Bekijk het origineel

Bevreesd voor de bisschop die in 't eigen hart leeft

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Bevreesd voor de bisschop die in 't eigen hart leeft

12 minuten leestijd

De pastoor van de St. Pancratiusparochie in Heerlen F. J. M. Wiertz - hij werd kort geleden benoemd tot bisschop van Roermond in de plaats van bisschop Gysen, die in januari dit jaar om gezondheidsredenen zijn ontslag indiende - heeft de Nederlandse Geloofsbelijdenis niet hoog. Als Wiertz zich immers gehouden had aan artikel 31, dan had hij misschien wel voor de eer bedankt. Want in dat artikel staat dat Jezus Christus „de enige algemene Bisschop en het enige Hoofd der Kerk" is. En wij, goede gereformeerden? Leven wij bij artikel 31?

De „dienaars des Woords, in wat plaats dat zij zijn, zo hebben zij één zelfde macht en autoriteit, zijnde altegader dienaars van Jezus Christus, de enige algemene Bisschop...", zegt de Geloofsbelijdenis.

„De enige algemene Bisschop": Daarmee keert de Confessie zich duidelijk tegen de Rooms-Katholieke Kerk. De Confessie keert zich niet alleen tegen de wederdopers. Dat moeten de inquisiteurs goed door hebben gehad toen zij Guido de Brés in 1567 in Valenciennes de marteldood lieten sterven.

Ho eens even, zegt iemand die 'toevallig' wel eens op reis was in Oost-Europa. De Hongaarse gereformeerde kerken in Hongarije, in Roemenië of in de Oekraïne hebben óók bisschoppen. Dat klopt. Maar de gereformeerde bisschop uit de genoemde landen is niet vergelijkbaar met de rooms-katholieke gezagsdrager. Die man uit Hongarije of Roemenië of de Oekraïne heeft als ambtsdrager niets meer te zeggen dan de andere predikanten. Hij is slechts het administratieve hoofd van een kerkdistrict. In de tijd van het communisme het kerkelijk aanspreekpunt voor de regering. Een administratief hoofd: zo is het ook in Zweden, Denemarken en een paar Duitse deelstaten.

Opvolger der apostelen

Waarom vinden wij in de Nederlandse Geloofsbelijdenis dat verzet tegen een andere bisschop dan Jezus Christus? Omdat de bisschop in de Rooms-Katholieke Kerk, waarmee onze gereformeerde vaderen te maken hadden, een bisschop-met-meer-ambtelijke-macht was.

Wat houdt de bisschoppelijke functie in de Rooms-Katholieke Kerk dan ongeveer in? De rooms-katholieke bisschop is feitelijk opvolger van de apostelen. Hij is de eigenlijke ambtsdrager. Dus van gelijkwaardigheid tussen predikanten, ouderlingen en diakenen zoals bij gereformeerden is geen sprake. De rooms-katholieke bisschop alleen mag iemand tot priester wijden en een ambtsdrager ook weer uit het ambt ontzetten. Hij alleen mag kerken wijden en vorsten zalven.

Alleen de paus staat in rang boven de bisschoppen. Daartoe is besloten tijdens het Vaticaanse concilie van 1869-1870. Die beslissing is voortgevloeid uit de strijd van de bisschoppen van de hoofdplaatsen, de metropolieten, om meer invloed dan bisschoppen in kleinere of minder belangrijke plaatsen.

In strijd met...

Deze ontwikkeling is in strijd met de Schrift en de gereformeerde traditie. Oorspronkelijk was het werk van de ambtelijke dienst in de christelijke kerk één. Het was toevertrouwd aan de apostelen. Dezen hebben ouderlingen en diakenen aangesteld.

In die apostolische kerk nu zijn twee soorten van ouderlingen geweest. De eersten, zegt het "formulier van bevestiging der ouderlingen en diakenen", „hebben gearbeid in het Woord en de leer, en de anderen niet. De eersten waren de dienaars des Woords en de herders, die het Evangelie verkondigden en de sacramenten bedienden; maar de anderen die niet in het Woord arbeidden, en nochtans mede in de gemeente dienden, droegen een bijzonder ambt; dat zij namelijk over de kerk opzicht hadden en die regeerden met de dienaren des Woords; want Paulus, Romeinen 12, gesproken hebbende van het leerambt, en ook van het ambt der uitdeling of diakenschap, spreekt daarna van deze dienst afzonderlijk..."..

In de apostolische kerk waren dus twee soorten van ouderlingen en er waren diakenen. Maar die allen hebben geen enkele grond in de Schrift waarop de een - omdat hij opziener is in een grotere stad of zelfs in een metropool, een wereldstad, of omdat hij opvolger zou zijn van Petrus - meer macht, meer zeggenschap, macht of aanzien zou hebben dan de ander.

Zó, tegen de achtergrond van de roomse dwaling, krijgt de Geloofsbelijdenis pas echt inhoud. Daarom verzet die Confessie zich zo sterk tegen andere bisschoppen. De „dienaars des Woords, in wat plaats dat zij zijn, zo hebben zij één zelfde macht en autoriteit, zijnde altegader dienaars van Jezus Christus, de enige algemene Bisschop..."

