Bekijk het origineel

't Mooiste cadeau dat je me ooit gaf

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

't Mooiste cadeau dat je me ooit gaf

De Blois coördineert bijbelvertaalwerk in heel Amerika: We geloven dat de Heere door Zijn Woord werkt

11 minuten leestijd

„Dat doet me nou wat. En dat ik daar aan mee mocht werken. Een voorheen overtuigd atheïst op Cuba koopt een Bijbel en geeft die aan zijn dochter. Zelf moet hij niks van het geloof hebben. En die dochter raakt gegrepen door het Woord. Later bedankt ze haar vader: "Pa, die Bijbel, dat was nou het mooiste cadeau datje me ooit in m'n leven gaf". En ze zegt het met tranen in de ogen".

Aan het woord is dr. K. F. de Blois. Als leidinggevende bij de United Bible Societies (UBS), de Wereldbond van Bijbelgenootschappen, is deze vertaalkundige betrokken bij bij bel vertaal werk in geheel Amerika, „van vertalingen in het noorden van Alaska, de Caraïbische Zee en de toppen van de Andes tot en met het zuidelijkste puntje van Latijns Amerika".

Kees de Blois werd in 1946 geboren. Na de middelbare school ging hij taalwetenschappen studeren. Tijdens die periode luisterde hij al graag naar „die oude zendingsverhalen, waardoor een zeker verlangen ontstond daarin werkzaam te zijn. Een van mijn toenmalige leraren, drs. H. in 't Veld, had voor de GZB gewerkt".

Tijdens zijn taaistudie verdiepte zich de roep van de zending. Hebreeuws en zendingswetenschappen kwamen in zijn pakket. Verder volgde hij opleidingen aan het Hendrik Kraemerinstituut. Door de Gereformeerde Zendingsbond in de Hervormde Kerk werd hij uitgezonden als literatuursecretaris in dienst van de Reformed Church of Africa (RCA), met als standplaats Nairobi. Maar al snel kwam hij, in overleg met de GZB, in dienst van de UBS om voor nagenoeg geheel Afrika de verantwoording te dragen inzake het bijbelvertaalwerk.

Zendingsgezin

Gezinsomstandigheden deden hem in 1981 naar Nederland terugkeren. Drie jaar lang was hij Afrika-secretaris van de GZB. Maar de roeping naar het 'echte' zendingswerk bleef. Opnieuw ging hij in 1984 de UBS dienen, nu als vertaalcoördinator, met als standplaats Nairobi. Hij kreeg toen ruim 200 vertaalprojecten onder zijn beheer. Hij had daarbij de status van buitengewoon zendingsarbeider van de GZB: „ik hecht aan de band met de hervormde gemeente Scherpenzeel en de classis Ede". Nu al weer tweeëntwintig jaar is hij actief in zending en bijbelvertaalwerk.

In 1988 volgde de benoeming tot vertaalcoördinator voor Noord- en Zuid Amerika, met als standplaats Miami, in Florida: een mooie invalshoek voor het hele continent. De recente storm ging ook zijn huis niet voorbij. De schade bleef overigens beperkt tot een kapot dak en enkele dagen zonder stroom. De les was „dat wij toch wel al te zeer hechten aan onze materiële dingen".

Door het zendingswerk heeft het gezin De Blois zich verdeeld over de wereld: De oudste zoon, Frans André, volgt een pilotenopleiding in de Verenigde Staten en is soms thuis. Mark, de tweede zoon, studeert in Wageningen en pa zocht hem vorige week op toen hij eventjes in Nederland was. Een andere zoon, Reint-Jan, studeert in Grand Rapids aan het Calvin College en is maar weinig thuis. De jongste zoon, Jesse, zit 'gewoon' op school in Miami en is dus elke dag thuis. Kerkelijk leeft het gezin mee met een Christian Reformed Church. Echtgenote Janneke werkt mee aan enkele diaconale projecten van de gemeente en de classis Florida en is betrokken bij het lokale evangelisatiewerk.

Op verzoek

De spits van de taak van dr. De Blois ligt momenteel vooral op het uitgavebeleid: nagaan aan wat voor uitgaven er behoefte is, de planning en coördinatie van het vertaalwerk, de produktontwikkeling en de verspreiding en het gebruik van bijbeluitgaven.

De UBS levert -indien daarom verzocht door de kerken of de Bijbelgenootschappen- de technieken, de kerken leveren het personeel en de vertaalteams. Allerlei aspecten spelen dan een rol. Wat is het doel van de vertaling, moet het een Bijbel zijn om in de kerk te gebruiken of bijbelgedeelten die evangelisatie moeten ondersteunen. Eén ding is steeds hetzelfde: niet de UBS maar de nationale bijbelgenootschappen voeren het werk uiteindelijk uit.

