Bekijk het origineel

Een jaar ploeteren voor vier balen bonen

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Een jaar ploeteren voor vier balen bonen

Koffiebranderij Neuteboom koopt sinds 1988 rechtstreeks in bij kleine boeren

3 minuten leestijd

Aanvankelijk heette het "zuivere koffie", maar door protest van de branders was dat snel afgelopen. Alsof zij zich met onzuivere zaken bezig zouden houden. Daarna werd het "koffie voor een eerlijke prijs". Buiten de gangbare kanalen om wordt er sinds 1988 op kleine schaal rechtstreeks bij de planters ingekocht, om hen een menswaardiger bestaan te geven. Koffiebranderij Neuteboom was het eerste commerciële bedrijf dat door de bocht ging.

Toen Neuteboom, "sinds 1891", zich met de inkoop van bonen rechtstreeks van de koffieboeren bezig ging houden, werd daar door de concurrentie op zijn minst argwanend naar gekeken. Maar in vier jaar kan er veel veranderen. Inmiddels kopen ook de grote branders buiten de wereldmarkt om bonen bij kleine koffieboeren, zodat zij bij de gekelderde prijzen op de wereldmarkt (zie kader) nog iets kunnen verdienen.

Neuteboom brandt koffie die onder het keurmerk Max Havelaar op de markt wordt gebracht. Voor het bedrijf was dat een hele omschakeling, vertelt algemeen verkoopleider H. A. Kemp. Vroeger hield de branderij zich uitsluitend bezig met de produktie van koffie voor grootverbruik (onder meer scholen, gemeenten en horeca). Door in het project te stappen, betrad de brander de consumentenmarkt. „Dat was een grote gok, ja. Het bedrijf heeft er echter een grote impuls door gekregen. Vergeleken met 1988 draaien we nu een dubbele omzet". Kemp haast zich daaraan toe te voegen dat het niet alleen geld oplevert: Er moesten nieuwe machines gekocht worden, omdat de oude een grotere produktie niet aan konden. Dat vergde honderdduizenden aan investeringen. De uitbreiding van het personeel bleef beperkt. „De nieuwe machine kon bij voorbeeld in plaats van 40 80 pakken koffie per uur vullen. Daar heb je geen extra werknemers voor nodig". Bij Neuteboom werken 31 mensen. Inmiddels worden jaarlijks 2,5 miljoen kilo bonen verwerkt, afkomstig van tweehonderdduizend boeren uit Mexico, Haïti, de Dominicaanse Republiek, Honduras, Guatemala, Costa Rica, Peru en Zaïre.

Eigen kanalen

De 10 miljoen pakken koffie die Neuteboom jaarlijks produceert, komen vrijwel in zijn geheel bij supermarkten en groothandel terecht. Aan natuurwinkels wordt nauwelijks geleverd. „Die hebben zo hun eigen kanalen". De tijd dat alleen mensen uit het alternatieve circuit 'zuivere koffie dronken, is allang voorbij. Volgens Kemp komen de klanten uit alle lagen van de bevolking, en maakt de prijs van het produkt -uiteraard ligt die hoger dan gebruikelijk- daarbij nauwelijks iets uit. De mensen willen koffie voor een eerlijke prijs kopen. Dat wil zeggen: een prijs waar ook de kleine boeren wat aan overhouden. „Nederlanders zijn -waarschijnlijk door ons koloniale verledenerg gevoelig voor dergelijke argumenten".

Trots vertelt Kemp dat twee van de soorten koffie die Neuteboom verkoopt vorig jaar heel goed uit een smaaktest van de Consumentenbond kwamen. „Ons merk Café Solidaridad is wat samenstelling betreft te vergelijken met een zilvermerk. Het gaat echt om kwaliteitskoffie. Sinds we er in 1988 mee begonnen, is er aan de smaak trouwens al wel heel wat verbeterd. We startten bescheiden, hadden maar over weinig partijen bonen de beschikking, zodat het moeilijk was om een goede melange te maken. We merken ook dat de kwaliteit beter wordt. Boeren kunnen op een vaste prijs rekenen en zijn daarom ook bereid meer aandacht aan het produkt en de plantage te besteden". Een pak Café Solidaridad kost 3,69 gulden, de cafeïnevrije Amigos komt op 3,88 gulden en de biologische Natura op 4,49 gulden. Ter vergelijking: het roodmerk van DE kost zo rond de 2,50 gulden. Kemp: „Het is ons overigens gebleken dat het prijsverschil de consument niet uitmaakt; ze kopen vanwege het doel".

