Bekijk het origineel

Saenredam en 'zijn'perspectief-schilders

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Saenredam en 'zijn'perspectief-schilders

Hoe legden Vredeman de Vries en de gebroeders Berckheyde een kerkinterieur vast ?

7 minuten leestijd

Het liep aardig storm in het Rotterdamse museum Boymans-Van Beuningen. Zeker allemaal nog op weg naar de tentoonstelling gewijd aan de vermaarde architectuur-schilder Pieter Saenredam en zijn bentgenoten? Welnee, vermoedelijk op een draf naar de gênante (vleeskeurings„.-)uitstalling die filmmaker Peter Greenaway als gastconservator mocht inrichten: "The Physical Self". Die bestaat deels uit ontklede vrouwelijke en mannelijke modellen, die in diverse afmetingen worden geëtaleerd in glazen kooien. Ik vind het onbegrijpelijk dat zo'n respectabel museum zich aan deze onartistieke ongein overgeeft èn dat kunstcritici daar nog serieus op ingaan ook! Enfin, als Boymans om een publiekstrekker verlegen zat, is men nu vast wel geslaagd. Maar met edele kunst heeft dit stuntwerk weinig te maken. Ik beperkte me liever tot de waardevolle en waardige expositie "Perspectiven - Saenredam en de Nederlandse architectuurschilders van de 17e eeuw". Dat waren er in die Gouden Eeuw niet zo bar veel. Andere specialismen kennen we genoeg: stillevens, landschappen, portretten. Maar het architectuurstuk, het schilderen van gebouwen, als apart genre werd door relatief weinig kunstenaars beoefend.

Bestaande bouw

De ontwikkeling van dit genre laat men op de expositie beginnen met Hans Vredeman de Vries, die eigenlijk een voorloper was, want hij leefde van 1527 tot 1606 en is dus geen exponent van de Gouden Eeuw. Maar Hans Vredeman is van belang, omdat hij niet slechts schilderde, maar ook enkele verluchte boeken over de bouwkunst schreef. Hij, zijn zoon Paul Vredeman de Vries en hun latere vakgenoten als Hendrik Steenwijck de Oude en idem de Jonge, Dirck van Delen'(1605-1671) en Bartholomeus van Bassen (plm. 1600-1652) hielden zich echter voornamelijk bezig met gefantaseerde gebouwen, niet 'naar 't leven getekend'. Zoals hun collega's de landschapschilders trouwens evenmin exact de natuur en omgeving weergaven, al of niet 'italianiserend'.

Hans Vredeman de Vries werd bekend, maar befaamder werd Pieter Saenredam (1597-1665), afkomstig uit Assendelft. Hij geldt als de eerste architectuurschilder die werkelijk bestaande gebouwen weergaf, met name kerken: in zijn geboortedorp, in Haarlem, Amsterdam en Utrecht. Zo is hij ook voor de topografie van belang. Tot in onze tijd vindt hij navolgers: Henk Helmantel en Maarten 't Hart. Zijn panelen -hij schilderde nauwelijks op doek— tonen een vrij ingewikkelde kijk op het perspectief. Hij componeerde in zijn vroegere werk deze kerk-doorkijkjes zó, dat men loodrecht op een van de assen van het gebouw kijkt.

Diagonale doorkijkjes

Het is opmerkelijk dat de architectuurschilderkunst bijna uitsluitend in de Nederlanden tot ontwikkeling kwam. Daar, in Noord en Zuid, leerde men op het platte vlak van een paneel of doek de werkelijkheid in drie dimensies weer te geven. De theorie van het perspectief was al eerder bekend, in de 14e en vooral 15e eeuw; kijk maar naar de doorkijkjes op sommige werken van de zogeheten Vlaamse Primitieven. Laat in de 16e eeuw komt dit genre dan als speciaal genre naar voren. Maar ook daarbinnen zijn er ontwikkelingen aan te wijzen.

Schilder Hans Vredeman de Vries was ook theoreticus en schrijver over het perspectief. Deze tekening, "Perspectiefconstructie met twee verdwijnpunten", is ontleend aan zijn "Perspective" uit 1604. Die term betekende in de 17e eeuw: weergave van bestaande of gefantaseerde gebouwen.

Naast en na Saenredam, zo omstreeks 1650, zien we andere trends in deze schilderkunst, met name in Delft. Men schildert het (kerk)interieur nu vanuit (letterlijk) andere standpunten, kijkt schuin in en door het gebouw en geeft ingewikkelde doorzichten en indrukwekkende zuilenpartijen.

Deze diagonale kijk vinden we vooral bij iemand als Gerard Houckgeest (plm. 1600-1661), Emanuel de Witte (plm. 1617-1692, schilder van het graf van prins Willem de Zwijger in de Nieuwe Kerk van Delft) en Hendrick van Vliet (plm. 1611-1675). Een paar werken van Houckgeest, bruiklenen uit Kopenhagen en Hamburg, zijn nu in Boymans-Van Beuningen te zien. Van Saenredam zijn er zo'n vijftien werken bijeengebracht uit zes landen. Bekend is natuurlijk zijn "Mariaplaats in Utrecht", met de later gesloopte Mariakerk en links de Dom en de Buurkerk.

