Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

„Zoiets zie je nooit bij een gewone manege

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

„Zoiets zie je nooit bij een gewone manege

3r\Qn^\ \^3 WdZ3\i CZTiü C=iPOQ\:\ ^ Meike van Dieren kijkt achter de schermen van paardensportcentrum "De Federatie"

6 minuten leestijd

Een blauw achterwerk is voor Meike iets bijna-alledaags. Ze zit er dus niet meer mee. In haar rijbroek heeft een scheur gezeten. In het been eronder ook. „Als er iemand valt, ben ik het", zegt ze. „Ik heb al heel wat blauwe plekken gehad". Helaas, vindt Meike, heeft ze zelf geen paard. Een kijkje bij de Koninkiyke Nederlandse Federatie van Landelijke Rijverenigingen en iPonyclubs (KNF) in Ermelo was daardoor voor haar niet weggelegd. Een brief aan Magneet hielp...

Al sinds een jaar of vijf zit Meike (16) wekelijks in het zadel. Daarvóór was ze al dol op paarden. „Maar toen woonden we nog in Den Haag. De manege was helemaal aan de andere kant van de stad, daarom kon ik er niet naar toe".

Sinds ze in Alphen aan den Rijn woont, is Meike een van de "Alphense Ruiters". ledere zaterdagmorgen stapt ze in de stijgbeugels en af en toe ligt ze nSdst het paard. „Want ik heb een ontzettend slecht evenwicht. Gelukkig gaat het de laatste tijd stukken beter. We hebben een nieuwe instructrice. Zij leerde me bij voorbeeld dat ik m'n benen niet genoeg aankneep bij het springen. Nu kan ik zelfs al zonder zadel springen. Ik vind paarden gewoon leuk, dus daar moet je maar wat voor over hebben".

Ruiterbewijs

Het heerlijkst vindt Meike springen en buitenritten. Met haar lievelingspaard galoppeert ze graag over de crossbanen. Natuurlijk verzamelt ze ook alles wat met paarden te maken heeft. En in een dik schrift schrijft ze op wat ze in de lessen leert: „De deed bij voorbeeld een keer m'n jas uit tijdens het rijden. Toen sloeg het paard van schrik bijna op hol. Dat heb ik er ook in gezet. Allemaal van die praktische dingen. Verder koop ik "De wereld voor pony en paard". M'n moeder is er niet altijd zo blij mee als ik er m'n geld in steek, maar het blad komt maar één keer per maand. Er staan op de praktijk gerichte rubrieken in.

In "De wereld voor pony en paard" las Meike over het bestaan van de KNF. „M'n schoolagenda heb ik er ook van. Er worden instructieweken gegeven en ze organiseren ruiterkampen. Zonder eigen paard kun je er helaas niet terecht".

Nu zit Maaike toch in de kantine van "De Federatie". Door een groot raam kijkt ze neer op de bak, waar straks de eerste les voor het zomerkamp kan beginnen. De deelnemers rijden binnen op hun pony's. „Leuk", watertandt Meike. ,Jk ben zelf hard aan het sparen voor een ruiterkamp waar je geen eigen paard mee naar toe hoeft te nemen. Ik ben nog nooit met een kamp meegeweest -beetje duur hè... 395 gulden is niks voor een weekje- maar nu heb ik gehoord dat er kampen zijn waar je een ruiterbewijs kunt halen en dat wil ik graag".

"De wal"

Tegenover Meike zit Claartje van Andel van het Federatiecentrum. Zij vertelt alles wat Meike weten wil over de KNF. „We regelen hier alles wat maar met het stimuleren van de paardensport te maken heeft. Juryleden en instructeurs worden hier opgeleid. In de zomer organiseren we kampen. Deze week logeert hier een groep jongens en meisjes van rond de zestien jaar. Ze komen van maandag tot zaterdag en brengen hun eigen pony mee.

