Bekijk het origineel

Waarom Israël de assemblee in Canberra koud liet

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Waarom Israël de assemblee in Canberra koud liet

7 minuten leestijd

„Israël laat Wereldraad koud", zo las ik in een dagblad naar aanleiding van de deze week beëindigde algemene vergadering van de Wereldraad van Kerken in Canberra. En daar lijkt het wel op. Hoe dat komt? Dr. A. A. Spijkerboer sloeg in "Evangelisch Commentaar" de spijker op de kop: „In het huidige theologische klimaat, waarin bij voorbeeld een conferentie van de Wereldraad van Kerken kan zeggen dat de Heilige Geest in alle religies aan het werk is, komt de bijzondere plaats van het Joodse volk gauw in het gedrang. Dat het jodendom een bijzondere plaats heeft wordt grif beaamd, omdat men even grif beaamt dat de islam, het boeddhisme en het hindoeïsme een bijzondere plaats in Gods geschiedenis met de mensen innemen".

Hoe zit het met het werk van de Heilige Geest volgens de klassieke gereformeerde theologie? Daarin worden algemene en zaligmakende werkingen van de Heilige Geest onderscheiden.

De schepping en onderhouding van de kosmos zijn het werk van de drieënige God. Als zodanig is het waar dat —om met Bavinck te spreken- „de Heilige Geest de persoonlijke, immanente oorzaak is, waardoor alle dingen in God leven, zich bewegen en zijn, hun vorm en gestalte ontvangen en heengeleid worden tot hun bestemming". Als zodanig bestaat er ook -dus in algemene zin— verband tussen de Heilige Geest en welke niet-christelijke religie ook.

De andere, de bijzondere, de zaligmakende werkzaamheid van de Heilige Geest echter wordt door de wereld niet gekend. Dat is het overtuigen van zonde, gerechtigheid en oordeel, het Christus verheerlijken, het de discipelen troosten, in de waarheid leiden en eeuwig bij hen blijven. Dit betekent dat er buiten het christelijk geloof geen zaligheid is.

Als nu binnen de Wereldraad van Kerken gezegd wordt dat de Heilige Geest in alle religies aan het werk is, maakt men ten diepste geen verschil tussen de algemene en de bijzondere werking van de de Heilige Geest. Men vereenzelvigt de algemene en de bijzondere werking.

Deze vereenzelviging leidt tot de gedachte dat de hele wereld met God verzoend is, maar dat zij het alleen nog niet weet. De opvatting van de uit Sri Lanka afkomstige theoloog Wesley Ariarajah, hoofd van het Wereldraadprogramma voor interreligieuze dialoog, vloeit direct voort uit deze valse vereenzelviging van algemene en bijzondere werkingen van de Heilige Geest. Ariarajah heeft in Canberra zonder omhaal van woorden gezegd dat christelijke zending niet nodig is. „We moeten God niet ergens naar toe brengen. Hij is er al".

Als de Heilige Geest ook werkt in de islam en in het boeddhisme en in het hindoeïsme, schijnt alles bijzonder te worden. Maar als alles bijzonder wordt, is er niets meer bijzonder. Dan is ook Israël niets bijzonders. En daarom geef ik dr. Spijkerboer gelijk in zijn redenering: Als de Heilige Geest in alle religies werkt, komt de plaats van de Joden in het gedrang.

San Antonio

Israël laat de Wereldraad koud. Het blijkt telkens weer. Ik heb de achtergrond geschetst. En ik denk ten bewijze slechts aan drie internationale oecumenische conferenties die ik -betrekkelijk recent— zelf bezocht. In de eerste plaats: de onder 'oppergezag' van de Wereldraad van Kerken van 22 tot 31 mei 1989 in San Antonio in de Verenigde Staten gehouden Wereldzendingsconferentie.

Voor de positie van Israël had men geen goed woord. Maar wel verplichtten in San Antonio de 700 deelnemers uit 112 landen zich in meerderheid tot solidariteit met de intifada, het revolutionaire optreden van Palestijnen in de zogenoemde bezette gebieden. Het gewelddadig optreden van de intifada zou een vorm van christelijk getuigenis zijn. En in de intifada zou -zoals ook in andere 'bevrijdingsbewegingen'- een „scheppende macht" aan het werk zijn: de Heilige Geest 'natuurlijk'.

Moskou

Israël laat de Wereldraad koud. Ik zit in gedachten weer in het congrescentrum in Moskou bij de vergadering van het Centraal Comité van de Wereldraad, van 16 tot en met 27 juli. En passant werd gerapporteerd dat er bij de Palestijnse onafhankelijkheidsverklaring van 15 november 1988 een boodschap was verzonden aan lidkerken in Jeruzalem waarin werd verklaard: „De intifada is het antwoord van het Palestijnse volk op de wederrechtelijke bezetting door Israël".

