Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

De mooie rietzanger imiteert meesterlijk

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

De mooie rietzanger imiteert meesterlijk

In het landschap van plassen, riet en moerasbos kwaken de groene kikkers en zingen de vogels

7 minuten leestijd

Het eerste waarmee ik word verwelkomd wanneer ik het smalle pad tussen de plassen opga, is het nadrukkelijke gekwaak van tientallen kikkers. Gescheiden door een brede sloot en een stuk zompig grasland, ligt een plas met stilstaand water, bijna dichtgegroeid met waterplanten, te stoven in de zon. Daar is het ideaal voor groene kikkers. De populatie heeft zich de laatste jaren weer goed hersteld. We kunnen in de meimaand bij geschikte poelen, plassen en sloten weer naar het kikkerconcert luisteren.

Over het algemeen zal men het gekwaak van kikkers niet erg welluidend vinden. Het is echter wel zeer karakteristiek en gevarieerd. Kikkers worden wel eens boerennachtegalen genoemd. Ze doen in ijver niet onder voor de echte nachtegaal, die in de meimaand ook niet zwijgen kan. Guido Gezelle werd door de kikkers gestoord toen hij de nachtegaal beluisterde. Het verschil tussen het gekwaak en het lied van de koning der zangvogels is ook wel erg groot.

Hoe lieflijk zingt hij! Maar, wat hoor
eensgangs ik ginder gekken?
Wat is 't, dat her en weder
her verergerend gerrebekken? 
Och, vorsenvolk, in 't waterwied,
houd op! En stoor de stilte niet:
laat horen mij dat leutig slaan...
en, kwelgediert, houd op voortaan!

Het gemeenschappelijke gekwaak van de groene kikkers hoort echt bij het landschap van rietmoerassen, plassen en ruige weilanden. Het geluid overstemt nu en dan het gezang van de vogels.

Rietzangers

In het landschap van plassen en moerasbossen, dat op veel plaatsen onbegaanbaar is, voelen allerlei vogels zich goed thuis. We zouden ze allemaal rietzangers kunnen noemen. De karekieten vallen het meest op door hun karakteristieke zang. De grote karekiet is geen virtuoos. Zijn geluid is vrij hard en krakerig. Wanneer hij zingt, zit hij rechtop en laat hij zijn staart en vleugels hangen.

Deze typische vogel van het rietland gaat in ons land in aantal hard achteruit. Men brengt dit in verband met een klimaatsverandering in West-Europa. Ook grote droogte in Afrika, het overwinteringsgebied van de grote karekiet, heeft negatieve invloed op de populatie. De kleine karekiet handhaaft zich beter. Die is ook niet zo strikt aan rietvelden gebonden als de grote karekiet. Ik heb hem wel aangetroffen in kleine sloten, ver van groot water verwijderd.

Er leeft in het rietland ook een vogel die officieel rietzanger heet. Hij laat zich in de ruigte langs het water ijverig horen en nu en dan zien. Het is een mooie vogel. Zijn buik en borst hebben precies de kleur van het overjarige riet, dat door de zon verkleurd is: bleekgeel. Zijn bovenkant is donkerder en heeft de okerkleur van het riet in de herfst. Op zijn vleugels heeft hij donkerder partijen, die enigszins aan de rugtekening van de huismus doen denken. Bijzonder opvallend is zijn kopje, met de donker gekleurde schedel. Het lijkt alsof hij een klein petje op heeft.

Nabootser

Door het oog van de rietzanger loopt vanaf de snavel een donkere streep en boven het oog heeft hij een sierlijke, crèmekleurige oogstreep, die bijzonder duidelijk is. Dat is een goed kenmerk. Zijn geelbruine stuit is duidelijk te zien in de vlucht. De rietzanger zit meestal een poosje ijverig te zingen en vliegt dan, al zingend van het ene naar het andere plekje. Hij gaat eerst omhoog, om dan al zingend te dalen. Het doet denken aan de gewoonte van de grasmus. Maar zijn zang is anders. De rietzanger is een echte nabootser.

Terwijl ik in de grasberm zit, zie ik de rietzanger nauwelijks tussen de dorre rietstengels. Het jonge riet is amper een halve meter hoog. Het duurt nog enkele weken voordat al die dorre stengels van de overjarige soorten gras, waartoe ook het riet behoort, door jong groen is overwoekerd.

