Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

„Golan hoort bij Eretz Israël

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

„Golan hoort bij Eretz Israël"

Op de hoogte heerst opnieuw onzekerheid over de toekomst

10 minuten leestijd

We passeren een bord: 500 meter boven het Meer van Galilea, 300 meter boven de zeespiegel. We zijn op het plateau. Aan weerszijden van wegen is prikkeldraad gespannen. Op de borden staat: "Pas op, mijnen!" Een souvenir uit de tijd van de Syriërs, die van de Golan een militair bolwerk maakten. Op muren en hekken is in het Hebreeuws geschreven: "Geen terugtrekking van de Golan". Een kijkje op een omstreden hoogvlakte.

„Zie je de auto's op die wegen? Zelfs met een steen kun je die tot stoppen brengen. Zo gemakkelijk is het, je hebt er geen geweer voor nodig", zegt Ronnie Lotan van kibboets Mevo Hamma. Als het niet zo nevelig was, zouden we de stad Safed kunnen zien, en Metulla, de Hermon, kortom, een derde deel van Israël. En dan heeft hij het nog niet over de kibboetsen in de diepte: Ha'on, Tel Katsir, Zemach, en daar precies onder ons Ein Gev. Wie de hoogte heeft, domineert Noord-Israël. De kibboetsnik gaat door met te vertellen hoe belangrijk hij de vlakte acht voor de verdediging van Israël. „Zie je daar Tiberias? Zelfs met de oude typen kanonnen konden ze Tiberias beschieten. Ze hadden niet eens vliegtuigen nodig". Enkele tientallen meters onder ons loopt een oude Syrische afscheiding, die de grens met Israël markeerde. „Als daarachter tractors reden, werder op ze geschoten". Ze konden de Hoogte krijgen in 1967 of 1970, zegt hij. Nu niet meer. En een optie voor oorlog hebben de Arabieren evenmin: „Ze durven ons niet meer aan te vallen. Ze weten dat ze moeten oppassen, anders nemen we Jordanië en Damascus".

Verovering

Een Syrisch geschutstuk staat nog op kibboets Ein Gev gericht. De Israëliërs herinneren het zich nog goed hoe de boeren op het land, de huizen in de nederzettingen en de vissers op het Meer van Galilea werden beschoten. Wat bij de Israëliërs ook irritatie had opgewekt, was dat de Syriërs trachtten de watertoevoer naar de Jordaan bij het riviertje Banias om te leggen. Dit leidde tot grensincidenten, die weer een extra aanleiding vormden voor oorlog. Toen de Zesdaagse Oorlog uitbrak hielden de Syriërs zich buiten de gevechten, maar ze voerden de bestokingen op. Nadat Israël Egypte en Jordanië in de eerste dagen van de oorlog had verslagen, trok generaal David Elazar op 9 juni 1967 het noordelijk gedeelte van de Golan binnen. De toegangswegen tot het plateau waren onbegaanbaar door de zware Syrische verdedigingswerken. Daarom koos Elazar voor moeilijk begaanbaar terrein, waar hij, onder intens Syrisch artillerievuur en ten koste van zware verliezen, een bruggehoofd wist te vormen en een tangbewegirig om de Syriërs wist te maken. De volgende dag vielen de Israëliërs van alle kanten aan. Om kwart voor' negen 's morgens meldde Radio-Damascus dat de Israëlische troepen in Kuneitra stonden. Dat was toen helemaal (nog) niet zo, maar de Syriërs wilden een Russische interventie uitlokken. Het gevolg was dat de Syrische soldaten in paniek raakten en dachten dat ze in de val zaten. De troepen die in de richting van Damascus vluchtten, werden zwaar geslagen door de Israëlische luchtmacht. De hoogvlakte, ruim 60 kilometer lang en 20 kilometer breed, was nu in handen van Israël. Daarmee was niet alleen de veiligheid verzekerd van de nederzettingen in Noordoost-Israël, maar Israël was ook in het bezit van heuvels waarop ze naar het oosten toe vroegwaarschuwingsstations kon bouwen. Deze kijk- en luisterposten zouden een onverwachte aanval onwaarschijnlijk maken.

