Bekijk het origineel

Historieprent onbetrouwbare bron

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Historieprent onbetrouwbare bron

5 minuten leestijd

Net zo min als „'s lands historieblaên" altijd de objectieve waarheid weergeven, doen historieprenten dat. Ze vertellen het verhaal door een gekleurde bril. Ze zijn partij; de vijand wordt zwarter dan zwart afgebeeld, de eigen daden worden roemruchter voorgesteld. Dat ligt voor de hand en daar is weinig op tegen. Maar men moet er wél mee rekenen dat die vertekening bewust of onbewust aanwezig is. De afbeelding op een historieprent is als bron niet zonder meer betrouwbaar. Zo leerde een studiedag over "Openbaring en bedrog".

Die dag over "De afbeelding als historische bron in de Lage Landen" werd in Rotterdam georganiseerd bij de expositie "Prenten van formaat": historieprenten uit de Gouden Eeuw in Historisch Museum het Schielandshuis. De lezingen worden in boekvorm uitgegeven door Amsterdam University Press. Het is een jubileum-expositie: de vijftigste uit de rijke collectie prenten en kaarten van de Atlas Van Stolk, die nu is ondergebracht in dit museum. 

Deze collectie is vergaard door de 19e-eeuwse Rotterdamse houthandelaar Abraham van Stolk, die prenten en platen bijeenbracht om „op hoogst leerryke wijze de Vaderlandsche Geschiedenis te beoefenen". Zijn erven zetten dit verzamelen voort. De "Atlas" is vaak een bron voor exposities in het Prentenkabinet van Het Schielandshuis. Voor deze 50e expositie koos men uit de grootste historieprenten der 17e eeuw. Over twee jaar is het precies een eeuw geleden dat Van Stolk overleed; wellicht aanleiding voor een grotere expositie. Opvallend bij deze prenten uit de Gouden Eeuw is niet hun betrouwbaarheid (ze zijn 'geregisseerd'), wél hun oog voor het detail. Een toelichting meldt hoe ze boeien door kleur of dieptewerking en door bijvoorbeeld de eindeloosheid van een begrafenisstoet. Graveur Jacques Callot blijkt op zijn kaart van het Beleg van Breda duizenden personen te hebben verwerkt, onder wie zichzelf. 

In opdracht

Wie zich afvraagt hoe ze die immense kaarten maakten, moet bedenken dat ze vaak zijn opgebouwd uit twee of meer bedrukte bladen handgeschept papier. Ze werden in zwartwit gedrukt en met de hand ingekleurd. Stadskaarten werden niet op de bonnefooi getekend en gedrukt. Vaak waren het overheidsopdrachten. Zo is de belegeringskaart van Breda een order van landvoogdes Isabella der Zuidelijke Nederlanden aan Callot, kort na haar verovering van deze Oranjestad in 1625. Wat Jacques Callot beurde voor zijn werkzaamheden, is onbekend. 

Het ging wellicht om forse bedragen. Want we weten dat de Hollandse Staten-Generaal een som van 550 guldens uitkeerden aan Floris Balthasar als werkloon voor zijn in 1601 vervaardigde prent van de Slag bij Nieuwpoort, een jaar eerder. Een andere prent, met de door Simon Stevin voor prins Maurits uitgevonden strand-zeilwagen bij Scheveningen, beeldt ook Hugo de Groot af. De tentoonstelling toont naast de Slag bij Nieuwpoort andere heldendaden uit de Tachtigjarige Oorlog op groot formaat. Na het verlies van Breda in 1625 was er stedenwinst: prins Frederik Hendrik nam in 1629 Den Bosch in. Ook zeeslagen op de Noordzee of in de wingewesten der Verenigde Oostindische Compagnie Een pronkstuk uit de rijke Atlas Van Stolk in Rotterdam: de ingekleurde gravure van Romeyn de Hooghe toont de aankomst van Mary Stuart in Engeland voor haar kroning en die van haar man, koning-stadhouder Willem III, in 1689. niet werden uitgebeeld. Dat onze Republiek in de Gouden Eeuw steeds zelfbewuster werd, is te zien aan de grote 'profielen' van Amsterdam, Rotterdam of Bergen op Zoom.

Intochten

Ook de Oranje-stadhouders zijn een dankbaar onderwerp voor prenten. Het ligt voor de hand, dat we niet slechts een zo nauwkeurig mogelijk portret krijgen! Vooral de prinsen Maurits, Frederik Hendrik en Willem III -de latere koning van Engeland verschaften heel wat prentsnijders en drukkers werk, ook na hun dood: de lijkstoeten van Maurits en "Mooi Heintje" trekken op de expositie voorbij. 

Het propaganda-karakter van de prenten kan men ook aflezen aan het grote formaat. Zoals de plechtige intocht -een variant op de "Blijde incomste" der Renaissance-vorsten van Robert Dudley, graaf van Leicester, die ons in 1586 te hulp schoot. Of de stoet van Maria de Medici in 1638. Er zijn ook optochten afgebeeld die nooit hebben plaatsgehad. Zoals een stoet waarin de Rooms-Katholieke Kerk en leer worden bespot. Heel opvallend vond ik ook een allegorie van de Brede en de Smalle Weg ("Tafereel oft onderwijsinge der eenvoudige"). Dat is in feite een voorloper van de beroemde 19e-eeuwse prent die nu nog wel hier en daar een huiskamer siert. Maar hier gaat het specifiek over Rome en de Reformatie, de Brede Weg is „de pauselicke religie dewelcke valsch is" en de Smalle „de christelicke religie dewelcke waerachtich is". De ironische prent werd rond 1600 vervaardigd door R. Baudous, naar N. Anglois. 

Sommige (rouwstoet)prenten zijn meterslang aan elkaar geplakte losse bladen met zeer gedetailleerde beschrijvingen. Een fraaie optocht-prent dient ter ere van prins Willem van Oranje. Deze prent werd gemaakt door Cornells van Kittensteyn en was bedoeld om de Oranje-Nassaus in het openbaar dank te betuigen. Het bestuur van Den Haag kocht er liefst vijf exemplaren van. Bij de expositie, voorlopig te zien tot 19 juni, is voor één gulden een informatief vouwblad beschikbaar. (Van As). 

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 18 april 1994

Reformatorisch Dagblad | 16 Pagina's

Historieprent onbetrouwbare bron

Bekijk de hele uitgave van maandag 18 april 1994

Reformatorisch Dagblad | 16 Pagina's

PDF Bekijken