Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Kamer laat afschaffing dienstplicht bestuderen

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Kamer laat afschaffing dienstplicht bestuderen

Ter Beek geeft commissie ruime opdracht

3 minuten leestijd

DEN HAAG - De fracties van CDA, PvdA en VVD willen dat minister Ter Beek van defensie serieus laat onderzoeken of de dienstplicht kan worden afgeschaft. De bewindsman heeft daarin toegestemd. De VVD-fractie dringt al langer aan op de vorming van een beroepsleger. Ook de christen-democraten manifesteren zich steeds duidelijker als voorstanders van afschaffing van de dienstplicht.

Verrassend was gisteren in de Kamer de opstelling van de PvdA-fractie. PvdA-woordvoerder Vos heeft bij minister Ter Beek aangedrongen op een ruim mandaat voor de commissie die op last van de bewindsman de wenselijkheid en de noodzaak van de dienstplicht gaat onderzoeken. „De PvdA-fractie is van mening dat juist de vraag naar de afschaffing van de dienstplicht centraal moet staan in het mandaat van de commissie. Afhankelijk van de principiële conclusie moet een oplossing voor de praktische problemen worden gezocht", aldus Vos.

Betrokkenheid

Minister Ter Beek ontpopt zich in zijn Defensienota als een voorstander van handhaving van de dienstplicht. „Een krijgsmacht met dienstplichtigen verzekert de betrokkenheid van de samenleving bij haar verdediging. Een permanente doorstroming leidt tot een grotere ontvankelijkheid van de krijgsmacht voor maatschappelijke ontwikkelingen. Het moet maar bezien worden of er voldoende vrijwilligers te werven zijn. En een geheel apart hoofdstuk is de behoefte aan mobilisabel personeel", zo schrijft de bewindsman. Toch heeft minister Ter Beek gisteren, na het aandringen van de wel zeer ruime kamermeerderheid, toegezegd dat hij de in te stellen commissie een zo ruim mogelijke opdracht mee zal geven.

Ook het CDA-kamerlid Koffeman brak een lans voor afschaffing van de dienstplicht. Volgens hem maakt vrijwel elke dienstplichtige een studie van de mogelijkheden om uit dienst te blijven. Koffeman signaleert daarin een toenemende onrechtvaardigheid: „De zoon van een gelovige boer uit Zeeland heeft meer kans om in dienst te moeten dan de zoon van een linkse hoogleraar uit Amsterdam".

Misverstand

Koffeman vindt het „een misverstand" te veronderstellen dat de maatschappij alleen via de dienstplicht bij haar verdediging wordt betrokken. „Alsof beroepsmilitairen en vrijwilligers die voor een korte tijd dienen niet midden in de samenleving hun leven hebben", aldus de CDA-woordvoerder.

„Hoe dan ook: de argumentatie van het maatschappelijke draagvlak krijgt een steeds grotere onvoldoende als onze dienstplichtigen terecht vragen waarom dienstplicht absoluut noodzakelijk is", meent Koffeman. Volgens hem krijgen dienstplichtigen minder dan vroeger de gelegenheid om een leidinggevende functie te vervullen. Hij gelooft dat dit ertoe leidt dat dienstplichtigen zich zelf gaan beschouwen als goedkope arbeidskrachten. „Zo ontstaat ook een verborgen overschot aan dienstplichtigen in de krijgsmacht. Dit is een van de oorzaken van verveling en de daarbij horende nevenverschijnselen", aldus het CDA-kamerlid.

Voor dienstplicht

SGP-woordvoerder Van Dis presenteerde zich gisteren vooralsnog als voorstander van handhaving van de dienstplicht. „Wat mijn fractie betreft, gaat het niet zozeer om de vraag of de dienstplicht zou moeten worden afgeschaft als wel om de vraag hoe de dienstplicht het best kan worden ingevuld", aldus het SGP-kamerlid. De SGP-fractie lijkt daarmee terug te komen op het bij de presentatie van de Defensienota op 8 maart geventileerde standpunt. Van Dis stelde bij die gelegenheid: „Aan het militaire beroep worden als gevolg van geavanceerde gevechtsmiddelen steeds hogere eisen gesteld qua kennis en geoefendheid. Tegen deze achtergrond moet serieus worden nagedacht of handhaving van de dienstplicht op termijn nog wenselijk is".

Zijn fractie zit nu weer op dezelfde lijn als GPV-woordvoerder Van Middelkoop: „Naar het oordeel van de GPV-fractie dient voor de komende jaren de dienstplicht gehandhaafd te blijven". Het RPF-kamerlid Leerling heeft minister Ter Beek gevraagd de mogelijkheid van de invoering van een sociale dienstplicht in kaart te brengen. „De RPF acht dat dringend gewenst", zo heeft Leerling de minister laten weten.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 11 juni 1991

Reformatorisch Dagblad | 14 Pagina's

Kamer laat afschaffing dienstplicht bestuderen

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 11 juni 1991

Reformatorisch Dagblad | 14 Pagina's

PDF Bekijken