Rustige grens

In de Jom Kippoer-oorlog van oktober 1973 openden de Syriërs een zwaar offensief op de Golan: 177 Israëlische tanks moesten 600 Syrische tegenhouden. Bijna de hele Israëlische 188e brigade werd in het zuidelijk gedeelte van de Golan vernietigd. De Syrische tanks stonden nog maar ruim tien kilometer af van het Meer vian Galilea. Het noordelijk gedeelte van Israël liep gevaar. De luchtmacht zorgde voor uitredding door de optrekkende Syriërs te bombarderen.
De versterkingen arriveerden en de Syriërs werden in het defensief gedrongen. Na de Jom Kippoer-oorlog had Israël zelfs een groter stuk in zijn bezit dan voor die tijd. In het kader van de troepenscheidingsovereenkomst van 1974 gaf Israël dat deel weer terug.
Beide partijen kwamen overeen dat zij in een strook langs de grens slechts 6000 manschappen, 75 tanks en 36 korte-afstandskanonnen mochten hebben. Een legermacht van de Verenigde Naties, Undof, werd tussen de beide partijen geplaatst. Sindsdien is de grens met Syrië de rustigste grens die Israël heeft. Als Syrië zich aan een overeenkomst wil houden, dan zal het voor een rustige grens zorgen, zeggen voorstanders van een Israëlische terugtrekking op de Golan. Maar anderen zeggen dat Syrië Israël indirect bestookt via Libanon, door de terroristische groepen daar te steunen.

Rabin

Het is niet moeilijk te zien dat er op de hoogvlakte bloedig is gestreden. Er zijn talloze gedenkplaatsen waar de namen van de Israëlische soldaten in steen zijn gegraveerd. In 1967 verloren duizend Syrische soldaten en 115 Israëliërs het leven. In de Jom Kippoer verloor Israël 772 man en Syrië 3500.
Rabin was hier vorig jaar twee weken voor de verkiezingen, aldus Ronni Lotan. Hij zei dat wie de Golan af gaat, de veiligheid van Israël in de waagschaal stelt. Hij is helemaal niet rechts, zegt Lotan. Meer dan 60 procent van de bevolking op de Golanhoogte stemde op de Arbeiderspartij bij de laatste verkiezingen. Hij lacht wrang als ik hem vraag wat hij thans van de Arbeiderspartij denkt. „Zij moeten eraan worden herinnerd wie ze zijn. Het gebeurt wel meer met politici dat ze vergeten waar ze vandaan kwamen als ze de macht krijgen. Zo simpel is dat".
Nu is het niet zo dat de kibboetsniks zullen overlopen naar de Likoed. Ze moeten desnoods Rabin afzetten en voor hem iemand anders vinden. Maar van de andere kant houdt hij vertrouwen in Rabin. De leider van de Arbeiderspartij zal niet van de hele Golan af willen. Het is een geluk voor Israël dat Syrië een totale terugtrekking eist, aldus Lotan. „Rabin zal nooit de hele Golan willen afstaan. Daarom moeten we (de Syrische president) Assad aanmoedigen. We moeten zorgen dat Asad geen centimeter in de handen van Israël wil laten. Hij moet koppig aan zijn standpunt blijven vasthouden. Dat is onze veiligheid. Ik vertrouw Rabin, hij gaat niet terug naar de grens van 1967".

Bomen

Maar er is een internationale politieke realiteit, die van Israël zal eisen dat het de Golan prijsgeeft. „Kijk, als wij dit teruggeven, dan moeten we Galilea teruggeven, en de Negev. De internationale politiek zal van ons eisen dat wij ons terugtrekken. Daar hoeven we het niet mee eens te zijn. Het enige waar we voor moeten zorgen, is dat Amerika aan onze kant blijft staan".
Bij de kibboets liggen bunkers. Ze maakten deel uit van de drie linies die de Syriëts naar Sowjetmodel langs de hele grens met Israël bouwden, met tientallen verstevigingspunten. Bij de vroegere Syrische posities staan bomen. Het verhaal gaat dat Eli Cohen, de Israëlische spion die in Syrië doorgedrongen was tot de hoogste gelederen van de maatschappij, tegen de lederleiding zei: „Het is erg genoeg voor de soldaten dat ze zich daar tegen Israël verdedigen. Je kunt in elk geval bomen voor hen planten, zodat ze schaduw hebben".
Er wonen nu 12000 joden in 32 joodse nederzettingen. Het betreft vooral landbouwnederzettingen (mosjavs en kibboetsen). Anders dan de joodse nederzettingen op de Westoever en in de Gazastrook, lokte de bouw van deze dorpen geen internationaal protest uit. De westerse naties oefenden evenmin druk uit op Israël om zich terug te trekken van de hoogte. De moslims op de Golan waren naar Syrië gevlucht en de 15.000 Druzen die er wonen gedroegen zich -anders dan de Palestijnen op de Westoever en in de Gazastrook- niet vijandig.