Dr. De Blois heeft contact met negentien bijbelgenootschappen. Vandaag de dag zijn er ruim 110 bijbelgenootschappen over de hele wereld. Het jongste -en dat is zelfs nog in staat van oprichting- is het Cubaanse. Recent bezocht dr. De Blois Cuba. Hij hielp mee geschiedenis te schrijven, want de UBS is de enige die onbeperkt Bijbels naar het land van Castro mag brengen. Hij heeft ook zakelijke contacten op de Nederlandse Antillen en met het Surinaams Bijbelgenootschap. Met de Wycliffe-bijbelvertalers wordt overlegd over samenwerking voor een bijbelvertaling in het Surinaams. Op de Antillen werken we aan een vertaling in het Papiamento. Dat gebeurt in samenwerking met de Gereformeerde Kerken (vrijgemaakt).

Niet zonder Bijbel

Dr. De Blois ziet de roeping tot de zending en het bijbelvertaalwerk in één lijn. „Zending kan niet zonder de Bijbel -de basis van elk zendingswerk- en de Bijbel kan niet vertaald worden zonder de kerk", zo licht hij toe. „We leiden immers predikanten, leraren enzovoorts op tot vertalers.

Het werk van de UBS -in Nederland vertegenwoordigd door het Nederlands Bijbelgenootschap (NBG)- is dienstverlenend ten behoeve van kerk en zending. Sinds 1946 bestaat deze organisatie. Elke acht jaar heeft de UBS een Assemblee, waarop het beleid uitgezet wordt. Elke regio komt met begrotingen, waarbij de gevende en de ontvangende partijen op elkaar afgestemd worden. Vorige week vond een vergadering van het hoogste orgaan plaats in het Finse Helsinki.

Voor bijzondere projecten is een noodfonds beschikbaar. Uit die reserve is bij voorbeeld ook onlangs geput om snel Bijbels te kunnen leveren aan Cuba. De vertaling is geen probleem: de Reina Valeira-vertaling gaat er vlot van de hand.

Vanuit Miami is dr. De Blois mede verantwoordelijk voor 72 vertaalprojecten. Dat lijkt heel veel in een continent waar wat betreft Noord-Amerika Engels de voertaal is en waar men voor de rest met Spaans terechtkan. Globaal gesproken wordt alleen in Brazilië dan nog door velen Portugees gesproken. Maar, zo vertelt dr. De Blois, vroeger -en dan praten we over de tijd van voor en tijdens Columbus- werden er wel 800 talen gesproken. Dat is, inmiddels 500 jaar later, verminderd tot ongeveer 200.

Dieptepunt

Voorbeelden van projecten? Voor de Navajo-Indianen van Arizona wordt gewerkt aan een vertaling van de Bijbel. De Wycliffe-vertalers werkten ook voor de Cherokee-Indianen. In Canada en Alaska -ook dat is werkterrein voor dr. De Blois- worden tien talen onder handen genomen en is men bezig met de vertaling van de Bijbel in de Yupik-taal (voor de Eskiomo's). In het West-Yupik wordt vertaald mede met behulp van deskundigen uit Siberië.

In Zuid-Amerika is dr. De Blois betrokken bij vertaling in een groep talen die in het Andesgebergte gesproken worden. Dr. De Blois laat een foto zien waarop Romulo Saune staat. De 39-jarige Romulo was een van de belangrijkste vertalers van de Ayacucho Quechua-bijbel. Hij was zeer geliefd bij de leden van de Quechua-kerk. Enkele weken geleden, op 5 september, werd hij door leden van de Peruaanse maoïstische guerrilla-organisatie Lichtend Pad (Sendero Luminoso = zij die het lichtend pad van Mao volgen, SCB) vermoord. Saune keerde terug naar zijn woonplaats Ayacucho, toen "senderos" een wegblokkade opwierpen en hem en anderen tot stoppen dwongen. Toen ze een legerhelikopter hoorden, schoten de guerrillas in het wilde weg de aangehouden mensen neer. Behalve Romulo vonden diens 34-jarige broer Ruben en twee neefjes de dood, naast nog elf anderen. Dr. De Blois kende Romulo. Een verdrietig dieptepunt in zijn werk.

Studiebijbel

Voor een taalkundige is met name het Caraïbisch gebied een "lustoord". Engels en Frans, Surinaams en allerlei lokale talen, onder andere die van nakomelingen van bevrijde slaven, werkten op elkaar in en vormden weer eigen talen. De Blois werkt momenteel mee aan een project om het Oude Testament in het Papiamento te vertalen.

