Bekijk het origineel

Of toch liever de stilte?

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Of toch liever de stilte?

6 minuten leestijd

Het is stil in het kerkgebouw waar zo dadelijk de godsdienstoefening een aanvang zal nemen. Alleen de voetstappen van de binnenkomers zijn hoorbaar, evenals een zacht gemompelde groet en het kraken van de banken waarop de zojuist binnengekomene zich laat zakken. Voor het overige: stilte. Totdat de deur van de consistorie opengaat, de kerkeraad binnentreedt en de voorlezer, tevens voorzanger, de te zingen openingspsalm opgeeft en inzet...

De hier geschetste aanvang van de eredienst komt niet veel meer voor. De genoemde stilte wordt soms zelfs door kerkgangers die er niet aan gewend zijn als geladen en spanningsvol ervaren. Het merendeel van degenen die hun gangen richten naar Sions zalen is gewend geraakt aan het instrument dat de plaats van de stilte heeft verdrongen: het orgel.

Zingen of niet?
Orgelspel als inleiding op het gesproken woord is langzamerhand gemeengoed geworden in onze erken. Maar van den beginne is het (vanzelfsprekend) zo niet geweest. Vroeger, in de tijd van de Reformatie, werden er Schriftgedeelten voorgelezen als inleiding op de predikatie. In sommige kerken werd en wordt gezongen voor de dienst: een goede manier om de samengekomen schare bekend te maken met de minder bekende psalmen.
In het verband van dit artikel willen we ons echter beperken tot het orgelspel als voorbereiding op de te houden eredienst. Velen weten niet beter: bij het binnentreden van het kerkgebouw speelt het orgel.
En daar blijft het voor een grote groep kerkgangers dan ook bij. Vraag hen na afloop van dienst niet wat er vooraf gespeeld is; ze hebben er echt geen idee van. Er is eigenlijk maar één ding dat ze nog erger zouden vinden dan dat orgelspelen: de stilte, als het orgel, om wat voor reden dan ook, zwijgt.

Niet te hard
Een volgende categorie gebruikt het orgelspel als achtergrondmuziek tijdens de gesprekken met de naaste omgeving. Het orgel overstemt min of meer de praatgeluiden, zodat diverse onderwerpen zonder problemen de revue kunnen passeren. In die zin wordt de muziek, zolang die maar niet te hard is, door hen gewaardeerd.

Een andere groep, in de regel een kleine minderheid, heeft ronduit een hekel aan het inleidend orgelspel. Dat kan verschillende oorzaken hebben.
Er kan een aversie bestaan tegen muziek in het algemeen of orgelmuziek in het bijzonder, maar het kan ook zijn dat de muzikale voorkeur van deze mensen een andere is dan die van de organist.
Hierin spelen zaken als de stijlperiode waarin men zich het beste thuisvoelt, maar ook bij voorbeeld herkenbaarheid van melodieën een rol.

Verband
Ten slotte de groep (gewijde) luisteraars. Ze weten wat de organist heeft gespeeld, kunnen soms een verband leggen tussen het gespeelde en gebeurtenissen in de afgelopen week (bij voorbeeld sterfgevallen) of (achteraf) met de gehouden predikatie.
Sommigen kunnen zelfs precies aangeven waar het even misging, waar de zwakke plekken zaten en welke registraties zijn gebruikt. Kortom, luistert men net zo intensief naar de preek als naar het orgelspel, dan zit het wel goed.
Met alle bovengenoemde categorieën moet de organist min of meer vrede zien te bewaren. Zijn taak is niet zo eenvoudig als het misschien in een eerste oogopslag lijkt.

Nobel
Ik denk dat de belangrijkste functie van het inleidend orgelspel is: het toegankelijk maken van de menselijke geest voor het gesproken woord. Dat is, onmiddellijk toegegeven, een nobel streven — met een slechts beperkte kans van slagen. In de eerste plaats is orgelspelen, evenals alle andere verrichtingen, mensenwerk. Wanneer de organist alleen zijn eigen capaciteiten etaleert, met het doel mooi te spelen of indruk te maken, mag hij alleen maar begrip en aanhang verwachten bij een deel(!) van de ‘gewijde luisteraars’ zoals hiervoor omschreven.
Daarmee vervreemdt de organist —bewust of onbewust— niet alleen een zeer groot deel van de opgekomen kerkgangers van zichzelf en zijn spel, maar hij toont tevens geen boodschap te (willen) hebben aan deze groep.
De grootste categorie kerkgangers bestaat uit mensen die maar matig geïnteresseerd zijn in orgelmuziek. Juist deze mensen tot luisteren te brengen, is een uiterst moeilijke taak die de organist zichzelf op moet leggen. Dit impliceert niet automatisch dat hiermee aan de gewijde luisteraars te kort wordt gedaan. Ook in koraalspel met goed herkenbare melodieën, waarvan een zekere rust uitgaat, kan kwalitatief hoogstaand werk worden geleverd.

Onbewust
Daarbij mag van een organist verwacht worden dat hij weet wat er zich binnen de gemeente afspeelt en dat hij daar —waar mogelijk— rekening mee houdt.
Het is opvallend dat zeer veel gemeenteleden het bijzonder waarderen wanneer de organist tijdens het inleidend orgelspel rekening houdt met een plotseling sterfgeval. Ook de niet in orgelmuziek geïnteresseerden! Men luistert dus wel, zij het blijkbaar onbewust.
Een andere functie van het orgelspel voor de dienst kan zijn het vertrouwd maken van de samengekomen gemeente met minder bekende melodieën.

Hoewel het zingen van deze psalmen voorkeur verdient, is het in gemeenten waar het niet gebruikelijk is voor aanvang van de eredienst samen te zingen, aan te bevelen met enige regelmaat de wat minder bekende koraalmelodieën als thema voor het inleidend koraalspel te nemen. Hierbij is echter wel weer het risico aanwezig dat de aandacht van minder tot luisteren geneigde aanwezigen vanwege de onbekende melodie moeilijker is vast te houden.
Enige terughoudendheid mag betracht worden bij het voorschotelen van onbekende psalmen (of gezangen).

Stilte
Ook hierbij moet het hoofddoel van het orgelspel, het leiden naar het gesproken woord, niet uit het oog worden verloren. Wanneer de organist van tevoren op de hoogte is van tekst en/of inhoud van de preek, zal hij hiermee rekening houden bij het bepalen van de te spelen psalm- of gezangmelodie.
Alleen wanneer een organist in staat is een flink deel van de samengekomen kerkgangers tot luisteren te bewegen en hen daarmee te leiden naar de te houden eredienst, is het orgelspel voor de dienst als zodanig te verantwoorden en te handhaven. Wanneer dit niet het geval is, is het beter om samen te zingen of te lezen uit Gods Woord.
En laten we in dat geval als andere mogelijkheid de meest indrukwekkende niet vergeten: de stilte.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 29 oktober 1991

Reformatorisch Dagblad | 64 Pagina's

Of toch liever de stilte?

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 29 oktober 1991

Reformatorisch Dagblad | 64 Pagina's

PDF Bekijken