Volgens Moskou moest er met spoed een internationale vredesconferentie voor het Nabije Oosten bijeenkomen. En het Centraal Comité drong sterk aan op het stichten van een zelfstandige Palestijnse staat. Israël kreeg als verwijt dat het de grondrechten van de Palestijnen schond en onnodig mensenlevens beschadigde.

Genève

Palestina heette in Moskou „het land van de drie monotheïstische godsdiensten". En die zouden samen uit tempel, kerk en moskee de lof van de Schepper moeten vermelden. Als ergens duidelijk wordt dat Israël in het gedrang komt door het herkennen van de werking van de Heilige Geest in andere religies dan de christelijke religie, dan is het hier!

Ik noem in de derde plaats de van 25 tot 30 maart 1990 te Genève in Zwitserland gehouden bijeenkomst van het Centraal Comité van de Wereldraad. Die vergadering stemde in met de oproep van de Raad van Kerken in het Midden-Oosten (MECC) tot gebed voor de vrede. Een gebed echter waarvan de tekst zeer eenzijdig gericht was op de onderbouwing van het nationaal bewustzijn van de 'onderdrukte' Palestijnen. Israël laat Wereldraad koud. Inderdaad. Soortgelijke manoeuvres hebben wij nu gezien in Canberra. De assemblee riep op tot een onmiddellijk „staakt-het-vuren", zowel door Irak als door de geallieerden. De Wereldraad wil immers „veilige grenzen voor alle volken in de regio". Is dat hetzelfde als onvoorwaardelijke terugtrekking uit Koeweit? Neen. Evenmin als dit inhoudt een veroordeling van Saddam Hoesseins agressie in de richting van Israël. De houding van Canberra speelt Irak in feite in de kaart!

Wel sprak de Assyrische metropoliet van Bagdad, Mar Gewargis Sliwa, over arme, onschuldige kinderen in Bagdad die sterven. Dat zal waar zijn. Maar wie is daar verantwoordelijk voor? Wel zei een medewerker van de Amerikaanse Raad van Kerken, Duane Epps, dat de internationale gemeenschap door een „liefdesaffaire met Israël" de Holocaust van de Palestijnen vergeet.

De metropoliet maakte echter geen melding van de 200 baby's in Koeweit die door Irakese soldaten uit de couveuses werden gehaald. En dat Saddam Hoessein al lang had duidelijk gemaakt niets voor een "staakt-het-vuren" te voelen, werd in Canberra —door de meerderheid- vergeten. Woorden als belachelijk en zielig zouden op hun plaats zijn, als een en ander niet zo diep tragisch was.

Gerechtigheid

Als ik er met enige dankbaarheid op wijs dat de secretaris van de Raad van Kerken in Nederland, ds. W. R. van der Zee, en de secretaris-generaal van de Hervormde Kerk, dr. K. Blei, getracht hebben in Canberra de netelige positie van Israël nadrukkelijk onder de aandacht te brengen, dan is dat niet omdat ik hun theologische motieven deel. En als ik er schande .van spreek dat de Wereldraad zich niet nauwer verbonden weet met Israël, dan is dat niet uit een overspannen en overdreven Israëlcultus, zoals ik daarvan om mij heen de sporen bespeur. Daar voel ik niets voor. Helemaal niets.

Het gaat mij er zelfs niet om, dat de Wereldraad een schriftuurlijke Israël-visie zou ontwikkelen met aan de basis een exegese van het feit dat het hier toch gaat om „de beminden om der vaderen wil". Het ontbreekt mij ten enemale aan het vertrouwen in de theologie van Genève. Maar het gaat mij wel hierom, dat de Wereldraad het woord „gerechtigheid" zo hoog in het vaandel heeft.

Geschiedenis

Gerechtigheid beoefenen is niet slechts oproepen tot een „staakt-het-vuren" of het bijeenroepen van een vredesconferentie. Gerechtigheid beoefenen is ook de geschiedenis in acht nemen. Die geschiedenis leert ons onder andere dat al in 1948 de buurianden van het door de Verenigde Naties -tegen de achtergrond van de Holocaust- erkende Israël de Arabische bevolking opriepen het land te verlaten in afwachting van de „bevrijding van Palestina".

De geschiedenis leert ons ook, dat de weigering van bijna alle Arabische landen om Israël te erkennen een van de oorzaken is van de crisis in die regio. Pas via een brede erkenning van Israël zal het zich veilig genoeg voelen om mee te werken aan een oplossing van het Palestijnse vraagstuk. En de geschiedenis leert ons nog veel meer van dergelijke dingen...

De Wereldraad, die zich boog over een brief van Arafat, heeft het minder goed bekeken dan het trojka van ministers van buitenlandse zaken van de EG die niet meer met hem willen wegens zijn pro-Irakese houding.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 23 februari 1991

Reformatorisch Dagblad | 30 Pagina's

Waarom Israël de assemblee in Canberra koud liet

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 23 februari 1991

Reformatorisch Dagblad | 30 Pagina's

PDF Bekijken