Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

De een z'n Porsche, de ander z'n kajak

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

De een z'n Porsche, de ander z'n kajak

„Groenlanders zijn nog niet besmet met ons efficiency-syndroom"

9 minuten leestijd

De hoofdstad van Groenland is een westerse stad. Gothaab heeft ruim 10.000 inwoners en in totaal een kilometer of vijftig verharde weg. Er zijn zelfs gefortuneerde bewoners die het zich kunnen permitteren in een luxe Porsche -af fabriek leverbaar vanaf 165.000 gulden- te rijden. De topsnelheid zullen ze echter nooit halen. Aan de grens van de bebouwde kom houden alle verharde wegen op. Toch hebben ze hun Porsche niet voor niets.

Wie op zijn vliegreis over de Atlantische Oceaan het voorrecht heeft om bij onbewolicte hemel Groenland onder zich door te zien schuiven, denkt niet aan Porsches of Mercedessen. Als je ruim een uur niets anders ziet dan een smetteloos witte vlakte, kun je je nauwelijks voorstellen dat op dat grootste eiland ter wereld mensen wonen. Een luchtreiziger ziet ten slotte aan de westkust nog een smalle strook land waar de witte wereld overgaat in groen-bruin gekleurd heuvelland. Daar, direct aan de kust, woont het grootste deel van de 55.000 Groenlanders.

Bij landing op Groenland dringt niet het idee zich aan je op dat je in een Eskimo-wereld arriveert. Aan het begin van de 197 kilometer lange S0ndre Str0mfjord ligt, net ten noorden van de poolcirkel, een van de twee landingsbanen waarop Groenland een grote Boeing kan ontvangen. Rondom die internationale luchthaven wonen hoofdzakelijk Amerikanen en Denen. Wie iets van de Groenlandse samenleving wil zien, moet verderop.

De nationale luchtvaartmaatschappij Greenlandair heeft het dan ook druk na aankomst van een SASBoeing. Met toestellen voor maximaal vijftig passagiers vliegen ze naar dorpen -Groenlanders noemen het .steden of stadjes- als Nuuk, Holsteinsborg met ongeveer 5000 inwoners, en het bijna 300 kilometer noorderlijker gelegen Jacobshavn met ruim 4000 inwoners. Wil je nog noorderlijker dan Jacobshavn, dan ben je aangewezen op de helikopter of de boot. Wie durft, kan in de winter verder met de hondenslee.

Dwaling

De stralend witte ijskap, de azuurblauwe lucht en de glasheldere wateren kunnen een binnenlandse vlucht tot een bijzondere ervaring maken. En als een passagier dan geen vuile bruine randen in de lucht ziet en geen spaghetti-netwerk van autowegen en geen overvolle steden ontwaart, raakt hij onbewust gevoelig voor een oude geografische dwaling; die van het fysisch determinisme. Die dwaling leert dat de natuurlijke omgeving grotendeels de menselijke samenleving bepaalt. Frisse lucht: frisse mensen. Schitterende natuur; perfecte samenleving.

De Groningse cultureel antropoloog drs. Eric Lanting weet beter. Hij heeft de Groenlandse cultuur tot onderwerp van zijn promotie-onderzoek gemaakt en is daarom nieuwsgierig naar de ervaring van een ieder die dat land bezocht heeft. „Wat heb je daar gegeten?" vraagt hij enigszins achterdochtig als we hem net verteld hebben dat we in hotel Arctic in Jacobshavn "Greenland symphony" geserveerd kregen. „En wat stelt dat voor?" wil hij ook graag weten. De Deense manager van hotel Arctic zegt zijn gasten een absoluut Groenlands maal te serveren. Voor een kleine zestig gulden zetten ze daar een bord op tafel met een paar stukjes zeehond, walvis, heilbot, en een enkel ander monster van wat er verder nog in de nabije wateren wordt gevangen. „Weer zo'n typisch voorbeeld", lacht Lanting. „Dat moet ik onthouden".

Oordeel

Volkenkundige Eric Lanting is hard in zijn oordeel. „Jacobshavn heeft in cultureel opzicht niets met Groenland te maken. Daar wordt iets van Groenland in stand gehouden voor mensen die daar. wel eens willen kijken. De manier van leven heeft ook niets met die van de Eskimo's te maken. Wat jij daar hebt gegeten, is een ratjetoe van dingen die absoluut niet bij elkaar horen".

