten geïnstitueerd. Ds. Fraanje kwam meermalen achterop de tandem naar Uddel. Zijn zoon Joost zat dan voorop. Later vervoerde deze zijn vader per auto.

Ds. Janse ging één keer per week catechiseren op De Ganzenkamp. Hij stapte uit de trein bij de halte op de Meulunterenseweg, die inmiddels al jaren geleden is opgeheven. Van daar wandelde hij dan naar de boerderij.

Op de "heerd" zette men een aantal stoelen op een rij en dan werden zo'n twintig kinderen uit de omgeving wekelijks onderwezen. Mevrouw Donkersteeg-van Beek uit Barneveld diende van haar vijftiende tot haar zeventiende jaar op een boerderij in De Valk. Zij vertelt: „In die tijd, het was in de jaren dertig, ging ik naar de catechisatie op De Ganzenkamp. Ds. Fraanje stond toen in Barneveld. Hij kwam met kar en paard naar de boerderij en soms ook achterop een tandem. Het tweejarige dochtertje van de boer waar ik werkte, nam ik elke week mee. Hoewel het kleine meisje nog maar nauwelijks kon praten, leerde ze iedere week trouw twee vragen uit het boekje van ds. Ledeboer en een psalm. Vaak kon ze het beter dan de anderen, die al veel ouder waren". Ds. Fraanje heeft ruim dertig jaar in Barneveld gestaan. In februari 1949 preekte hij voor het laatst en in september van datzelfde jaar overleed hij.

Golfplaten

In 1972 beschadigde een zware storm de boerderij. Vooral het dak werd erg vernield. Sindsdien lagen er golfplaten over de rieten kap. Nu is de oude Ganzenkamp aan het verdwijnen. Alleen de muren van de oude boerderij staan er nog. Binnen die oude muren is een nieuw huis gebouwd, dat binnenkort te voorschijn zal komen, als ook het laatste gedeelte van De Ganzenkamp zal worden afgebroken.

De achterkant van het huis dateert van 1911, het voorste gedeelte is ongeveer 200 jaar oud. In het begin van deze eeuw kwam hét in bezit van de familie Bouw. Nu wordt het bewoond door mevrouw Bouw en haar zoon. Zij woont er al 48 jaar en heeft dus nog meegemaakt dat ds. Fraanje in de stal kwam preken: „In de lente, als de koeien de wei in waren, werd er een dienst gehouden. Meestal werd het zomaar van de preekstoel afgekondigd. Dan moesten we zien dat de boel op tijd schoon was. We zetten de deel en de hilt vol met oude kerkbanken en met stoelen. Voordat de koeien weer op stal kwamen, was er dan nog een dienst. Ds. Fraanje werd gebracht met de auto of kwam op de tandem met ouderling Van Middendorp".

Ds. P. van der Bijl is de laatste geweest die op De Ganzenkamp kwam preken. Hij stond in Barneveld van 1958 tot 1962. Tussen de twee diensten bleef hij over en ging een eindje wandelen met de dochtertjes van de boer van De Ganzenkamp. Zo rond 1960 kwam er een einde aan de kerkdiensten op de deel. Bijna iedereen was in het bezit van een auto en in staat om de afstand naar de kerk in Barneveld af te leggen. Het zou nog wel 25 jaar duren voordat De Valk, in 1985, een eigen kerkgebouw kreeg. Ook de hervormden uit Wekerom moesten het lang zonder doen. Evenals de gereformeerde gemeente hielden zij diensten op een boerderij, tot er een kerk gebouwd kon worden.

Dit artikel werd u aangeboden door: Reformatorisch Dagblad

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 6 februari 1991

Reformatorisch Dagblad | 22 Pagina's

„De Fransmannen

Bekijk de hele uitgave van woensdag 6 februari 1991

Reformatorisch Dagblad | 22 Pagina's

PDF Bekijken