Ontwikkeling

Hoe is het zover gekomen in de Rooms-Katholieke Kerk, dat het bisschopsambt zo sterk overgeaccentueerd werd? Ik schreef al dat in de apostolische kerk het bisschopsambt (Grieks: episkopos, dat is opziener) vereenzelvigd werd met dat van de presbyters of oudsten van een gemeente. In elke gemeente waren er verscheidene oudsten en zij vormden samen een soort college.

De apostel Paulus schrijft zijn brief aan de Filippensen aan „al de heiligen in Christus Jezus, die te Filippi zijn, met de opzieners en diakenen". De bisschoppen worden hier dus direct naast de diakenen geplaatst. Zij worden niet beschouwd als zijnde van 'hoger niveau'. Maar die kant is het in de loop der geschiedenis wèl opgegaan in de Rooms-Katholieke Kerk.

Reeds in de tweede eeuw stond er op verschillende plaatsen één bisschop aan het hoofd van de gemeente. Andere oudsten stonden hem ter zijde en waren hem onderworpen. Dat was natuurlijk wel verklaarbaar. Het is nu vaak nòg zo dat het ambt van predikant in het algemeen van hoger orde geacht wordt dan dat van de ouderling. In feite is dat echter rooms.

In elk geval: zó is het ervan gekomen - dus onder andere via het primaat van één opziener die het Woord bediende in een plaatselijke gemeente; en via de strijd, waarbij er één, opziener in een wereldstad, meer macht, meer zeggenschap zou hebben dan de ander - dat in de Rooms-Katholieke Kerk die status van de bisschop zo hoog en groot werd. En waar bovendien de traditie in de Rooms-Katholieke Kerk gelijke waarde werd toegekend als de Bijbel, kregen de bisschoppen grote macht en zeggenschap.

Het Woord centraal

Ik vroeg waarom de Geloofsbelijdenis zich zo sterk verzet tegen het rooms-katholieke "bisschoppelijk denken". Waarom wordt Jezus Christus zo sterk op de voorgrond gesteld als „de enige algemene Bisschop en het enige Hoofd der Kerk".

Omdat onze gereformeerde vaderen bevreesd waren menselijke hiërarchie en traditie boven de Bijbel de stellen. Het Woord staat centraal in de kerk van de Reformatie. Daaraan heeft ieder zich te onderwerpen. Dat Woord is het Woord van Jezus Christus, de Logos.

Die kerk van de Reformatie is er nog. Het grootste deel van de lezers van deze krant, afgescheiden of niet, behoort ertoe. Maar zijn wij nog reformatorisch?

Zelfonderzoek

Als ik zeg dat wij onszelf telkens wel weer de vraag mogen stellen of wij ons na de Reformatie al lang niet weer nieuwe bisschoppen en pausen verkozen hebben of aan laten meten, dan is dat een gevaarlijke vraag. Het pad voor dat zelfonderzoek is maar smal. Want al spoedig vormen wij aanleiding tot het aanwakkeren van de gezagscrisis, zoals deze ook in kerken van gereformeerde origine zo'n verwoestende rol speelt. Of wij geven voet aan de toenemende secularisatie en individualisering, zoals deze ook de kerk niet voorbij gaat. Of wij geven aanleiding dat leden of doopleden van de kerk zich wenden tot de charismatische en pinksterbeweging, waar het ambt niet zo sterk geaccentueerd wordt als in de gereformeerde gezindte.

Die kant wil ik niet op. Ik vraag respect en ontzag voor het bijzondere ambt. Voor de herder en leraar in de gemeente. Voor de ouderling, die op huisbezoek komt. En voor de diaken, wiens functie bij de steeds teruglopende steun aan kerk en school en bij de toenemende vervaging van normen en waarden, die kerk en jeugdwerk geld gaan kosten, nog lang niet uitgehold hoeft te zijn.

Maar toch stel ik die vraag. Of wij ons na de Reformatie nog niet weer nieuwe bisschoppen en pausen verkozen hebben. De mens is daartoe van nature geneigd. De een zoekt juist een leidersfiguur, heeft daar behoefte aan, om er zich aan op te kunnen trekken. En de ander heeft natuurlijke aanleg om de grote leider te spelen. Er is leiding nodig in de kerk. Daartoe gaf God ook gaven. Maar er kan ook misbruik ontstaan en verwoesting. Als het Woord niet meer centraal staat.

Zien wij het gevaar nog, van hiërarchie of dominocratie. Of is het Woord onze regeerder? Zoals de Catechismus de tweede bede van het volmaakte gebed uitlegt: „Regeer ons alzo door uw Woord en uw Geest, dat wij ons hoe langer hoe meer aan U onderwerpen...". Dan zijn wij bevreesd voor bisschoppen. Als het goed is, is dan iedere ambtsdrager het meest bevreesd voor de bisschop en alle hiërarchie die in zijn eigen hart leeft.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 17 juli 1993

Reformatorisch Dagblad | 19 Pagina's

Bevreesd voor de bisschop die in 't eigen hart leeft

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 17 juli 1993

Reformatorisch Dagblad | 19 Pagina's

PDF Bekijken