Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

„Soms zit ik aan tafel te janken

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

„Soms zit ik aan tafel te janken"

Papendrechter J. Kwakernaat verzamelt zondagsschoolboeken

6 minuten leestijd

PAPENDRECHT - „'t Is alles vergeven Willem, en... vergeten ook; we slaan een nieuwe blaadje om... de Heere geve er Zijn zegen op!" Een niet zo heel ongewoon einde van een boek dat aan het begin van deze eeuw aan jonge zondagsschoolbezoekers werd uitgereikt. J. Kwakemaat is een fervent verzamelaar van oude zondagsschoolboeken en kan er zelf maar geen genoeg van krijgen om ze te lezen en te herlezen. „Maar het is wel zware kost", is zijn conclusie.

Het verzamelen lijkt in huize Kwakernaat haast een ziekte waaraan alle gezinsleden in zwaardere of lichtere mate lijden. Alle hoekjes van het oude dijkhuis zijn opgevuld met boeken, knipsels, foto's, oude blikken, antieke voorwerpen, postzegels, legerspullen en niet te vergeten aardewerken klompjes. Dat laatste is de hobby van de vrouw des huizes, die erachter kwam dat de enige manier om de huiskamer verzamelingsvrij te houden is: zelf een verzameling in de huiskamer beginnen. Zij is dus het enige gezinslid met een onvrijwillige verzameling.

Kwakemaat zelf is nu al zo'n vier jaar bezig met het verzamelen van oude zondagsschoolboeken. „Ik was eens een keer in Sliedrecht, in zo'n oud boekwinkeltje, en daar zag ik in een oude kist het boek "Verzet verbroken" liggen. Dat hadden wij vroeger thuis ook en daar begon het eigenlijk mee". Dat de kaft kapot was, interesseerde Jaap Kwakemaat niet zoveel. Zijn gereedschap bestaat uit kartonlijm om erg slechte exemplaren enigszins in fatsoen te brengen en een gum om bekraste pagina's te herstellen. „Verder moet je er niet aan knoeien, want dan worden ze alleen maar slechter".

Zoeken

Ook als er bladzijden ontbreken, neemt Kwakemaat het boekje gewoon mee, in de hoop later een beter exemplaar te vinden. Dat valt tegenwoordig niet mee. Kwakemaat: „Een jaar of tien, twaalf geleden ging het nog prima. Nu is het echt zoeken. Het is nog maar een enkele keer dat je een boek in je handen gedrakt krijgt". Met het feit dat mensen zich steeds meer bewust werden van de waarde van oude boeken steeg ook de prijs. „Soms vragen ze 25 gulden voor een boekje. Zé proberen je gewoon te overbluffen. Maar aan de andere kant kun je op rommelmarkten nog mooie oude boekjes vinden voor een kwartje. Je moet ze echt voor niet meer dan een gulden of rijksdaalder krijgen, anders is het niet leuk meer".

Sinds wanneer er zondagsscholen bestaan, kan Kwakemaat niet precies zeggen. Hij schat zo sinds de jaren vijftig van de vorige eeuw. Een van zijn oudste boekjes heet "De Courantenjongen". „Dat ik dat in m'n bezit heb, is werkelijk uniek. Zoiets vind je nooit meer. In die oude boeken staan vaak schitterende plaatjes en ook nog gekleurd. Dat boek heb ik nog van de vader van m'n schoonvader en die z'n tante", zegt Kwakemaat trots. Hij zoekt z'n verzameling grotendeels bij elkaar aan de hand van zijn herinneringen. „Veel boeken die we thuis zelf hadden, heb ik nu teruggevonden. Sommige boekjes zoek ik al zo lang en als ik ze dan eindelijk vind, ben ik zo blij, dat ik wel eens hier aan tafel zit te janken".

Kinderachtig

Daarmee komen we vanzelf op de vraag wat je nou met zo'n stapel oude kinderboeken moet. Is het niet een beetje kinderachtig? „Helemaal niet", vindt Kwakemaat. „Zodra ik ze in handen heb, ga ik ze gelijk lezen en dan na een paar jaar weer eens een keer. Het is soms echt zware kost, dikwijls over mensen die sterven. Je snapt niet dat ze dat aan kinderen lieten lezen". Dat Jaap Kwakemaat geen professionele verzamelaar is, blijkt wel uit het feit dat hij boekjes waarvan de titel of de voorpagina hem niet aanspreekt, laat liggen. „Het moet je aanspreken en het mag ook best beschadigd zijn, dan kun je zien dat het een geschiedenis gehad heeft". Naar het stempel van de zondagsschool kijkt hij ook niet per se. „De meeste zijn van de hervormde zondagsschool Obadja in Papendrecht, maar het maakt me niet zoveel uit waar ze vandaan komen".

Volmondig „ja" kan Kwakemaat zeggen op de vraag of z'n hobby hem veel tijd kost. „Zo'n twee middagen per week en als er 's zaterdags rommelmarkten zijn, ben ik daar de hele dag. Elke doos brengt weer nieuwe verrassingen mee". Wie mocht denken dat hij dan alleen op jacht is naar zondagsschoolboeken heeft het mis. Zijn verzameling oude blikken overtreft in aantal de boeken (respectievelijk ongeveer 300 en ongeveer 200). Verder heeft hij in de kelder een complete rood emaille keukenuitzet. Ook daarbij kijkt hij niet op een kras of een deuk: „Je moet kunnen zien dat het oud is". En mocht Jaap Kwakemaat op een werkelijk oud dienblad stuiten, dan neemt hij dat ook mee naar huis, zodat zich daar eveneens 32 (zeer mooie) dienbladen bevinden. Het voordeel van zoveel verschillende verzamelingen is dat je wat je zoekt „af en toe even uit je hoofd kunt zetten en er dan toevallig weer tegenaan lopen. En is het erg duur, laat dan maar staan".

Reacties

Reacties op zijn verzamelingen krijgt Kwakemaat genoeg, variërend van „die is gek!" tot „ontzettend leuk!". Hij trekt er zich weinig van aan. „Ik zeg altijd maar: het is gewoon nieuwsgierigheid. Je begint met één en dan wil je meer weten en zo krijg je er steeds meer. Voor je het weet heb je er 200". Veel contact met andere verzamelaars heeft Kwakernaat niet. Hij kent wel mensen die oude boeken verzamelen, maar voor zover hij weet is hij de enige die zondagsschoolboekjes verzamelt.

Zo min als z'n vrouw Sija is ook Jaap Kwakemaat zelf onverdeeld gelukkig met z'n verzamelwoede. „Je wordt er gek van. Ik ben ook wel eens lijsten begonnen met aparte achternamen. En als ik in de krant geboorteadvertenties zie van kinderen met een mooie achtemaam, wil ik ze uitknippen. En oude foto's vind ik ook zo mooi. Maar dan denk ik: wat moet ik er allemaal mee?"

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 9 september 1992

Reformatorisch Dagblad | 24 Pagina's

„Soms zit ik aan tafel te janken

Bekijk de hele uitgave van woensdag 9 september 1992

Reformatorisch Dagblad | 24 Pagina's

PDF Bekijken