Dan is het moerasbos bijna ondoordringbaar. De kleine vogel zingt ijverig. Hij brengt mij bijna aan het twijfelen wanneer hij de kleine karekiet nabootst. Hij doet het echter zachter en ingetogen, zonder de scherpe klank die de karekiet zelf vaak produceert. Opeens laat hij weer heel andere geluiden horen, mooie trillertjes en zachte fluittonen. Dr. Thijsse schreef ervan: „Hij imiteert iedere vogel die hij hoort, met de grootst mogelijke vaardigheid en getrouwheid en doet met al die geluiden wat hij wil. Soms geeft hij de imitaties een voor een en weldoordacht, net of hij aangenomen heeft, om nu eens stuk voor stuk alle vogels uit de buurt op te noemen, dan weer gooit hij alles door elkaar en maakt het tot een dolle, bijna onontwarbare potpourri".

Fluitekruid

Het bijna dichtgegroeide pad naar de plas is omzoomd door fluitekruid, dat volop in bloei staat. Op sommige plaatsen reikt het tot mijn middel. Wie kent het niet? Is er een mooiere en uitbundiger bermbegroeiing denkbaar? Het groeit overal in ons polderland, maar ook langs boslanen, slootranden en in alle ruige hoeken. Fluitekruid is zeer algemeen. De benaming Hollands kant is aardig bedacht. De bloesem vertoont zich echt als witte kant langs de polderwegen.

In de oude flora van Heimans c.s. (1909) komt de naam fluitekruid niet voor. Anthriscus sylvestris heeft daar de Nederlandse naam "toeters". Ik vraag me af of de auteurs van de flora die naam zelf hebben bedacht. De betekenis van beide Nederlandse namen voor deze plant is dezelfde: van de stevige holle stengels kunnen kinderen gemakkelijk fluitjes of toeters snijden. Doen kinderen dit echter nog in deze welvaartstijd, met zoveel overdadig speelgoed?

Het pad langs de plas is omzoomd met bloeiende zuring en paardebloemen en doorstipt met witte en roze madeliefjes. De rafelige blaadjes van de koekoeksbloemen bedekken de rand van de plas met een strook van zachtlila. De gele lis begint ook te bloeien en in de plas prijkt de waterviolier met bleekpaarse bloemen. Op een drassig stuk weiland waaien de witte pluizen van het wollegras in de wind. Mei is de maand van de bloeiende bloemen. In het plassengebied is de flora bijzonder rijk.

Lentefeest

Lente in de polder is een ononderbroken feest van klanken en kleuren. Waar is het mooier dan in het land van moerasbossen en water, ruige slootranden en drassig weiland? De bloemen wedijveren met elkaar in kleuren en vormen. Alle zangvogels zijn terug en zingen van vroeg tot laat. De kikkers kwaken in koor. Op de achtergrond klinken de geluiden van de weidevogels. Boven de plas scheren zwarte sterns en blanke visdiefjes. Behendig zwieren ze boven het water. Sierlijk speurend vliegen ze boven de plas. Ze zwenken plotseling en scherp. Dan valt de spitse zwaluwstaart duidelijk op. Met een klein rukje gaan ze iets omhoog, waardoor meteen hun vaart wordt afgeremd. Een moment staan ze stil in de lucht en maken direct een snelle duik. Het water spat op en de zachte plons klinkt nadrukkelijk in de stilte. In de snavel van de stern glinstert een klein visje. Het wordt met een korte beweging van de kop naar binnen gewerkt.

Uit de ruige oeverbegroeiing komt het gezang van de spotvogel. Hij overstemt met zijn harde stem het liedje van de snor. Dat is het minst opvallend van alle vogelgeluiden in het rietland. Het klinkt ongeveer als een lang aangehouden "sirrrrr". Het past goed bij het ritselende riet.

Van heel ver komt het dromerige geroep van een koekoek. "Zing nu, o vogel! die den zomer wekt, zing luid dat het weerklinke door de zalen der wouden en herhaal veel honderd malen uw zelfden roep, diep in het groen bedekt", dichtte Frans Bastiaanse. Die wonderlijke roep klinkt niet alleen in het bos, maar ook in het land van plassen en moerassen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 15 mei 1992

Reformatorisch Dagblad | 26 Pagina's

De mooie rietzanger imiteert meesterlijk

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 15 mei 1992

Reformatorisch Dagblad | 26 Pagina's

PDF Bekijken