Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

"V^inig mis met politieke assistenten

Praatpalen bewindslieden kunnen nuttig zijn, maar zijn niet onmisbaar

4 minuten leestijd

GPV-fractieleider Schutte greep deze week de behandeling van de begroting van Algemene Zaken in de Tweede Kamer aan om opnieuw te fulmineren tegen de aanstelling van politieke assistenten op ministeries. Maar wat is er eigenlijk mis met deze politieke 'praatpalen' van bewindslieden?

Dnnr P vnn Ao Rrpp-iinnrt

Volgens Schutte past het niet dat bewindslieden politieke assistenten op een ministerie aanstellen om de band tussen hen en hun partij of fractie te bewaken. De GPV'er meent dat dit type ambtenaar leidt tot onzuivere verhoudingen tussen politieke en ambtelijke verantwoordelijkheden en tussen regering en parlement.

Dat zijn zwaar geladen woorden voor een op zichzelf niet onbegrijpelijk fenomeen. Inmiddels hebben vijf ministers en twee staatssecretarissen politieke assistenten aangetrokken. Minister-president Kok benoemde er een op Algemene Zaken, vicepremier 'Van Mierlo stelde er twee aan op Buitenlandse Zaken, vice-premier Dijkstal nam er een mee naar Binnenlandse Zaken.

Niet nieuw

Ook de ministers Melkert (Sociale Zaken) en Jorritsma (Verkeer en Waterstaat) konden kennelijk niet zonder. Ten slotte volgden de staatssecretarissen Nuis en Netelenbos (Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen) hun respectievelijke ministeriële partijgenoten. De nu door Schutte aangezwengelde discussie is niet nieuw. Ook onder het kabinet-Den Uyl (1973-1977) hadden vooral de sociaal-democratische bewindslieden de beschikking over partijgenoten die als politieke assistenten op de ministeries waren benoemd.

Dat deze poUtieke ambtenaren door hun 'gewone' collega's met argusogen worden bekeken, zegt niets over de oirbaarheid van hun aanstelling. Waarom zou een minister of staatssecretaris niet over een 'vertrouwenspersoon' op zijn of haar ministerie mogen beschikken? Zo'n speciale ambtenaar kan ervoor zorgen dat de politieke antenne van de bewindspersoon scherp blijft afgesteld.

Natuuriijk mag van 'gewone' ambtenaren worden verwacht dat zij loyaal zijn aan hun minister of SCHUTTE ...orlzuivere verhoudingen... staatssecretaris, ook al heeft deze ambtsdrager een andere politieke kleur dan de betrokken ambtenaren. Maar de politieke assistenten hebben een specifieke functie, die in deze tijd van waarde kan zijn. Zij kunnen zelfs waardevol zijn voor beleidsambtenaren door hun adviezen over de politieke haalbaarheid van voorgenomen beleidsbeslissingen.

Schutte moet hiervan niets weten. Toch is het fenomeen "politieke ambtenaar" niet van vandaag of gisteren. In antwoord op schriftelijke vragen van de GPV'er antwoordde premier Kok eind september dat hij ook in zijn vorige functie over zo'n assistent beschikte. Daarnaast was bekend dat de toenmaUge staatssecretaris Wallage met een politieke assistente werkte, eerst op Onderwijs, later op Sociale Zaken. Trouwens, had ook de vorige minister van justitie Hirsch Ballin niet de beschikking over een vertrcJuwensman op zijn departement die was verbonden aan het bureau van de secretaris-generaal? Daar

Amerikaanse toestanden

Nu deze aanstellingen in alle openheid zijn voltrokken, is er eigenlijk weinig mis mee. Gelet op de Nederlandse verhoudingen zal zoiets nooit tot Amerikaanse toestanden uitgroeien, waar bij de komst van een president van een andere politieke groepering duizenden zittende ambtenaren worden vervangen door vrienden of partijgenoten van de nieuwe president.

Overigens beperken de politieke benoemingen op ambtelijk niveau zich echt niet tot die van de omstreden assistenten. Ook bij benoemingen van topambtenaren in ons land wordt naar hun politieke kleur gekeken. Naarmate een bewindspersoon langer een departement beheert, wordt dit meer zichtbaar in het benoemingenbeleid op de hogere niveaus. Is dat niet veel kwalijker?

Het succes van politieke assistenten staat of valt met goede contacten op het ministerie, in de fractie en in de partij. Daarnaast is zo'n assistent ook het oog en oor van de bewindspersoon bij de media. Maar zijn deze assistenten echt onmisbaar geworden? Dat is zeer de vraag. Het hangt ook af van de politieke antenne van een minister of staatssecretaris. Een politieke assistent heeft een onzeker bestaan, want als de bewindspersoon voor wie hij als praatpaal fungeert, verdwijnt, is ook zijn dienstverband bekeken.

Contacten

Als een bewindspersoon voldoende tijd investeert in de contacten met de hem geestverwante partij en fractie, heeft hij geen assistent nodig. Maar meestal ontbreekt hem daarvoor de tijd. Bovendien kan men zo door het beleid in beslag worden genomen, dat het zicht op de geestverwanten ondersneeuwt.

Een Delftse hoogleraar deed onderzoek naar het nut van de politieke assistenten onder het kabinetDen Uyl. Uit dat onderzoek trok hij de opvallende conclusie: De ministers met een politiek adviseur waren tevreden, zij die er geen hadden waren dat ook. Met premier Kok kan gezegd worden dat er weinig mis is met de aanstelling van politieke assistenten.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 15 oktober 1994

Reformatorisch Dagblad | 32 Pagina's

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 15 oktober 1994

Reformatorisch Dagblad | 32 Pagina's

PDF Bekijken