Stadsgezichten

Het laatste deel van de tentoonstelling omvat onder meer werk van de broers Job en Gerrit Berckheyde (1630-1693 en 1638-1698) en van Jan van der Heijden, een schilder, en veelzijdig man, van wie het grote publiek vaak niet méér weet dan dat hij als uitvinder van de brandspuit mag gelden. Deze drie beperkten zich niet tot kerkinterieurs, maar gingen ook stadsgezichten vastleggen, zoals Haarlem met centraal de St. Bavo. Van der Heijden en anderen die in Amsterdam werkten, toonden vooral de Dam en omgeving: de oude Beurs, de Nieuwe Kerk, het oude en toen nog nieuwe stadhuis van Jacob van Campen (nu Koninklijk Paleis). Wat krijgt de architectuur-liefhebber zoal voorgeschoteld op deze rijke expositie, die alleen in Rotterdam te zien is? Er hangen zo'n 65 werken, op doek, maar vooral op paneel. Niet vaak zal deze collectie weer bijeen zijn, want de bruiklenen komen uit Los Angeles en

Westgevel van de (later afgebroken) Mariakerk in Utrecht, geschilderd door Pieter Saenredam. De klassieke Romeinse invloed op de bouw is opmerkelijk. Lueano, uit Wenen, Lille, Edinburgh en andere steden. Nog tot 24 november kan men voor Saenredam hier terecht. Bij de expositie-voorbereiding werd nog een nieuwe Saenredam ontdekt, een grote olieverf op doek. Het Stedelijk Museum in Alkmaar had een "Interieur van de Grote of St. Laurenskerk te Alkmaar met zicht op het orgel". Dat is recent gerestaureerd door Martin Bijl in Alkaar en toen werd duidelijk dat dit doek een der weinige 'Saenredams' was die hij niet op paneel schilderde. Het Alkmaars museum hield het voor een doek van de onbekende Isaac van Nickelen, maar de conservator oude kunsten van Boymans-Van Beuningen, Jeroen Giltay, vermoedde dat het een Saenredam betrof.

Er zijn namelijk tekeningen van Saenredam uit 1661 bekend die als voorstudie voor dit werk gelden. Bovendien woonde Saenredam in 1661 in Alkmaar en hij schetste er het orgel. De Conservator Giltay van Museum Boymans-Van Beuningen met de recente ontdekking van een olieverf op doek van Pieter Saenredam: de Grote Kerk in Alkmaar. Foto ANP restauratie bood zekerheid en de verzekeringswaarde van het doek steeg van drie ton tot, naar schatting, 18 miljoen. Een paar andere hoogtepunten op "Perspectiven" zijn bij voorbeeld "De westgevel van de Mariakerk in Utrecht", door Saenredam in 1662 vastgelegd en nu eigendom van de rijke collectie Thyssen-Bornemisza in Lugano. Hoezeer die Mariakerk was afgekeken van de oude Romeinse basilica, is hierop goed te zien. Interessant is ook Saenredams "Het oude stadhuis in Amsterdam" uit 1657, nu in het Rijksmuseum. Of "Oude Kerk in Delft met grafmonument van Maarten Harpertsz. Tromp" van Hendrick van Vliet. Een voorbeeld van fantasie-architectuur is wel "Paleisarchitectuur met figuren" van Hans en Paul Vredeman de Vries.

Als 'lokker' van de expositie doet het "Interieur van de Nieuwe Kerk in Delft met het graf van Willem de Zwijger" van Emanuel de Witte dienst. Zijn manier van schilderen met grote in plooien neerhangende gordijnen op de voorgrond geeft niet alleen een trompe-l'oeuil-effect —het is zo bedrieglijk echt geschilderd, dat men zo'n gordijn gewoon terzijde zou willen schuiven— maar ook een extra dieptewerking. Het is aardig om dit werk te vergelijken met dat van Gerard Houckgeest uit 1650, die hetzelfde interieur met graf uitbeeldt.

Dat ook De Witte uiteraard zijn werken zorgvuldig 'componeerde' en niet ter plekke schilderde wat hij vóór zich zag, kan een leek zien. Op verschillende werken laat hij steeds weer dezelfde gelaarsde man in rode cape of mantel opdraven die op het genoemde schilderij zo'n vooraanstaande plaats inneemt. Mooi vond ik ook net "Gezicht op het Spaarne in Haarlem" van Gerrit Berckheyde uit plm. 1669, met links de St. Bavo en op cfe voorgrond de Waag, dichtbij de plaats waar aan deze rivier nu nog Teylers Museum ligt.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 15 november 1991

Reformatorisch Dagblad | 28 Pagina's

Saenredam en 'zijn'perspectief-schilders

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 15 november 1991

Reformatorisch Dagblad | 28 Pagina's

PDF Bekijken