Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Een hoge prijs voor de veiligheid

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Een hoge prijs voor de veiligheid"

Israël niet van plan de veiligheidszone in Zuid-Libanon te verlaten

5 minuten leestijd

JERUZALEM — De Israëlische minister van defensie, Mosje Arens, heeft gisteren meegedeeld dat Israël de veiligheidszone in Zuid-Libanon niet zal verlaten. Dit zei hij na de oproep van het Amerikaanse ministerie van buitenlandse zaken aan Syrië en Israël om de troepen uit Libanon terug te trekken. Groot-Brittannië maande Israël gisteren tot terugtrekking uit Zuid-Libanon. Libanon vindt ook dat het Zuidlibanese Leger SLA van generaal Lahad ontbonden moet worden.

„Er is al lang sprake van een Amerikaanse politiek dat er geen buitenlandse troepen op Libanees grondgebied moeten zijn", zei Arens op de Israëlische radio. Hij voegde er aan toe dat er naar schatting 40.000 Syrische soldaten in Libanon gestationeerd zijn. De minister zei niet hoeveel Israëlische soldaten er in Zuid-Libanon zijn, maar dat de „redenen van hun aanwezigheid in de Verenigde Staten goed begrepen worden". De minister zei voorts dat Israël „een hoge prijs" heeft betaald om de veiligheid die er nu in Noord-Israël is te verwerven en „we zijn niet van plan dat op te geven". Israël zal volgens Arens doorgaan met het geven van „volledige steun" aan Lahad.

Arens vertelde gisteren ook dat de Verenigde Staten Israël nog niet gevraagd hebben zich terug te trekken uit de veiligheidszone. De regering in Beiroet heeft volgens hem evenmin getracht contact op te nemen met de Israëlische regering of met de SLA over een mogelike terugtrekking. Offensief

De Libanese regering van president Elias Hrawi probeert met Syrische politieke en militaire steun langzaam maar zeker orde te scheppen in het land, dat sinds 1975 onder burgeroorlogen geleden heeft. Het officiële Libanese leger heeft enkele dagen geleden met succes een offensief ingezet tegen commando's van de Palestijnse Bevrijdingsorganisatie PLO. De PLO-strijders hebben gezegd hun zware en middelzware wapens aan het officiële leger over te geven. Met hun licht geschut trekken zij zich nu terug in de Palestijnse kampen. MOSJE ARENS Hilweh en Mieh Mieh achterblijven. Zij zijn bij de VN geregistreerde vluchtelingen. In reactie hierop hebben Israëlische bronnen gezegd dat er nog geen tekenen zijn dat de PLO zich terugtrekt en dat de PLO geen 5000 strijders nodig heeft om aanvallen op Israël uit te oefenen.

Het enige deel van Libanon dat nu dus nog niet onder het centrale gezag van Beiroet staat, is het zuiden. Dit gebied wordt onder controle gehouden door het door Israël gesteunde Zuidlibanese leger SLA van luitenant-generaal Antoine Lahad en het Israëlische leger. Het gebied dient als bufferzone om commando's te onderscheppen die aanvallen willen uitoefenen op Noord-Isfaëlische nederzettingen. Jezzine

De laatste dagen concentreerde de spanning zich vooral rond de stad Jezzine, een strategisch belangrijke plaats van 20.000 vooral maronitische bewoners. Een groep van Lahad houdt de stad onder controle. Deze trok hier in 1985 in om de christelijke bevolking te beschermen.

Het reguliere Libanese leger is Jezzine genaderd en wil de controle over de stad, die net ten noorden van de veiligheidszone ligt, overnemen. De Libanese regering wil deze machtsuitbreiding langs diplomatieke weg bereiken: een confrontatie met de SLA betekent vrijwel zeker ook een treffen met het Israëlische ledger en dit vormt voor Harawi geen prettig vooruitzicht.

Volgens generaal Lahad kan er geen sprake zijn van terugtrekking. Hij zei dat de Palestijnen, die samen met de sji'itische Hezbollah-moslimfundamentalisten de belangrijkste bedreiging vormen voor de veiligheidszone en Noord-Israël, voor slechts 10 procent hun zwafe wapens hebben ingeleverd. Hij baseerde deze schatting op observaties vanuit uitkijkposten in Jezzine. Deze bieden een blik op de Zuidlibanese stad Sidon en de vluchtelingenkampen. Volgens hem doen de soldaten van het Libanese leger ook geen pogingen om de' activiteiten van de Hezbollah aan banden te leggen. Gevaarlijk

De Israëlische kranten leken unaniem van mening dat Israël voorlopig zijn aanwezigheid in Zuid-Libanon moet handhaven. De Jerusalem Post schreef dat het vaker is voorgekomen dat de PLO „een relatief onbelangrijke hoeveelheid materiaal" inleverde om vertrouwen te winnen, maar zich daarna reorganiseerde. Ook al zouden de Palestijnen gedwongen worden hun zware wapens in te leveren, dan betekent dat nog niet dat er geen infiltratiepogingen meer ondernomen zullen worden, omdat hiervoor lichte wapens voldoende zijn. Ook wijst de krant erop dat de PLO de wapens in moet leveren, omdat deze organisatie gehaat wordt door de Syrische leider, Hafez Assad. Van de pro-Syrische Hezbollah werd niet geëist dat ze de wapens inleverde. De krant Ha'aretz schreef dat elke poging om de machtsbalans in Zuid-Libanon te veranderen gevaarlijk voor Israël kan zijn. Over de rol van Syrië schreef de krant dat Syrië heel goed begrijpt „dat Israël de status van hegemonie die Syrië voor zichzelf claimt, erkent".

In een poging de aanwezigheid van Israëlische troepen in Libanon te rechtvaardigen, heeft het Israëlische leger cijfers gepubliceerd van confrontaties tussen aan de ene kant het Israëlische leger en de SLA en aan de andere kant pogingen van Palestijnse en sjiietische commando's. Sinds begin 1988 tot nu toe zijn er 33 infiltratiepogingen geweest en 94 gewapende botsingen. Dit jaar alleen al hebben drie soldaten van de SLA, een Israëlische soldaat en 26 'terroristen' hun leven verloren. Volgens Israëlische zegslieden is juist de laatste weken het aantal infiltratiepogingen toegenomen. Een reden die wordt genoemd, is dat de Palestijnse strijders nu willen laten zien dat ze nog op het toneel zijn.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 10 juli 1991

Reformatorisch Dagblad | 20 Pagina's

Een hoge prijs voor de veiligheid

Bekijk de hele uitgave van woensdag 10 juli 1991

Reformatorisch Dagblad | 20 Pagina's

PDF Bekijken