Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Wëllem II zit hier nog hoog te paard

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Wëllem II zit hier nog hoog te paard

Luxemburg mag dit jaar aantreden als de Culturele Hoofdstad van Europa

6 minuten leestijd

Culturele hoofdstad van Europa: Antwerpen was het in 1993. Vorig jaar was Lissabon zo’n cultuuroord. In 1996 mag Kopenhagen zich opmaken. Nu wijlen Melina Mercouri, de Griekse minister van cultuur, zette in 1985 die Culturele Hoofdsteden op. Dit jaar is Luxemburg-Stad aan de beurt. Athene, Florence, Glasgow, Dublin, Amsterdam, Berlijn, Parijs en Madrid gingen al voor. Luxemburg cultuurcentrum? Dat is toch een economische en bestuurlijke hoofdstad van Europa? Zo cultureel zijn de nieuwe brug en oude kazematten toch niet?

Je hoeft geen landshoofdstad te zijn om deze titel te mogen voeren. Je moet je wel in cultureel opzicht onderscheiden; iets bieden waarover nagepraat kan worden. Deze eretitel bevordert de toeristenstroom en geeft bestuurders gelegenheid om fondsen voor hun al lang gewenste restauraties los te peuteren.

Europa-Stad

In Luxemburg-Stad is dat wellicht niet anders. Omdat het landje maar klein is, betrekt de VVV meteen ook het hele land erbij. Zo wordt het herstel van de 13e eeuwse ringmuur rond Echternach aan de Sure (Sauer) gepresenteerd als deel van de uitdaging van Luxemburg als Europese Cultuurstad. Of dat klopt? Feit is, dat de mooie, soms grauwe en sleetse, hoofdstad van het groothertogdom hier en daar al een grote beurt kreeg. Zo ziet het, deels in Renaissancestijl gebouwde, stadspaleis(je) van groothertog Jan er nu een stuk beter uit, al staat het niet op een erg prominente plaats. Maar dat geldt voor ons Paleis Noordeinde ook...

Luxemburg is cultureel en historisch aangenamer dan haar faam als een der drie ‘hoofdsteden van Europa’ -met Brussel en Straatsburg- doet vermoeden. Niet, dat dit politiek-economisch aspect onbelangrijk is. De cultuur kan mee bloeien door de inbreng der Europese instellingen. Al brengen ze soms -zie het mishandelde stadshart en het onmogelijke Berlaymont-gebouw in Brussel en de boven Luxemburg uitrijzende ‘Europese’ wolkenkrabber ook hun architectonische wanprodukten met zich mee. Wie daaraan voorbij ziet, kan van een meerdaags verblijf in Luxemburg -we bedoelen nu de stad, niet het land- volop genieten van cultuur én natuur.

Voor dit jaar noemt Luxemburg zich „de stad van alle culturen”. Altijd al was het een mengsel van volken en talen. Dat is mede de charme van dit vorstendom dat voor veel zaken leentjebuur speelde bij het omringende Duitsland, Frankrijk en België. Hoewel er een op het Duits geënte eigen taal is, het “Letzeburgs”, is men afhankelijk van het Frans en het Duits. Er is een eigen munt, de Frank. Die is gelijkwaardig aan de Belgische Frank, hier ook een wettig betaalmiddel. Politiek-economisch is er evenmin sprake van volledige autonomie, terwijl een fors deel der inkomsten van stad en land te danken is aan het toerisme.

Waarom zou je als Nederlander naar Luxemburg gaan? Omdat er in Vianden een Oranje-burcht is en omdat ze in Echternach Hollandse horeca-tenten hebben? Niet omdat onze koning Willem III tevens groothertog van Luxemburg was en omdat de vlag daar nog altijd het roodwit-blauw van onze vlag heeft, zij het in iets lichtere tinten? Omdat een getrouwe kopie van het ruiterstandbeeld van koning Willem II in Den Haag in Luxemburg-Stad staat, als Willem II. Toch vooral omdat deze stad, op slechts 400 km van Utrecht, zo veel aantrekkelijks heeft en echt een buitenlandse metropool is, zij het een kleine.

