Bekijk het origineel

Thoolse agrariërs richten zich pp bloementeelt

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Thoolse agrariërs richten zich pp bloementeelt

9 minuten leestijd

SCHERPENISSE/POORTVLIET - Al jaren klagen de boeren dat hun inkomen steeds verder achteruitgaat. Als we de agrariërs moeten geloven, is er in de landbouw geen stuiver meer te verdienen. De prijzen liggen veel te laag, de concurrentie vanuit de EG-landen wordt steeds groter, milieueisen vragen financiële offers, kortom, er lijkt geen toekomstperspectief te zijn voor jonge boeren. Toch zijn er alternatieven. Bloemen bij voorbeeld.

De problematiek in de akkerbouw brengt met zich mee dat veel ondernemers in deze sector uitzien naar nieuwe teelten om hun inkomenspositie te verbeteren. Ook op Tholen zijn er veel akkerbouwers die overschakelen. Een alternatief dat het op Tholen goed doet, is bloementeelt. Steeds vaker zien we ook op Tholen fleurige bloemenvelden. Dat betreffen met name bloemen voor de zaadteelt, maar de laatste paar jaar komen daar vooral ook droogbloemen bestemd voor de export bij. De exportmarkt voor droogbloemen is sterk groeiende. In landen als Duitsland, Frankrijk, Italië, Amerika en Japan wordt de vraag naar droogbloemen steeds groter.

Op een aantal bedrijven op Tholen heeft deze teelt reeds een vaste plaats gekregen in het bouwplan. Behalve met de bloementeelt zijn er ook akkerbouwers die het gaan proberen met groenten van de volle grond. Ook de glastuinbouw heeft de aandacht. Er zijn zelfs al plannen om akkerbouwers ta laten overschakelen op de viskwekerij.

Een van de akkerbouwers die al enkele jaren geleden zijn overgeschakeld op bloemen is P. C. Heyboer uit Poortvliet, een teler die maar liefst 43 verschillende soorten bloemen op zijn akkers heeft staan. Van de vroege morgen tot in de late avond is hij tussen de bloemen te vinden. Ook zijn vrouw en kinderen helpen mee. Noodgedwongen? Piet Heyboer: ,.Tja, wat zal ik zeggen. Alleen kun je het niet, zeker niet in het hoogseizoen. Dan kunnen we het zelfs met ons hele gezin niet af. Gelukkig hebben we dan vakantiewerkers die ons komen helpen: schoolkinderen die er graag een zakcentje bij willen verdienen. Als we die niet hebben en we moeten volwassen krachten in dienst nemen, kunnen we beter ophouden. Dan houd je helemaal geen stuiver meer over".

Treurig

Volgens Heyboer ziet het er treurig uit in de landbouw. „Als het zo doorgaat, blijft er geen boer meer over. De prijzen zijn al jaren hetzelfde, de eisen worden steeds strenger". Toch gaat hij niet bij de pakken neerzitten. Al jaren is hij aan het zoeken naar een teelt die wat meer opbrengt. Zo heeft hij het eerst geprobeerd in de bollen: lyatrisbollen. „Dat ging in het begin best wel goed. Middelen om te spuiten tegen onkruid had je toen nog niet. Dus alles moest met de hand gebeuren. Toen er echter een middel tegen het onkruid werd uitgevonden en er machines op de markt kwamen waarmee de bollen konden worden geplant en gerooid, was het gebeurd. De prijzen kelderden, want de aanvoer werd steeds groter".

Daarna schakelde Heyboer over op zaadteelt. In het begin leek dat een goede keuze te zijn, maar na een paar jaren met enorm grote oogsten kwam ook daarin weer de klad. De handelaren hebben voor jaren zaad in overvloed. „In het begin ging het goed. Maar als er ergens goed aan wordt verdiend, springen de grotere boeren er eveneens in. Ook zij zitten met afbraakprijzen voor hun vruchten. Toen zij overschakelden op zaadteelt kwam er te veel en de prijzen kelderden".

Zomerbloemen

Heyboer is 'bij toeval' in aanraking gekomen met het telen van zomerbloemen. Een teeh die hem wel wat leek en waar hij tot op dit moment nog geen spijt van heeft. Ondanks het feit dat het een arbeidsintensief werk is, doet hij het graag. Heyboer: „Kijk hier is tenminste wat aan te verdienen. Zeker, je moet er hard voor werken en veel uren maken, maar nu weet je waar je het voor doet. Nu houden we aan het eind van het jaar nog wat over en dat hadden we met die andere teelten niet meer".

Bang dat ook dit weer zal verdwijnen doordat de grote boeren hieraan zullen beginnen, is hij niet. Wel merkt hij dat ze hem met argusogen in de gaten houden. Maar zo lang er nog zo veel 'handenarbeid' aan te pas komt, verwacht^hij niet dat zij zullen overschakelen. „Als een grote boer in het hoogseizoen hier voorbijkomt en ziet dat er zo veel personeel voor nodig is om de bloemen te snijden,.dan moet hij er niets van hebben. Ze moeten met machines het land op kunnen en het moet niet zo arbeidsintensief zijn".

De bloemen die Heyboer teelt en snijdt, brengt hij zelf naar de bloemenveiling Berkel in Bleiswijk. Hij is er dan zeker van dat de bloemen goed aankomen, maar ook omdat een vervoerder inschakelen te duur is. Iedere bloem moet worden gecontroleerd. Er mogen geen kromme stelen bij zijn, de stelen moeten een bepaalde lengte hebben, er mogen geen dode bladeren aanzitten en ga zo maar door. Er moet nu eenmaal kwaliteit geleverd worden.

