Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Akkerbouwers

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Akkerbouwers

3 minuten leestijd

Een belangrijk deel van de Nederlandse struisvogelhouders is afkomstig uit het boerenbedrijf. Produktiebeperkingen brachten veel boeren ertoe uit te zien naar een alternatief: het houden van struisvogels. Oud-pluimveehouder Peter van Hoek (56) uit het Brabantse dorpje Beers koos een jaar geleden ook voor de overstap. Hij kwam dan wel niet van een boerderij en zijn bedrijf was evenmin noodlijdend, maar na dertig jaar kuikens gehouden te hebben, wilde hij daarnaast ook andere dieren op zijn kuikenbroederij.

Op een vakbeurs voor intensieve veehouderij maakte hij in 1992 voor het eerst serieus kennis met het houden van struisvogels. Van Hoek: „Ik heb me uitgebreid laten informeren en niet lang daarna kocht ik twaalf struisvogels, vanuit Zimbabwe. Het waren vogels van vier maanden oud. Op die leeftijd hebben ze de kritische periode in hun groeiproces ruimschoots achter de rug en die zekerheid wilde ik in het begin graag hebben". Nu staat Van Hoek bekend als een van de pioniers in de Nederlandse struisvogelhouderij. Hij stond op 31 oktober 1992 dan ook mede aan de wieg van een eigen belangenorganisatie, de NSO.

Van Hoek noemt het een voordeel dat hij goed bekend was met pluimvee. Een akkerbouwer heeft het naar zijn idee veel moeilijker, omdat voor hem de overgang naar pluimvee veel groter is. Veel aanloopkosten brengt het houden van struisvogels niet met zich mee. Een omheining van 1,75 meter hoogte is volgens Van Hoek het meest ingrijpende onderdeel. Verder noemt hij een grote, open schuur belangrijk. „Een schuur waarin het niet te donker mag zijn, anders krijg je de vogels er met geen mogelijkheid in. Ze mogen dan nieuwsgierig zijn, bang zijn ze in ieder geval ook".

In de omgang met de dieren heeft Van Hoek al snel gemerkt dat de beeldspraak

„Met deze dame weet ik echt geen weg meer. Niet voor niets heb ik haar van school gestuurd". Met deze woorden verantwoordde Jonker, directeur van de mavo te S., zich tegenover zyn schoolbestuur, dat klachten had ontvangen van de vader vanLeonie.

De boze vader wist het schoolbestuur te melden dat de directeur volkomen ten onrechte had besloten Leonie niet meer toe te laten op school. „Als deze beslissing niet onmiddellijk wordt ingetrokken, zal ik u voor de rechter dagen. Mijn dochter zit nu thuis en er is geen land met zaterdag 2 april 1994 van een struisvogel die in geval van nood zijn kop in het zand steekt een verzinsel is. Naar een verklaring voor dat misverstand kan hij slechts gissen. „Misschien is de kop van struisvogels, wanneer de dieren eten, door de luchttrillingen wel eens over het hoofd gezien. Wel is het zo dat deze beesten ontzettend dom zijn. Je kunt een zak over hun kop trekken en vervolgens blijven ze er gerust een paar uur mee staan", grinnikt Van Hoek.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 2 april 1994

Reformatorisch Dagblad | 28 Pagina's

Akkerbouwers

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 2 april 1994

Reformatorisch Dagblad | 28 Pagina's

PDF Bekijken