Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Mandela, een jaar na zijn bevrijding

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Mandela, een jaar na zijn bevrijding

Legende van „nederig dienaar" in veel opzichten gecorrigeerd

5 minuten leestijd

JOHANNESBURG - „Ik sta hier vanlaag voor u, niet als profeet, maar als neierig dienaar van het volk". De eerste fl'oorden die Nelson Mandela gisteren jrecies een jaar geleden in vrijheid sprak. Hij had zojuist zijn gevifngenschap van 27 aar en zes maanden beëindigd. Zwarte ^uidafrikanen wilden hem niet op zijn zouist uitgesproken woorden geloven: voor zelen was hij wel degelijk een profeet en (Varen zij zijn nederige dienaren. Hoe is iat nu, na een jaar? Wat is er overgebleven van de legendevorming rond zijn perjoon? Wordt hij nog steeds beschouwd als Ie profeet van zwart Zuid-Afrika?

De nu 72-jarige Nelson Mandela heeft zich dit ;erste jaar van zijn vrijheid gedragen als een ervaen staatsman die respect afdwingt. Tegelijkertijd jlijkt hij echter ook maar een gewoon mens te djn en geen profeet, laat staan een heilige. Het is A-aar: de apartheid kalft af. de onderhandelingen tu,ssen blank en zwart zijn dit jaar van start gegaan ;n hebben grote kans van slagen. Zuid-Afrika Is öezig het isolement waarin het door de apartheid terecht was gekomen te doorbreken.

Maar politieke commentatoren in Zuid-Afrika self zijn het erover eens dat dit voornamelijk het iverk is van president Frederik de Klerk en niet van Mandela. Want als het aan de vice-president van het ANC ligt, handhaaft de wereld de sancties, blijft de sportboycot tegen het land overeind en komen er eeen scheuren in het isolement tot het ANC aan de macht is gekomen. Alle veranderingen die De Klerk dit jaar heeft doorgevoerd (en voor Zuidafrikaanse begrippen zijn die revolutionair) doet Mandela af met „kosmetisch", „onvoldoende" of „van geen belang".

Vechten, niet praten

Die houding is wel te begrijpen want Mandela moet laveren tussen allerlei uiteenlopende meningen binnen het ANC. Uit eigen gelederen heeft Mandela kritiek gekregen op zijn bereidheid om met blank Zuid-Afrika te onderhandelen. Jonge militante aanhangers van het ANC willen vechten, niet praten, en het feit dat Mandela (uiteraard in overleg met de rest van de nogal bejaarde ANCleiding) vorig jaar een einde maakte aan het gewapende zwarte verzet tegen de apartheid is hem door de radicale „comrades" bepaald niet in dank afgenomen. Bovendien heeft die oproep het gewenste resultaat gehad: Zuid-Afrika wordt geteisterd door een golf van bloedig geweld dat alleen al dit jaar aan minstens 1500 mensen het leven heeft gekost.

Bij het terugblikken op het eerste vrijheidsjaar van Mandela geven veel columnschrijvers Mandela er de schuld van dat er zo veel bloed vloeit in de strijd tussen het ANC en de Zoeloebeweging Inkatha. Immers, zo zegt men, hij had al meteen met Zoeloeleider Boethelezi moeten praten om samen met hem de achterban op te roepen de strijdbijl te begraven. Als dat kort na zijn vrijlating was gebeurd, was de strijd tussen ANC en Inkatha niet naar de zwarte steden rond Johannesburg overgeslagen, zoals in augustus vorig jaar gebeurde, zo luidt de redenering.

Dit is natuurlijk napraten en het is bovendien zeer de vraag of het telkens weer uitstellen van zo'n ontmoeting met de Inkathaleider een persoonlijke beslissing van Mandela zelf was. Het is veel waarschijnlijker dat Mandela door militante elementen in het ANC van zo'n ontmoeting is weerhouden. Uiteindelijk kwam het toch tot een treffen, dat uitmondde in een gezamenlijke vredesoproep. Maar er is tot nu toe geen noemenswaardige vermindering van de moord en doodslag tussen aanhangers van ANC en Inkatha geconstateerd.

Schuld aan armoede

Kritiek is er ook van de zijde van de Zuidafrikaanse zakenwereld. Mandela's recente dreigement dat het ANC de economie van Zuid-Afrika volkomen zal ontwrichten als de Europese Gemeenschap de sancties schrapt, is hem bijzonder kwalijk genomen. Vooral omdat hij daarmee mede schuld draagt aan de armoede onder grote delen van de bevolking. Immers, sancties en desinvestering zijn daar ongetwijfeld mede debet aan. Ook het feit dat Mandela dreigt alle mijnen en andere belangrijke sectoren van de economie te zullen naasten als het ANC aan het bewind komt, heeft veel kwaad bloed gezet.

En dan is er de (volgens velen onredelijke) kritiek van Mandela op het optreden van de regering in de onrustige zwarte steden. Op het hoogtepunt van de onlusten tussen zwarten onderling, waarbij honderden mensen op beestachtige wijze werden gedood, zei Mandela dat de regering grotendeels verantwoordelijk was omdat zij niet hard genoeg optrad tegen de onruststokers. Toen onmiddellijk hierna politie en leger in de groten getale op de onrustige steden neerstreken en de orde hardhandig herstelden, stond Mandela op om er zijn „schande" over uit te roepen.

Een dergelijk optreden toont enerzijds de verdeeldheid aan die binnen het ANC heerst maar aan de andere kant ook de onervarenheid van Nelson Mandela als politicus. Meestal speelt de zwarte leider de rol van de tot compromissen neigende advocaat, die hij van huisuit inderdaad is, vooral in zijn gesprekken met Frederik de Klerk.'

Maar soms vertoont hij een ander gelaat. Dan is hij de impulsieve doordouwer die gelijk wil hebben. Een voorbeeld van dit andere gezicht van Mandela is de manier waarop hij zijn vrouw Winnie liet benoemen tot hoofd van de Sociale Dienst en van de Vrouwenliga van het ANC. Daartegen werd hevig geprotesteerd omdat mevrouw Mandela toen al onder verdenking stond een aantal jonge activisten (onder wie de later vermoorde Stompie Moektesi) te hebben ontvoerd en mishandeld.

Toen hem vorige week door een journalist werd gevraagd of het niet verstandiger was geweest als Winnie tijdig deze functies had neergelegd in afwachting van het verloop van haar proces, draaide Mandela zich om en zei uiterst bruusk: „Ik vind dit een hoogst onbehoorlijke vraag. Als mijn vrouw dit had gedaan, had zij daarmee toegegeven dat ze schuldig was". Het was bepaald niet de eerste keer dat Nelson Mandela enige minachting en onverdraagzaamheid jegens de pers toonde.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 12 februari 1991

Reformatorisch Dagblad | 14 Pagina's

Mandela, een jaar na zijn bevrijding

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 12 februari 1991

Reformatorisch Dagblad | 14 Pagina's

PDF Bekijken