Golanwet

Onzekerheid over de toekomst van de Golan is niet nieuw. Na de Camp-Davidakkoorden van 1978 met Egypte voelden de toen 6000 Israëlische bewoners van de Golan zich verontrust. In 1979 en 1980 ging er een petitie rond tegen terugtrekking van de Golan. Deze werd ondertekend door 750.(X)0 burgers en zeventig knessetleden, waaronder Arbeiderspartijleiders Sjimon Peres en Jitschak Rabin. In december 1981 lanceerde de toenmalige premier Menachem Begin de "Golanwet", wat de toepassing van de „Israëlische wetgeving, rechtspraak en bestuur" over de hoogvlakte inhield. De geschiedschrijver Howard Sachar merkte over deze wet op dat deze een schending vormde van de VN-resolutie 242 en van Camp David. Resolutie 242 bepaalde dat Israël voor een vredesakkoord moest onderhandelen met Syrië, gebaseerd op terugtrekking uit „de gebieden" naar veilige en erkende grenzen. Deze bepaling werd herhaald in het Syrisch-Israëlische troepenscheidingsakkoord van 1974. Bij Camp David bevestigden Egypte en Israël dat resolutie 242 een basis vormt voor vrede, „niet alleen tussen Egypte en Israël, maar ook tussen Israël en zijn buurlanden".

Onzekerheid

De diplomatieke schade die Begin aanrichtte was groot. De Golan kwam plotseling in het brandpunt van de internationale belangstelling te staan. Volgens Sachar zouden van toen af aan alle ontwikkelingen op deze essentiële bufferzone heel goed worden gecontroleerd. Er werd een waardevol propagandawapen gegeven aan de Arabische wereld en andere vijanden van Israël. Op de Golan zelf raakten talloze, vroeger vriendelijke, Druzen geïrriteerd. Toen de militaire regering hen dwong de Israëlische identiteitspapieren aan te nemen, protesteerden velen door stakingen en soms met gewelddadigheden.
Maar ondanks de Golanwet heerst er opnieuw onzekerheid over de toekomst. Een vraag waarvoor boeren zich bij voorbeeld gesteld weten, is of zij nog moeten investeren. Volgens het ministerie van financiën moeten er geen lange-termijn investeringen meer worden gedaan door de staat.
Maar in Katzrin bij voorbeeld, de 'hoofdstad van de Golan', worden nog steeds nieuwe huizen gebouwd. En verkocht. Rabin heeft immers gezegd dat hij zich niet van de hele Golan zal terugtrekken. Niemand weet wat 'de lijnen' zijn die door het hoofd van de premier lopen. Ook de Syriërs niet. Hij wil daarover pas praten als de Syriërs zeggen wat zij onder vrede verstaan.
Tot dusver hebben de Syriërs dat geweigerd. De onderhandelingen tussen Syrië en Israël over de Golan zitten dan ook muurvast. De verwachting is dat alleen een Amerikaanse diplomatieke zwaargewicht de onderhandelingen weer kan vlot trekken.

Druzen

Voor Ronnie Lotan hoeft het niet, zo'n terugtrekking. "De politici zeggen altijd dat vrede het tegenovergestelde van oorlog is. Dat is niet waar. Tussen de Sowjet-Unie en Amerika was er geen vrede voor tientallen jaren. Wij hebben principes. Het is geen kwestie van terugtrekking of geen terugtrekking. Stel je voor als morgen de Arabiereri zeggen: Als jullie ons Tiberias niet teruggeven, dan gaan wij oorlog maken. Wat gaan we dan doen? En als ze Jeruzalem vragen? De Arabieren zullen Jeruzalem nooit opgeven, en wij ook niet. Dus? Het is niet het gewone volk dat oorlog maakt, het zijn de leiders. De leiders moeten vrede maken. Hoe? Dat is hun probleem, ik hoef hun geen advies te geven. Als ik het wist, was ik de premier".
De 15.000 Druzen op het plateau verdienen de kost hoofdzakelijk door landbouw en door te werken in Israël. „Er komt vrede", zegt een van hen in vloeiend Hebreeuws. „God zal ervoor zoigen. Hoe, dat weet ik niet. Dat zullen de poli-' tici bepalen". Verderop, in het centrum van de plaats Majdal Shams, vertelt Issadin, eveneens in vloeiend Hebreeuws, dat Israël de Golan dient te verlaten. „Wij zijn Syriërs", zegt hij. „Israël kan volledige vrede krijgen voor een volledige terugtrekking".

Hogerop

Religieuze joden wijzen er echter op dat de Golan tot Eretz Israël -het land Israël, het beloofde land- hoort. Een vrouw vertelt: „Dit is zeker een deel van het beloofde land. Open de Torah en je leest dat hier de stammen Manasse en Dan woonden. Er waren hier veel talmoedscholen in de tweéde-tempelperiode".
Opgravingen herinneren daaraan. In Katzrin bij voorbeeld is een synagoge uit de talmoedische periode (derde tot zevende eeuw) opgegraven en voor het publiek opengesteld. Uit deze periode zijn overblijfselen van 25 synagoges gevonden. De Byzantijnen verdreven de joden van Jeruzalem en Judea en zij zochten hun toevlucht hogerop. Wat de meeste religieuzen betreft blijft het joodse volk daar.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 10 juli 1993

Reformatorisch Dagblad | 22 Pagina's

„Golan hoort bij Eretz Israël

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 10 juli 1993

Reformatorisch Dagblad | 22 Pagina's

PDF Bekijken