Droogbloemen

Behalve de zomerbloemen zijn ook de droogbloemen in opmars. Met deze teelt houdt de familie J. C. Lindhout in Scherpenisse zich de laatste jaren bezig. Een van de soorten die zij telen is limonium tatarica, een soort met vele toepassingsmogelijkheden. Vooral het buitenland heeft hiervoor grote interesse. In het jaar dat de tatarica geplant wordt, is er geen opbrengst. Het plantmateriaal komt vaak van een plantenkweker, maar het kan ook door de droogbloemenkweker zelf worden opgekweekt. Het zelf opkweken is arbeidsintensief, maar geeft een aanzienlijke besparing op de aanschafkosten. In mei kan er worden geplant, in de winter sterven de planten af en in het voorjaar wordt nieuw blad gevormd. Tussentijds moet het perceel onkruidvrij gehouden worden. Het volgend jaar mei gaan de bloemschermen zich ontwikkelen. Afhankelijk van de weersomstandigheden staan de bloemen half tot eind juli in volle bloei. Dan kan met het oogsten worden begonnen. Het gewas wordt gesikkeld of gemaaid, opgeladen en op een droogvloer gestort. Het droogproces, ventileren met koude lucht, neemt tien tot veertien dagen in beslag.

Als de bloemen droog genoeg zijn, worden ze verpakt in dozen die door de koper ter beschikking zijn gesteld. Is de hele partij ingepakt, dan wordt deze getransporteerd naar de afnemer. Die zorgt dan voor de verdere verwerking in diverse boeketten, verven en exporteren. Deze droogbloemen worden meestal op contract geteeld. In zo'n contract wordt ook een minimale steellengte overeengekomen. Deze varieert van 30 tot 35 centimeter. Hoewel er het eerste jaar geen opbrengst is, kan een teler wel acht jaar lang van deze bloemen oogsten. Er mag dan natuurlijk geen ziekte in de plant komen.

Dat de droogbloemen gewild zijn, blijkt uit de cijfers in de exportmarkt. Beliep de totale export in 1986 een bedrag van 48 miljoen, in 1990 was dit al toegenomen tot ruim 100 miljoen gulden. De verwachting is dat deze groei zich de komende jaren zal voortzetten.

Om ervaring en kennis uit te wisselen werd door enkele telers het initiatief genomen tot het oprichten van een studieclub. Al gauw bleek dat hiervoor veel animo was. Telers bleken meer te willen weten over hun produkt en wilden hierover graag van gedachten wisselen. Zo is op 13 september 1989 de studieclub Bloevantho (Bloemen van Tholen) van de grond gekomen. Een van de doelstellingen van de studieclub is het behartigen van de belangen van de telers. Zo worden er contacten onderhouden met andere regionale organisaties en worden teeltechnische gegevens uitgewisseld ter verbetering van de teeltkennis bij de individuele ondernemer. Al snel kwamen er tijdens de bijeenkomsten aspecten naar voren waaruit het belang van de teelt blijkt. Zo vormt het opnemen van de teelt in het bouwplan van een groot aantal bedrijven een goede mogelijkheid om het onder druk staande inkomen aan te vullen. Ook schept de teelt van deze zomer- en droogbloemen ruimte voor een aantal arbeidsplaatsen, onder andere bij de verwerking, droging en afzet. Verder blijkt de teelt van deze bloemen mee te werken aan de verbetering van het milieu, omdat gewasbeschermingsmiddelen weinig of in het geheel niet mogen en/of kunnen worden gebruikt. Zelfs het gebruik van kunstmest is bij deze teelt minimaal.

Subsidie

Door de gemeente Tholen worden de initiatieven die de akkerbouwers op Tholen nemen gewaardeerd. De gemeente heeft een startsubsidie geschonken aan de studieclub. Bovendien geeft Tholen alle medewerking bij verder onderzoek. Wethouder J. Versluis: „Als gemeente staan wij zeer positief tegenover dit initiatief. De herstructurering in de akkerbouw gaat ons allen aan. De akkerbouw in Nederland en de rest van de Europese Gemeenschap is sinds jaren op zoek' naar het zogenaamde vierde gewas, dat naast aardappelen, graan en suikerbieten kan worden geteeld. Dat vierde gewas moet de noodlijdende sector uit de problemen halen. Wij als gemeente proberen dan ook om de belangstelling bij de akkerbouwers hiervoor op te wekken. Zo oriënteren wij ons nu op de mogenlijkheden voor uitbreiding in de glastuinbouw. Ook de vollegronds groenteteelt biedt best wel perspectief. Vorig jaar zijn zeven telers gestart met de broccoliteelt. Zo proberen wij steeds de akkerbouwers ervan te doordringen dat ze niet stil kunnen gaan zitten en afwachten. Toch moeten we zeggen dat de belangstelling tijdens de voorlichtingsavonden best wel tegen valt".

Behalve voorlichtingsavonden over alternatieve teelten organiseert de gemeente ook voorlichting aan de boeren over het overschakelen op het kweken van vis. Zo is er in Sint Maartensdijk een project begonnen waaraan geïnteresseerde boeren mee kunnen doen. Daar kunnen ze dan leren hoe ze paling moeten gaan kweken. Er blijkt zelfs hiervoor animo te zijn onder de boeren. Wordt de aardappelboer van Tholen straks visboer? En zullen de graanvelden straks allemaal veranderen in bloemenvelden? Als we de boeren moeten geloven, zal er voor hen weinig anders meer overblijven dan vis en bloemen. VERSLUIS

In de regio
Fpto RD

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 17 juli 1991

Reformatorisch Dagblad | 18 Pagina's

Thoolse agrariërs richten zich pp bloementeelt

Bekijk de hele uitgave van woensdag 17 juli 1991

Reformatorisch Dagblad | 18 Pagina's

PDF Bekijken