Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Verstandshuwelijk op de klippen

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Verstandshuwelijk op de klippen

Egypte en libië hebben de wittebroodsweken duidelijk achter de rug

5 minuten leestijd

CAIRO - De wittebroodsweken tussen Egypte en Libië zijn voorbij, het echtpaar maakt weer ruzie. Alle retoriek over de Arabische eenheid ten spijt, bewijst Libië opnieuw dat het niet lang met een partner onder één dak kan wonen.

Nog maar kort geleden omhelsden de Libische leider, Gaddafi, en de Egyptische president, Hosni Moebarak, elkaar innig. Beide leiders zagen het nut in van dit verstandshuwelijk. De buurstaten vormden het ideale paar: Egypte moest een miljoen zonen leveren om de nieuw te ontginnen landerijen van Libië te bewerken. In ruil daarvoor zou Libië voor het inkomen van Egypte zorg dragen. De luchtballon is uiteengespat. Ongeveer anderhalve maand geleden begonnen de problemen. De Libische bevolking heeft een hekel aan de massa Egyptische gastarbeiders die het land overspoelt, en bekogelt hun auto's met stenen.

Geïrriteerde burgers en grenswachten confisqueren talloze goederen die Egyptenaren met hun auto's uit Libië naar Egypte willen meenemen. Bij de Libische grenspost Mossaid stapelen de blikken eten, lappen textiel, ijzerwaren en bouwmaterialen zich op. Egyptenaren mogen het niet uitvoeren.

Het is nog maar kort geleden dat Gaddafi persoonlijk de grenspost Mossaid verpletterde met een bulldozer, om de opening naar Egypte te symboliseren. Nu hebben zijn ambtenaren die grens weer opgetrokken.

Bekogeld

Woedende Egyptenaren dienen dus een plensbui van klachten in aan hun kant van de grens bij al-Salloum. Het ministerie van buitenlandse zaken in Cairo heeft inmiddels geklaagd in Tripoli. „Het ministerie van buitenlandse zaken ziet met grote zorg dat massa's Egyptenaren die uit Libië terugkeren met stenen worden bekogeld door Libiërs en dat hun bezittingen in beslag worden genomen", zegt een topambtenaar in Cairo. „In strijd met een door Libië genomen besluit bij de opening van de grens worden tal van produkten die Egyptenaren uit Libië naar huis willen meenemen, geconfisqueerd".

Dat Egyptische semi-officiële kranten melding maken van deze ongeregeldheden met Libië is een teken dat er meer aan de hand is dan individuele acties. Er moet politieke verwijdering tusen beide landen gaande zijn. Dat werd deze week overduidelijk op een Congres van Arabische Apothekers in Tripoli. Daar lanceerde de tweede man van Libië, majoor-generaal Abdel Salam Jallud, een frontale aanval op het beleid van president Moebarak en op het Egyptische volk.

„Egyptenaren zijn 'dood'. Echte politieke oppositie voeren Egyptenaren niet tegen hun regering, behalve dan de moslim-extremisten. Die oppositie is echter dringend nodig", aldus Jallud. Zijn anti-Egyptische redevoering was vooral ingegeven door de rol van Egypte in het vredesproces. Libië weigert Israël te erkennen en. veroordeelt ieder die met Israel aan tafel wil zitten.

Gaddafi zei begin deze week dat het vredesproces ,.de Palestijnse rechten ondermijnt. De Arabische massa's zijn het niet met vredesbesprekingen eens, maar de Arabische leiders behandelen hun volken als kuddes schapen". .,President Sadat van Egypte was een verrader omdat hij vrede met Israël sloot. Het huidige „Egypte van Camp David" is defaitistisch, dus oppositie is dringend gewenst", hield Jallud de congresgangers in Tripoli voor.

Olie op de golven

De 58 Egyptische deelnemers dachten dat ze waren gekomen voor een congres van apothekers over „hoe kunnen Arabische apothekers een grotere rol spelen en de organisatie van symposia over de farmaceutische industrie in de Arabische wereld". Wie had gedacht dat majoor-generaal Jallud zijn toespraak zou gebruiken voor „een aanval op Egypte, vol scheldwoorden?" vraagt politiek commentator Samir Ragab zich verbijsterd af in het semi-officiële Egyptische dagblad al-Gumhuria.

In een spotprent in dezelfde krant komt een secretaris van Jallud uit diens kamer om twee journalisten die hem willen interviewen te vertellen dat ze nog even moeten wachten. „Het spijt me dat de majoor een beetje verlaat is, maar hij moet zijn drugs nog gebruiken", zegt Jalluds medewerker.

„Ik ken persoonlijk de mening van Gaddafi over Abdel Salam Jallud en ik heb medelijden met Gaddafi omdat hij hem nog steeds niet heeft ontslagen. Dat had hij lang geleden moeten doen", zegt Samir Ragab in een overduidelijke poging om tweedracht te zaaien in het Libische leiderschap. Minister van binnenlandse zaken Abdel Halim Mussa lijkt olie op de golven te willen gooien. „De Egyptisch-Libische grens is kalm". De minister benadrukt dat de grens is heropend op verzoek van de bevolking. Een manier om alvast de schuld van Moebaraks schouders te halen als het huwelijk weer wordt ontbonden? De Egyptische regering lijkt de incidenten voorlopig te willen smoren. Minister Mussa zegt gebeld te zijn door zijn Libische collega. Die stelde voor dat een gezamelijke politiecontrole bij de grens wordt gevormd om te voorkomen dat de relaties worden geschaad.

Pogroms

..De individuele acties tegen sommige Egyptenaren hebben geen invloed op de toenadering en samenwerking van de twee naties", zei Abdel Halim Mussa. „Deze incidenten maken ons niet bezorgd en doen de sterke banden geen kwaad".

Dat is ook wat Egypte zei toen in 1989 plots extra veel Egyptische lijken uit Irak werden overgevlogen. Eerst reageerde de Egyptische regering voorzichtig, maar geleidelijk werd duidelijk dat van 'pogroms' sprake was. „De alarmklokken luiden in Libië", waarschuwt columnist Nabil Hoessein daarom in The Egyptian Gazette. „Reageer alstublieft snel op elk melding dat Egyptenaren worden mishandeld", vraagt hij aan zijn overheid.

„De Egyptische waardigheid moet boven alle (politieke en economische) overwegingen staan. Of wachten we totdat we een nieuwe golf van geweld zien tegen onze zonen, zoals gebeurd is in Irak?"

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 6 november 1991

Reformatorisch Dagblad | 22 Pagina's

Verstandshuwelijk op de klippen

Bekijk de hele uitgave van woensdag 6 november 1991

Reformatorisch Dagblad | 22 Pagina's

PDF Bekijken