Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Tekort aan donoren met anti-rhesusfactor

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Tekort aan donoren met anti-rhesusfactor

CLB werkt aan oprichting navelstrengbloedbank

3 minuten leestijd

AMSTERDAM - Er is een ernstig tekort aan donoren met anti-rhesusfactor in het bloed. Deze antistoffen zijn onontbeerlijk voor de behandeling van rhesus-negatieve vrouwen die een rhesus-positieve baby hebben gekregen. Krijgen zij direct na de bevalling geen anti-rhesusfactor per injectie toegediend, dan kan een volgende rhesus-positieve baby ernstig ziek worden of zelfs sterven.

Het Centraal laboratorium van de bloedtransfusiedienst (CLB) in Amsterdam maakte gisteren bekend dat op dit moment slechts 190 donoren beschikbaar zijn. Het benodigde aantal ligt op 500. Het tekort leidt ertoe dat de huidige donoren elke vier tot zes weken bloedplasma moeten afstaan. Dit is medisch gezien geen bezwaar, omdat ze bij de bloedafname door middel van plasmaferese hun rode bloedcellen kunnen behouden. ,J4a het drinken van een paar glazen vocht is de hoeveelheid plasma in het bloed weer op peil", aldus dr. P. F. W. Strengers van het CLB.

Jaarlijks overlijden in Nederland nog 4 a 5 rhesus-negatieve kinderen (in 1970 nog 191) doordat antistoffen in het bloed van de moeder via de placenta het bloed van het ongeboren kind afbreken. Dit kan leiden tot ernstige bloedarmoede met oedeemvorming en lever- en hersenbeschadiging. De meeste kinderen overleven dit niet. Vrouwen die rhesus-negatief zijn en vroeger, toen er nog geen „anti-D" werd gegeven, zijn bevallen van een rhesus-positieve baby, zijn als donor geschikt. Zij beschikken over grote hoeveelheden van de zogenaamde anti-D immunoglobulinen. Het is volgens Strengers echter praktisch gezien moeilijk om deze vrouwen op te sporen.

Een andere mogelijkheid om aan „anti-D" te komen, is om rhesus-negatieve donoren boven de 45 jaar een kleine hoeveelheid rhesus-positief bloed toe te dienen, waardoor zij antiD gaan aanmaken. Hoewel deze ingreep ongevaarlijk is en met de grootst mogelijke veiligheidsmaatregelen wordt omgeven, blijken bestaande donoren er toch niet erg warm voor te lopen. Bovendien blijkt maar 44 procent van deze donoren anti-D te vor

Tegenwoordig krijgen rhesus-negatieve vrouwen na de bevalling van een rhesus-positief kind een prik met „anti-D", zodat zij geen antistoffen meer aanmaken. Het aantal vrouwen dat als donor kan fungeren, neemt daardoor af. Nederland dreigt daardoor steeds meer afhankelijk te worden van het buitenland. Het CLB acht dit een ongewenste ontwikkeling. Potentiële donoren worden daarom opgeroepen zich bij het CLB in Amsterdam te melden (020 - 512.36,38) of een briefje te sturen naar "Hulp ter voorkoming van rhesus-babies, antwoordnummer 814, 1000 SE Amsterdam".

Navelstrengbloedbank

Het CLB en het Academisch ziekenhuis Leiden in samenwerking met de Stichting Eurocord werken aan de oprichting van een nationale navelstrengbloedbank. Recent onderzoek heeft uitgewezen dat bloed uit de navelstreng zogenaamde stamcellen bevat die gebruikt kunnen worden voor de behandeling van leukemie en bepaalde stofwisselingsziekten. Nu worden de stamcellen nog -tijdens een operatie onder narcose- uit het beenmerg van donoren gehaald.

Volgens dr. L. P. de Waal, hoofd van de CLB-bloedbank, is het navelstrengbloed gemakkelijk „te oogsten". Er zijn volgens hem twee methoden: het aanprikken van een navelstrengbloedvat voor of nadat de placenta is geboren. Daarbij kan ongeveer 100 ml bloed worden afgenomen.

Difterie

Prof dr. E. J. Ruitenberg van het CLB waarschuwde voor het gevaar van infectieziekten uit het Oostblok. Het aantal gevallen van bijvoorbeeld difterie in de Russische federatie en de Oekraïne is de laatste jaren explosief gestegen. Vorig jaar overleed een Belg na een bezoek aan Rusland aan de gevolgen van difterie. Ook in Zweden, Engeland en Frankrijk zijn inmiddels gevallen geconstateerd.

Ruitenberg adviseerde reizigers naar deze landen zich vooraf te laten vaccineren en kondigde aan dat de (nood)voorraden antistoffen tegen difterie zullen worden uitgebreid.

Dit artikel werd u aangeboden door: Reformatorisch Dagblad

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 22 juni 1994

Reformatorisch Dagblad | 20 Pagina's

Tekort aan donoren met anti-rhesusfactor

Bekijk de hele uitgave van woensdag 22 juni 1994

Reformatorisch Dagblad | 20 Pagina's

PDF Bekijken