Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Nederlander moet sparen voor pensioen

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Nederlander moet sparen voor pensioen

Geleidelijke overgang naar andere financiering oude dag is betaalbaar

5 minuten leestijd

TILBURG - De werkende Nederlander betaalt aow-premie. Niet voor zijn aow-uitkéring als zij 65 wordt, maar voor de mensen die nu al zo oud of nog ouder zijn. De aow dreigt onbetaalbaar te worden. Naar oplossingen wordt gezocht. Een betaalbaar antwoord op de aow-problemen is er. De werkende Nederlanders moeten gaan sparen voor hun eigen pensioen.

Het zelf een pensioen bij elkaar sparen wordt het kapitaaldekkingsstelsel genoemd. De aanvullende pensioenen waarvoor de meeste werkende Nederlanders premie betalen, worden zo betaald! De aow wordt gefinancierd via het omslagstelsel. Werkenden betalen aow-premie waarvan de aow-uitkering van de huidige 65-plussers wordt bekostigd.

Een geleidelijk overgang van het huidige omslagstelsel naar het kapitaaldekkingsstelsel als financieringswijze voor de oudedagsvoorziening is mogelijk. Deze conclusie trekt de Tilburgse onderzoeker dr. J. H. M. Nelissen van de Katholieke Universiteit Brabant in zijn boek ”Towards payable pension system; costs and retributive impact of the current pension system and three alternatives”.

Noodzaak

De aow ter discussie stellen, is een hachelijk zaak. Toch is het noodzaak, zo vindt Nelissen, om er over na te denken. Wordt er niets gedaan, dan zal over een jaar twintig blijken dat 'het trekken van Drees' onbetaalbaar is geworden. Over de voorstellen die tot nu toe zijn gedaan, bijvoorbeeld de kortingen voor aow'ers met jonge partners, is Nelissen niet enthousiast. „Zij leiden tot aantasting van de pensioenuitkering”.

De uitkeringen gaan omlaag omdat politici de oplossingen binnen het huidige aow-stelsel proberen te vinden. De aow is evenals andere uitkeringen de laatste jaren niet meer gekoppeld, waardoor de koopkracht van de 65-plussers vermindert. De ouderen merken er in het algemeen weinig van, omdat ze via hun aanvullend pensioen toch weer uitkomen op een inkomen dat gelijk is aan 70 procent van het laatstverdiende loon. Het gat dat door de aow valt, wordt opgevangen door de pensioenfondsen.

Onbetaalbaar

Langzaam maar zeker gaat op deze manier het omslagelement in de oudedagsfinanciering plaats maken voor het kapitaaldekkingselement. Met voorstellen om helemaal over te stappen op een stelsel van kapitaaldekking komen de verantwoordelijken niet. Zo'n volledige overgang zou onbetaalbaar zijn. Gedurende de overgang van het ene systeem naar het andere zouden beide gefinancierd moeten worden en dat zou een te groot beslag op de loonsom leggen.

Nelissen is het met deze redenering niet eens. Een geleidelijk overstap is helemaal niet onbetaalbaar. In het begin moet er wel iets meer worden betaald, maar op termijn kunnen de premies flink omlaag. Hij onderzocht wat de gevolgen zijn van een verplichte ouderdomspensioenverzekering voor werkenden, inclusief een aanvullende voorziening voor mensen die niet in staat zijn een minimumpensioen op te bouwen. Het laatste pensioen is dan, een soort bijstandsuitkering, de vloer onder het pensioenstelsel. Om potverteerders de wind uit de zeilen te nemen, moet deelname aan de pensioenopbouw verplicht worden.

Drie stelsels

De gevolgen van een overstap naar kapitaaldekking bekeek Nelissen voor drie soorten pensioenstelsels: het eindloonstelsel, .het middelloonstelsel en het beschikbaar premiestelsel. Bij het eindloonstelsel krijgt de werknemer als pensioen 70 procent van zijn 'laatst verdiende loon. Het voordeel van het stelsel is dat de koopkracht van de gepensioneerde behoorlijk op peil blijft. Het stelsel is echter als het om af te dragen premies gaat, vrij duur. Pensioenfondsen moeten rekening houden met late carrièremakers. Deze mensen betalen in feite te weinig voor hun pensioen omdat de grote sprongen in hun loopbaan pas op het laatst komen.

Een bijkomend probleem is dat veel pensioenen welvaartsvast zijn. Stijgen,de lonen, dan gaan de pensioenen mee. Dit betekent een extra aanslag op de reserves van de fondsen, wat weer tot hogere premies leidt. Nelissen voorziet bij dit systeem over een jaar of twintig moeilijkheden. Tegen die tijd wordt er krapte op de arbeidsmarkt verwacht, waardoor de premies wel eens te hoog kunnen worden om door de werkenden te worden opgebracht.

Het beschikbaar premiestelsel werkt op een heel andere manier. Bij dit stelsel krijgt de 65-plusser net zo veel pensioen als hij aan premies betaald heeft. Dit kan leiden tot een flinke inkomensachteruitgang.

Het middelloonstelsel heeft de voorkeur van Nelissen. Het pensioen dat volgens dit systeem is opgebouwd, is een gemiddelde van het loon dat de premiebetaler heeft verdiend. Dit stelsel is goedkoper en iets minder luxe voor de werknemer. Het stelsel sluit echter wel meer aan bij de visie dat pensioen uitgesteld loon is.

Goedkoper

Welk stelsel ook gekozen wordt, het is altijd goedkoper dan doorgaan op de huidige weg. Bij ongewijzigd beleid zou de totale pensioenpremie (aow- en pensioenpremie tezamen) over vijftig jaar ongeveer 25 procent van de loonsom zijn, nu is dat iets meer dan 15 procent. De premie voor de goedkoopste alternatieven, het beschikbaar premiestelsel en het middelloonstelsel, zou tegen die tijd op 19 procent liggen.

Bij kapitaaldekking als basis voor de pensioenvoorziening worden de inkomens minder herverdeeld. Krijgen de huidige 65-plussers allemaal een gelijke aow-uitkering, bij de door Nelissen onderzochte stelsels is dat niet zo. De rijken blijven daar rijk en de armen arm. Wil een regering toch aan herverdeling doen, dan zal ze daar een andere wegen voor moeten vinden.

Dit artikel werd u aangeboden door: Reformatorisch Dagblad

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 17 januari 1995

Reformatorisch Dagblad | 18 Pagina's

Nederlander moet sparen voor pensioen

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 17 januari 1995

Reformatorisch Dagblad | 18 Pagina's

PDF Bekijken