Zwitserse Migros

Koffie van Neuteboom wordt hoofdzakelijk in Nederland en voor een deel in België verkocht. Sinds januari levert Neuteboom ook aan Zwitserland. De grote levensmiddelenketen Migros toonde belangstelling en heeft inmiddels al ettelijke pallets verkocht. Het ziet er volgens Kemp naar uit dat er nog veel meer pakken Café Amigos (voor Zwitserland zit daar biologisch geteelde koffie in) besteld zullen worden. „Ze zijn heel tevreden. De Zwitsers wilden wel iets voor de koffieboeren gaan doen, maar hadden zelf geen organisatie die voor controle kon zorgen. Daarom klopten ze bij ons aan. Het gaat echt om heel grote hoeveelheden, zeker 50 ton dit jaar. En er zit nog veel meer aan te komen". Speciaal voor de Zwitserse order wordt er in de fabriek een nieuwe produktielijn aangelegd. „Ze hebben nu ook ongemalen bonen besteld".

De prijs die Neuteboom -in overleg met de koffieboeren- in 1988 als „eerlijk" heeft afgesproken, ligt op 126 dollarcent per pound. „Dat bedrag komt in zijn geheel bij de boeren die het werk gedaan hebben terecht. We passeren daarbij de tussenhandel, die enorm veel invloed heeft in de koffiewereld. De kleine boeren noemen hen wel "jakhalzen", omdat ze helemaal aan hen zijn overgeleverd. Zonder tussenhandel kunnen ze de koffie niet kwijt, andere produkten kunnen ze niet verbouwen. Vaak zijn de boeren helemaal aan die "jakhalzen" overgeleverd, werken ze daarom keihard voor een schijntje. De gekelderde prijzen op de wereldmarkt hebben echt catastrofale gevolgen voor de planters".



"Jakhalzen"

Op alle mogelijke manieren zorgt de tussenhandel er volgens Kemp voor dat de boeren van hen afhankelijk worden en blijven. „Er wordt altijd achteraf voor de koffiebonen betaald. De boeren leven echter onder heel armoedige omstandigheden. Als het geld voor de oogst op is, kunnen ze kiezen: honger lijden of geld
lenen. De "jakhalzen" rekenen daarvoor soms tot 40 procent rente. Als de koffie geoogst wordt, zitten ze gelijk weer zonder geld".

Ook op andere terreinen reikt de hand van de tussenhandelaar ver. Het is voor een gewone boer bij voorbeeld haast ondoenlijk om één baal koffie te verschepen vanwege de administratieve rompslomp die daaraan verbonden is. De "jakhalzen" weten precies hoe het moet, maar zijn volgens Kemp alleen voor goed geld bereid te helpen. Om de afhankelijkheid van de koffieboeren te verminderen heeft Neuteboom een studiefonds ingesteld. Met geld uit dit fonds krijgen de planters allerlei cursussen aangeboden om hun zelfstandigheid te vergroten.

Uiteraard zijn de bestaande handelskanalen op z'n zachtst gezegd niet erg ingenomen met de activiteiten van branderij Neuteboom. „We worden met argusogen bekeken. Maar wat we doen is op het totaal van de wereldproduktie aan koffie natuurlijk maar een kruimel. Van echte tegenwerking hebben wij zelf nog niets gemerkt. Het is natuurlijk wel zo dat we de morele verplichting hebben om koffie te blijven kopen als we eenmaal contact met een coöperatie van boeren hebben gelegd. Anders hebben ze helemaal niets meer. We proberen ook zoveel mogelijk de hele voorraad van een coöperatie op te kopen. De boeren zijn als ze eenmaal aan ons geleverd hebben geen vrienden meer van de gebruikelijke kanalen".



Geen commercieel artikel

„Men vraagt wel eens aan ons waarom we de prijs van onze koffie niet wat verlagen. De marktprijzen zijn immers gekelderd, zeggen ze dan. Dat kunnen wij echter nooit doen, omdat we met de boeren een vaste afnameprijs afgesproken hebben. Op grond daarvan is het voor hun mogelijk om weer wat meer aandacht aan hun produkt te besteden en zo de kwaliteit te verbeteren. Door de extreem lage prijzen elders zie je op dit moment dat boeren zo weinig mogelijk kosten maken. Dat is altijd ten koste van het produkt".

„Koffie is emotie", vindt Kemp. Daarom dringt hij er bij de stichting Max Havelaar ook geregeld op aan om aan het eind van het jaar een soort publieke afrekening te maken, zodat alle klanten kunnen zien waar de hogere prijs die ze betaald hebben terechtkomt. „Het vertrouwen in ons mag nooit beschaamd worden, dan wordt de boer namelijk alsnog de dupe. Je moet de zaken zuiver houden, doen wat je zegt".