Lanting heeft recht van spreken. Samen met vrouw en kind vertrok hij vier jaar geleden naar Groenland. Een jaar lang, van april 1988 tot april '89, waren ze inwoners van Tasiusaq, een dorpje met 160 inwoners en 500 sledehonden in het district Upernavik. De 'stad' Upernavik ligt ruim 400 kilometer ten noorden van Jacobshavn en heeft ongeveer 1000 inwoners.

Het proefschrift waaraan Lanting werkt, moet Groenlanders en andere geinteresseerden helderheid verschaffen over de manier waarop Groenlanders met hun cultuur omgaan. „Groenlanders willen Groenlandse", zegt Lanting. „Ik zie het mezelf nog opschrijven voordat we er heen gingen. Vanuit de Groenlanders gezien, betekent het; Groenland nog Groenlandser maken. Dat is een opwaardering van de eigen cultuur, de taal en de geschiedenis. Dus bij voorbeeld ineens alles in het Groenlands willen doen. Dat is nogal etnisch, want dan sluit je iedereen verder buiten. Groenlands is een heel moeilijke taal".

Vrijwel elke Groenlander verstaat en spreekt ook Deens. Het land was van 1774 tot 1953 kolonie van Denemarken. In 1953 werd het onderdeel van het koninkrijk Denemarken en sinds een volksstemming in 1979 heeft Groenland het, recht de binnenlandse aangelegenheden zelf te regelen. Groenlanders zeiden al in 1985 „nee" tegen de Europese Gemeenschap. Vanaf dat moment is het land staatkundig gezien, in officiële termen, geassocieerd buiteneuropees soeverein gebied van Denemarken.

Kleuren-tv

Als inwoner van Tasiusaq ontdekte Lanting dat zijn stelling "Groenlanders willen groenlandiseren" niet in ieders hoofd zit. „In afgelegen gebieden zitten de mensen er helemaal niet op te wachten. Ze hebben veel liever een kleuren-tv, een goede ontvangst en een betere telefoon. Een jager in Tasiusaq wil graag een goed bootje en eindelijk een huis dat niet tocht. Grofweg gezegd: Ze willen meer verdeensen. 't Zijn vreselijke woorden, maar ze geven precies aan wat ik bedoel. In de hoofdstad Nuuk heb je veel meer het idee dat die cultuur, meegenomen moet worden. Voor Groenlanders in Upemavik is dat allemaal niet zo actueel".

Lanting heeft bewijzen. „Als iemand in Tasiusaq jarig is of een jubileum viert, eet hij varkensvlees met aardappelen en groenten. Je moet speciaal naar Upemavik om dat op te halen, want dat kunnen ze in hun eigen dorp niet krijgen. Bij festiviteiten in Nuuk eet je als het enigszins kan Groenlands, gekookte zeehond, verse vogels of vis. Als het maar wild is: rendier vinden ze ook heerlijk. Zo'n Greenland symphony in Jacobshavn is voor mij het toppunt van groenlandisering. Het stadje heeft nog maar een paar jagers. Ze buiten daar het Groenlander-zijn commercieel uit".

Iglo's

In Jacobshavn verkopen ze de toeristen ook zilveren hangertjes van iglo-bouwende Eskimo's. „De laatste Groenlandse Eskimo is zeker meer dan honderd jaar geleden overleden", weet Lanting. „En iglo's zijn op Groenland nooit voor permanente bewoning gebruikt, hooguit als onderkomen in geval van nood, maar daar hadden de jagers ook al vrij snel een netwerk van hutjes voor".

Een toerist die toch zo'n aandenken koopt, hoeft zich zelf weinig te verwijten. Volgens Lanting zeggen ze in Nuuk: In Upernavik leven ze nog zo traditioneel, daar heb je nog Eskimo's. In Upemavik zeggen ze: Hoog in het noorden, in Thule, daar kom je nog Eskimo's tegen. Kennelijk wil een Groenlander geen Eskimo zijn".

Dat in het Upernavik-district geen Eskimo's meer leven, betekent nog niet dat de mensen in Tasiusaq geen traditioneel bestaan leiden. In de zomer trekken ze er met de kajak op uit en in de winter spannen ze de honden voor de sleden. Zo komen ze in Nuuk niet meer aan de kost. Lanting: „Daar spelen ze gewoon het spel dat hier ook wordt gespeeld. Ze hebben een huis en dat moet betaald worden - dus moet je geld verdienen".. Een enkele rijke garnalenvisser rijdt er zelfs in een Porsche. Dat geeft zo iemand geweldig veel prestige.