Verder worden er cursusdagen, fokdagen en wedstrijden gehouden. Bijna iedere zaterdag is er wel iets te doen". Claartje neemt Meike mee op een rondwandeling over het terrein van KNF. De federatie heeft stalruimte voor 220 pony's en paarden en slaapplaatsen voor honderd mensen. In de grootste van de drie rij hallen -die genoemd is naar koningin Beatrix, beschermvrouwe van de KNFmaakt Meike de springles mee. Daarna maakt ze een praatje met instructeur Patrick van der Meer. Een van de jonge kampdeelnemers komt juist bij hem om te zeggen dat zijn pony beter nog niet op "de wal", het terrein met de natuurhindemissen, kan rijden. Maar daar is Patrick het niet mee eens. „We proberen iedereen mee te krijgen", zegt hij tegen Meike. „Je moet wel een eig goede reden hebben om met iets niet mee te doen. We bouwen het wel rustig op, natuuriijk. Het grappige is, dat degenen die aanvankelijk iets niet goed durven, dat later juist het leukst vinden. Zoals de wal".

Eng

Die wal gaat Meike zelf bekijken.'Het hoogtepunt van De Federatie, vindt ze. Een groepje van het zomerkamp dat deze week in Ermelo logeert, waadt hier door waterpartijen, beklimt met paard en al opstapjes en galoppeert over heuvels, greppels en boomstammen. ,2oiets zie je nooit bij een gewone manege", zegt Meike. „Het lijkt me schitterend om dit te rijden".

Voorlopig is Meike niet weg te slaan bij de natuurhindemissen. Voor de pony's die hier rijden, is het ook nieuw allemaal. Sommige van hen vinden de hindernissen nogal eng. Ze moeten in volle vaart een heuvel op, onder aan de andere kant over een greppel springen en een volgende heuvel op. Het paard van Karin ziet dat niet zitten. Telkens als hij de heuvel af komt galopperen, staat hij vlak voor de greppel plotseling stil.

Zijn berijdster vliegt naar voren en moet veel moeite doen om te blijven zitten. Karin is blijkbaar evenmin bang voor blauwe plekken als Meike, want ze probeert het telkens opnieuw. Als kampgenote Elsbeth er aan te pas komt, gaat het beter. Haar pony vindt het een leuk spelletje en rijdt voor Karins pony uit totdat deze volgt.

Na een paar keer gaat het toch weer mis. Op het laatste moment zet de pony zijn voorbenen schrap. Karin tuimelt over zijn hoofd vlak voor het dier neer. Met een smak ligt ze languit over de greppel, terwijl de viervoeter er in volle galop vandoor gaat. Een paar toeschouwers gaan er snel achteraan en drijven het dier in een hoek van het weiland.

instructrice

„Stom hè", zegt de instructrice. „Het stelt niets voor, maar ze zijn er allemaal bang voor". Terwijl Karin langzaam overeind kruipt, gaat de rest van de groep door met de oefeningen. „Hij dééd het!", juicht een meisje als haar pony voor het eerst de sprong heeft genomen en Meike lacht even blij mee.

Met moeite is ze aan het einde van het bezoek bij haar lievelingsdieren weg te krijgen. En iedere keer dat Meike nu in haar paardenagenda kijkt, weet ze het nog zekerder: „Ik zou best instructrice willen worden. Je hebt er alleen mavo voor nodig en dat heb ik. M'n ouders raden het een beetje af, omdat ze vinden dat er weinig werk in te vinden is, maar ja. Ach, ik vind dit ook een leuke opleiding, dus dat doe ik eerst maar. Wie weet, daarna..." Dit is de vierde aflevering in de serie Hobbywens. Volgende week aflevering 5: "Wim is voor een dag machinist op zwaarste trein van Europa".

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 9 augustus 1993

Reformatorisch Dagblad | 12 Pagina's

„Zoiets zie je nooit bij een gewone manege

Bekijk de hele uitgave van maandag 9 augustus 1993

Reformatorisch Dagblad | 12 Pagina's

PDF Bekijken