Het antwoord op de vraag welk vertaalprincipe de UBS hanteert, is niet met één term beantwoord. Dr. De Blois zelf noemt het functioneel equivalent en wil zich niet laten vastpinnen op één principe. „Het hangt mede af van het doel van de vertaling".

Voor wat betreft de Spaanssprekende landen wordt de Reina Valera-vertaling gebruikt. Die is vertaald volgens de vertaalprincipes die ook de Statenvertalers hanteerden. Tegenwoordig gebruikt men de herziene versie uit 1959-1960. Protestanten in Amerika zullen vrijwel altijd vasthouden aan de Reina Valera-vertaling. Rooms-katholieken, en de jongeren, houden het liever op de Version Popular. De UBS richt zich ook op studiebijbels, al zal men in principe geen dogmatische kanttekeningen verzorgen. Wel komen in die studiebijbel tekstproblemen, geografische informatie, ontstaansgegevens en dergelijke aan de orde.

Dienstbaar

Omdat de UBS ook adviseert bij de vertaling van rooms-katholieke Bijbels komt dr. De Blois voor de vraag van de vertaling van de apocriefe of deutero-canonieke boeken te staan. Heeft hij daar, als GZB'er, problemen mee? „De vaderen hadden het niet want die namen in de Statenvertaling deze boeken, met een waarschuwing, mee. Voor mij is het belangrijk dat de Schriften bekend worden en gelezen kunnen worden. Voor mij is het Sola Scriptura-principe belangrijk. Het gaat erom dat de Schriften bekend worden en gelezen worden. De Heere wil werken door Zijn Woord. Dan ben ik alleen maar dankbaar als ik naar eer en geweten hierbij dienstbaar kan en mag zijn. Dan verheugt het me ook als zovelen in hun eigen taal Gods stem mogen horen. En we zien dat de Heere het wil gebruiken".

We horen veel over de verschrikkingen die aangericht zijn door Europeanen in geheel Amerika. Als wij nu bezig zijn met bijbelvertalingen in allerlei lokale talen en de kerkgroei zien die daar plaatsvindt, dan merk je dat we, ondanks al onze "westerse" zonden van expansie en uitbuiting, toch dienstbaar hebben mogen zijn in het werk van Gods Koninkrijk.

Vanuit zijn achtergrond ziet dr. De Blois de opkomst van de charismatische groepen met gemengde gevoelens. Er ligt te veel acent op het subjectieve en emotionele. Het positieve is echter dat de Bijbel er massaal open gaat. Er ligt dan juist een taak voor de kerken dat te begeleiden. Dat op zich is geen taak voor de UBS. Op dat punt is de taak van de bijbelgenootschappen beperkt. En met name het christelijk onderwijs is zo brood- en broodnodig in Latijns Amerika. Laten we niet vergeten dat 60 procent van de bevolking van dat continent uit jongeren bestaat.

Hoofdstuk apart

Cuba is voor dr. De Blois een hoofdstuk apart. Er is nu vrijheid van godsdienst, „hoewel er politiek niet zo veel veranderd is". Christenen kunnen er weer ademen en Fidel Castro verklaarde publiek dat christenen mede dienstbaar zijn aan de opbouw van het land. De UBS mag, als enige organisatie, onbeperkt Bijbels invoeren in het land. Een bijbelgenootschap is in oprichting. Het laatste jaar zijn meer Bijbels Cuba binnengebracht dan in de dertig jaar ervoor.

Zelf bezocht dr. De Blois Cuba inmiddels tweemaal. „Bemoedigend is het dat er nog mensen zijn die ondanks alles het geloof mochten behouden. Ze hadden houvast aan Gods Woord. Uit elkaar gescheurde Bijbels circuleerden. Anderen kenden hele bijbelgedeelten uit hun hoofd. Hoeveel Bijbels dr. De Blois via 'zijn' UBS nog denkt te kunnen afzetten in Cuba? „Er wonen ongeveer 10 miljoen mensen. Een miljoen Bijbels zijn zo weg. Maar daarvoor ontbreekt het geld nog".

De Blois merkte ook dat huisgemeenten in Cuba intact gebleven zijn. „Dan zie je dat Gods Woord de wezenlijke antwoorden geeft op levensvragen van alle mensen, ongeacht taalkundige of culturele achtergrond. Dan merk je ook dat het christelijk getuigenis van wezenlijk belang is. Zo wezenlijk dat het zelfs Fidel Castro opviel. En tijdens mijn bezoeken hoorde ik ook van zovelen, jong en oud, die door de Boodschap gegrepen werden. En daar is het tenslotte om te doen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 3 oktober 1992

Reformatorisch Dagblad | 26 Pagina's

't Mooiste cadeau dat je me ooit gaf

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 3 oktober 1992

Reformatorisch Dagblad | 26 Pagina's

PDF Bekijken