Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Archeologen schrijven zwartboek over ROB

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Archeologen schrijven zwartboek over ROB

Stichting in Hoeksche Waard voelt zich onderschat

4 minuten leestijd

OUD-BEUERLAND - Archeologen in de Hoeksche Waard ondervinden bij het speurwerk naar overblijfselen van een grote Romeinse nederzetting bij Maasdam ernstige hinder van de Rijksdienst voor Oudheidkundig Bodemonderzoek (ROB), de hoogste instantie die zich op landelijk niveau met de oudheid bezighoudt. Volgens voorzitter J. van den Bosch van een

regionale stichting frustreert de ROB het onderzoek Hoeksche Waard.

in de

Van' den Bosch legt momenteel de laatste hand aan een zwartboek over de werkwijze van de Rijksdienst, die in Utrecht is gevestigd. Daarin somt hij voorbeelden op waaruit blijkt dat de regionale Stichting Oudheidkundig Bodemonderzoek in de Hoeksche Waard (SOB) last heeft van de ROB bij het blootleggen van resten uit de prehistorie.

Volgens Van den Bosch heeft de ROB vooral aandacht voor opgravingen van Romeinse resten in Leiden en Alphen aan den Rijn. De archeologie in de Hoeksche Waard wordt door de dienst schromelijk onderschat, aldus de voorzitter van stichting. „En dat terwijl uit steeds meer ontdekkingen blijkt dat hier lange tijd een handelscentrum van de Romeinen was gevestigd", aldus Van den Bosch.

Traag

Met name de trage manier van werken zit Van den Bosch dwars. Dat komt volgens hem bijvoorbeeld tot uiting bij de ontdekking van een grote dam bij Maasdam, die is opgeworpen 4oor de Romeinen, „Wij hebben de vondst twee jaar geleden bij de ROB gemeld. Die moet immers beslissen wat er met de dam gebeurt: wordt het bouwwerk onderzocht, uitgegraven of veiliggesteld? Talloze keren heeft er overieg plaatsgehad. Binnenkort, bijna twee jaar na dato, komt de dienst met een uitslag. Dat is verschrikkelijk traag".

Na de ontdekking van de dam is volgens Van den Bosch een veelheid aan nieuwe vondsten gemeld bij de ROB. „Maar de provinciaal archeoloog van de dienst heeft zich nadien nooit meer in de Hoeksche Waard laten zien. Terwijl de man toch bij elk nieuw oudheidkundig object poolshoogte behoort te nemen".

Veel vondsten deed de SOB het afgelopen jaar aan de hand van infrarood-opnames die door Fló's zijn gemaakt. Die leverden de stichting een stortvloed van gegevens op. Bij het nemen van de foto's door de luchtmacht kwamen de onderhuidse irritaties tussen de SOB en de ROB ook al aan het licht. De rijksdienst vond toen dat de regionale stichting al te hard van stapel liep.

Schade
Volgens Van den Bosch lijden bodemschatten in de Hoeksche Waard zelfs schade. Als voorbeeld noemt hij opnieuw de waterkering. „Door het verlagen van het waterpeil in de polder, een besluit van de ruilverkavelingsdienst, valt een deel van het houtwerk en de beschoeiing droog. Vanwege allerlei chemische processen verpulvert het materiaal zienderogen, terwijl er niets gebeurt".

In zijn actie tegen de ROB verwacht Van den Bosch steun van de stichting Regionaal Archeologisch Archiverings Project (Raap) in Amsterdam. Medewerkers van Raap maken binnenkort een begin met een inventarisatie van de oudheidkundige resten in het tracé van de toekomstige hogesnelheidstrein. „Daardoor krijgen we als het ware een second opinion. Al jaren roepen wij dat de Hoeksche Waard van groot belang is, al evenveel jaren worden wij door de ROB onderschat".

Woordvoerder A. Haytsma van de ROB erkent dat de Hoeksche Waard meer aandacht verdient, maar schuift het probleem door in de richting van het Rijk. „De amateurs in de Hoeksche Waard werken hard en de kwaliteit van hun vondsten is goed. Het punt is alleen dat wij door de schaarste aan financiële middelen prioriteiten moeten stellen. Ook wij zouden graag actiever optreden". Volgens Haytsma komt de relatie tussen de ROB en de SOB door het rapport mogelijk onder toenemende spanning te staan. „De werkwijze van de amateurs roept irritaties op", zegt hij. Op het verwijt dat archeologische resten niet goed bewaard worden, gaat Haytsma niet in. „Daarvoor moet ik eerst het rapport lezen".

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van Tuesday 11 October 1994

Reformatorisch Dagblad | 18 Pagina's

Archeologen schrijven zwartboek over ROB

Bekijk de hele uitgave van Tuesday 11 October 1994

Reformatorisch Dagblad | 18 Pagina's

PDF Bekijken