Oude poorten

Een korte vogelvlucht boven deze vestingstad waarvan de historie ruim duizend jaren teruggaat, tot 963. De stad, waarvan de hoogte wisselt van 230 tot 408 meter, telt zo’n 120.000 inwoners. Dat is veel minder dan Apeldoorn, en die bevolking is voor een flink deel import: betrokkenen bij de vele Europese instellingen hier. Het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschap zit er, de Rekenkamer van de EG eveneens, het secretariaat-generaal van het Europese Parlement, het Europees Monetair Fonds en andere financiële instellingen.

Het ‘echte’ Luxemburg is de oude vesting, al werd die tussen 1867 en 1883 deels ontmanteld. Maar de stad op de Bockrots en aan de Petrusse kent nog immer de resten van de burcht, nu monument voor het 1000-jarig bestaan, de Citadel van de Heilige Geest, de vestingwerken die nu een mooi park- en wandelgebied vormen, de kilometers lange ondergrondse gangen en kazematten. Indrukwekkend is het uitzicht op de Corniche wandeling. De stad heeft oude poorten, de torens van de “Rham” en de “Trois Glands” (drie eiken), de sierlijke Spaanse Torens, de reuzenviaducten en meer dan honderd bruggen. Twee ervan vallen elke bezoeker op: de oude, 45 meter hoge Pont Adolphe, met een spanwijdte van 84 meter, en de Groothertogin Charlottebrug die 85 meter hoog en 355 meter lang is.

Kerk en museum

Kerkelijk is Luxemburg zetel van het aartsbisdom. In de bovenstad staat de Onze Lieve Vrouwekathedraal met beeldhouwwerk uit de Renaissance en in de crypte het mausoleum der groothertogen en het graf van vorst Johan de Blinde. De Nationale Bibliotheek zit in een 17e-eeuws Jezuïeten-college en in de benedenstad, de “Grund”, staat de oude kerk van “St. Jan op de Steen”. Het rooms-katholieke Luxemburg heeft ook een interessante protestantse kerk uit de 18e eeuw.

Voorname centra in de stad zijn de Place de la Constitution (Grondwetsplein), de Place d’Armes (Wapenplein) en de Place Guillaume II (Willem II Plein, nabij het paleis). Veel van wat cultuurstad Luxemburg dit jaar biedt, staat in de Expo-Pass-gids van de stichting “Luxemburg, Europese stad van de Cultuur 1995”.

Deze persoonlijke pas geeft een heel jaar, tot 28 januari 1996, toegang tot alle cultuurjaar-tentoonstellingen. Men kan dan zonder extra toeslag de negentien niet gratis exposities bezoeken, vermijdt wachttijden bij de kassa’s, krijgt korting op de catalogusprijzen en wordt uitgenodigd voor bijzondere manifestaties rond sommige exposities. Die jaarkaart komt op 3500 Luxemburgse Francs of 175 DMark (zo’n 190 gulden). Wie dat te veel vindt of slechts kort in de stad is, kan ook een pasje kopen dat een of drie of vijf op elkaar volgende dagen geldig is. Die passen komen op respectievelijk cira 22, 33 en 55 gulden per stuk. Ze zijn onder meer te koop bij de VVV-kantoren, campings, hotels, winkels en musea.

Jaarprogramma’s

Het cultuurprogramma is veelzijdig, van expressionisme tot “De mensheid" in foto’s van Edward Steichen, van Chinees brons tot werken uit het Van Abbemuseum in Eindhoven, de kunstcollecties van Liechtenstein, Vlaamse wandtapijtkunst en vele andere cultuuruitingen: concerten, moderne kunst, toneel en zo veel meer. Er zijn diverse afleveringen van de speciale Luxemburg-95 krant en een Expopasgidsje. Ook het dagblad “Luxemburger Wort” biedt veel informatie.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 13 januari 1995

Reformatorisch Dagblad | 40 Pagina's

Wëllem II zit hier nog hoog te paard

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 13 januari 1995

Reformatorisch Dagblad | 40 Pagina's

PDF Bekijken