„We moeten er ook voor waken dat we van onze koffie geen commercieel artikel maken, we zullen het altijd thematisch moeten brengen, vertellen waar het om gaat. Als ik zie wat voor schitterende reclame met prachtige exotische beelden er voor koffie gemaakt wordt, dan denk ik: ze zouden ook de andere kant eens moeten zien. De mensen zouden eens moeten weten hoe erg het is, hoe boeren een jaar lang ploeteren voor vier balen koffie. Ik moet eerlijk zeggen dat ik me geschaamd heb toen ik ze in Zaïre bezig zag. De werkijver en de levensomstandigheden van die mensen hebben me getroffen".

Geen groei

Neuteboom moet in de consumentenmarkt opboksen tegen de reus Douwe Egberts (sinds een aantal jaren onderdeel van het Amerikaanse concern Sara Lee), die met de merken DE, Van Nelle en Kanis en Gunnink zo'n 70 procent van de Nederlandse koffiemarkt in handen heeft. Koffie onder het keurmerk Max Havelaar moet met nog geen 3 procent genoegen nemen. Groei zit daar nauwelijks meer in, meldt Kemp. De markt voor grootverbruik (onder de naam Maltre d'Hotel) groeit wel enigzins.

Kemp heeft er op zich uiteraard niets op tegen dat ook groten als Douwe Egberts koffie rechtstreeks bij de boeren kopen. Maar hij stoort zich er wel aan als ze er vervolgens ten onrechte goede sier mee maken. „DE heeft er een foldertje over uitgegeven, waarin ze uitleggen waarom ze nu zo ongeveer 4 procent van hun koffie buiten de wereldmarkt om kopen. Ze wekken daarin de indruk dat hun klanten daarmee ook de koffieboeren steunen, en dat het kopen van Max-Havelaar-koffie daardoor overbodig is. Dat is niet waar. Wij betalen een vaste prijs en garanderen bovendien dat we koffie afnemen, ook in de toekomst. Bovendien hebben boeren de mogelijkheid om van onze voorfinanciering gebruik te maken, tegen een billijke rente. Wat doet DE? Die betalen de wereldmarktprijs rechtstreeks aan de telers, zodat ze maar een klein beetje beter uit zijn dan wanneer ze hun oogst aan een "jakhals" leveren".

Overigens wil Kemp er verder geen kwaad woord van zeggen. „Voor DE zal het ook wel onmogelijk zijn om het op een andere manier te doen. Ze hebben ten slotte te maken met hun concurrenten en met een Amerikaanse moedermaatschappij. Ieder maakt hierin zijn eigen keuzes.

Maar voor ons gold: waar een wil is, is een weg".

Mexicaanse indianen

Dat Neuteboom internationaal inmiddels een betrouwbare naam heeft verworven, blijkt volgens Kemp uit het feit dat Indianen in het Mexicaanse gebied Uciri zelf contact met de brander zochten. Ze verbouwden koffie zonder gebruik van chemische middelen, maar met de afzet ervan liep het niet echt soepel. Via via hadden ze van Neuteboom gehoord en vroegen ze of de Nederlandse brander hun bonen niet wilde gaan verkopen. Dat gebeurt nu onder de naam Café Natura.

Vindt u branders die hun bonen langs de gebruikelijke weg kopen ontaard?

 „Nee, helemaal niet. Ik respecteer de beslissing van een ander, ga ervan uit dat die zuiver is. Ieder moet zelf een afweging maken. Als brander is dat ook onze instelling: we bieden de klant de mogelijkheid zelf te kiezen wat voor koffie ze willen kopen".

U bent commercieel en ideëel bezig. Botst dat niet?

„Ik mag het commerciële niet uit het oog verliezen. We zijn verantwoordelijk voor de werkgelegenheid van de mensen die hier werken en voor de investeringen die we gedaan hebben. We moeten zorgen dat de continuïteit van het bedrijf niet in gevaar komt. Winst is voor ons geen vies woord, je hebt het nodig om in de toekomst te kunnen voortbestaan. We hebben het ideële ingepast in een commerciële gedachtengang".

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 8 augustus 1992

Reformatorisch Dagblad | 20 Pagina's

Een jaar ploeteren voor vier balen bonen

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 8 augustus 1992

Reformatorisch Dagblad | 20 Pagina's

PDF Bekijken