Lanting gaf aan de universiteit in Nuuk zijn visie op het groenlandiseringsproces en hij kent er ook de onderzoekers. „Die presenteren zich als Groenlander, maar in hun doen en laten zijn ze helemaal niet zoals de Groenlanders in Tasiusaq. Ze zijn gestresst, net als wij. Het zijn geen jagers, ze weten amper wanneer het gaat sneeuwen. Daarvoor moeten ze eerst de radio aanzetten".

Ondenkbaar

Lanting stond meer dan eens met de jagers van Tasiusaq een tijdje bij de vlaggemast van de dorpswinkel. „Dan kijken ze naar het water en praten ze over allerlei koetjes en kalfjes, maar op hetzelfde moment observeren ze de golven en de lucht in de verte. Ze kijken of ze wel of niet weg kunnen. Anders stonden ze daar niet. Dat soort dingen zijn in Nuuk ondenkbaar".

Dat de regering in Nuuk nauwelijks zicht heeft op een district dat ongeveer 1000 kilometer noordelijker ligt, werkt verkeerde beslissingen in de hand. Lanting verbaast zich erover dat de Groenlandse regering aan een groep jongeren in Nuuk geld heeft gegeven om een kajak-vereniging op te richten. „Dat doen ze om te laten zien hoe het in vroeger tijden was. In het noorden staan die dingen echter gewoon bij de huizen en worden ze ieder jaar nog gebruikt. Dat heeft dus helemaal niets met traditie te maken. Groenlandisering is in Nuuk een soort ideologie geworden. Dat levert de mensen in Tasiusaq netto niks op".

Nog erger wordt het als het de mensen in Tasiusaq geld gaat kosten. Op initiatief van de regering in Nuuk hebben de bewoners van het Upemavik-district verschillende visfabriekjes gekregen. Lanting: „De mensen hebben er zelf via aandelen ook geld in moeten steken. Hun vangsten worden in de fabriek opgeslagen en pas bij verkoop beuren ze geld. En dan ligt daar opeens een compleet fabrieksschip in Tasiusaq afgemeerd, waarop je tegen contant geld je vis kunt inleveren. Dat is natuurlijk veel aantrekkelijker. Eén vis, zoveel kronen. Beide voorzieningen komen van hetzelfde ministerie: de ene ambtenaar geeft een visfabriek; de andere stuurt een fabrieksschip. Dan banjert de gemeente, het district, er ook nog met allerlei regelingen tussendoor".

Lanting heeft die zaak met succes in Nuuk aangekaart. „Ze wisten niet dat het allemaal zo dicht bij elkaar lag, verklaarden ze. De aandeelhouders van het fabriekje in Tasiusaq hebben toen een voortzettingspremie van 150.000 gulden gekregen".

Oplossing

Voor de lange termijn heeft Lanting nog geen pasklare oplossing voor de culturele en economische problemen. „De Groenlanders die groenlandisering in hun eigen betekenis willen bedrijven, vergeten dat ze ingelijfd zijn door het westers kapitalisme en dat 7£. dus best Groenlands mogen doen, maar dat ze wel geld moeten verdienen en dus moeten werken. Het grote probleem is echter dat je ze onze manier van werken niet kunt opleggen. Werken is bij hen een sociaal gebeuren, dat je niet precies van acht tot vijf en zo efficiënt mogelijk hoeft te doen. Zij hebben een heel ander begrip van tijd. Men leeft zoals het komt. Dat is heerlijk. Je wordt er niet gestresst van. Ze zijn nog niet besmet met ons syndroom dat je alles zo efficiënt mogelijk moet doen. Dat is tegelijk ook hun grootste probleem. Je kunt niet volwaardig op dat welvaartsniveau van de Denen komen en zeehondenjager zijn. Daar zit dus iets fundamenteel scheef. Daarmee worstelt ook het zelfbestuur".

En daarmee worstelt ook Lanting. In het dagelijks leven licht hij als organisatie-adviseur bedrijven door. Zoals hij daar directies adviseert, zo zou hij ook een advies kunnen hebben voor de Groenlandse samenleving. „Dat is heel moeilijk", erkent hij „Dan moet je iets bedenken waarbij je in economische zin kunt inspelen op dat ad hoe-karakter van de samenleving. Daar heb ik nog geen model voor".






Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 22 september 1992

Reformatorisch Dagblad | 14 Pagina's

De een z'n Porsche, de ander z'n kajak

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 22 september 1992

Reformatorisch Dagblad | 14 Pagina's

PDF Bekijken