Bekijk het origineel

Dilemma voor Justitie in

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Dilemma voor Justitie in

Verdachte lijkt waterdicht alibi te hebben

3 minuten leestijd

ASSEN (ANP) - De 19-jarige dienstplichtig militair R. C. F. uit Smilde, die sinds 16 november is ingesloten op verdenking van moord op de 15-jarige Andrea Luten uit Ruinen, lijkt een waterdicht alibi te hebben voor de dag dat het meisje is omgebracht.

Tegelijk beschikt de man over zo veel details over het misdrijf, dat Justitie voor het dilemma staat niet alleen bewijs tegen de verdachte te moeten zoeken, maar tegelijk zal moeten kunnen bewijzen dat hij dat feit niet gepleegd kan hebben. Een tweede verdachte in de zaak, de 46-jarige F. W. N. uit Smilde, werd vorige week donderdag vanwege mogelijke betrokkenheid aangehouden. De man is gisteravond weer op vrije voeten gesteld. Justitie zegt geen aanwijzingen meer te hebben over betrokkenheid van deze man bij het feit.

Op een persconferentie gisteravond in Assen heeft officier van Justitie mr. Tempel uitvoerige informatie gegeven over het onderzoek naar de mogelijke betrokkenheid van F. bij de moord op de 15-jarige Andrea Luten. Haar stoffelijk overschot werd op 11 mei in de bossen in Gijsselte gevonden. Ze bleek een dag eerder te zijn gewurgd, toen ze 's middags per fiets op weg was van haar school in Hoogeveen naar huis. »

De mogelijke betrokkenheid van F. bleek op 13 november, toen de man door de Koninklijke Marechaussee werd gehoord in verband met zijn ongeoorloofde afwezigheid, een week eerder. F. is gelegerd in de Duitse plaats Seedorf. F. verklaarde toen samen met N. vorige zomer een soortgelijk misdrijf te hebben gepleegd op een vrouw die ze in het Asser bos in Assen hadden zien lopen.

Details

In hetzelfde verhoor kvram F. met bijzondere details over de moord op Andrea Luten. Justitie wil niet zeggen over welke informatie F. beschikt. Maar de details zijn zo treffend, dat hij de dader wel moet zijn, over inside-informatie moet beschikken of onwaarschijnlijk treffend kan fantaseren, aldus mr. Tempel.

Volgens de verklaringen van F. heeft N. hem op 10 mei uit Seedorf opgehaald en zijn ze samen naar Ruinen gereden. Daar zagen ze het meisje fietsen en hebben ze haar met de auto klemgereden. F. heeft haar vervolgens het bos ingetrokken en toen ze zich heftig verzette gewurgd. Beide mannen zijn daarop gevlucht.

Intussen blijkt verder uit het onderzoek dat F. op de bewuste datum helemaal niet in Ruinen geweest kan zijn. Collega-soldaten hebbén verklaard dat hij de 10e mei aanwezig is geweest bij een brand die die middag op de hei bi^ Seedorf heeft gewoed. Ook blijkt zwart op wit uit de administratie dat hij die dag een arts heeft geraadpleegd in zijn legerplaats. Zijn commandant heeft hem evenmin gemist bij het avond-appel. „Hij lijkt dus een alibi te hebben, maar daar staat veel tegenover", aldus mr. Tempel.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 november 1993

Reformatorisch Dagblad | 22 Pagina's

Dilemma voor Justitie in

Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 november 1993

Reformatorisch Dagblad | 22 Pagina's

PDF Bekijken