Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Voorbij de taboeïsering van de holocaust

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Voorbij de taboeïsering van de holocaust

Prof. Raoul Hilberg (Vermont) over de politieke verdringing van de shoah

7 minuten leestijd

Niet alleen in Duitsland, ook in de Verenigde Staten en elders is jarenlang geweigerd de gruwelen van de holocaust onder ogen te zien. Een slechte Amerikaanse film uit 1978 bracht daarin verandering. Duitsers trachten nu de ene helft van hun omstreden verleden, die van de Hitlerstaat, te erkennen en te verwerken. De daders zijn dood. Hun kinderen hebben hun carrière veiliggesteld. De kleinkinderen weigeren nog langer met de schuld van een voor hen ver verleden te worden opgezadeld.

In de marge van het grote wetenschappelijke congres over “De echo van de holocaust” dat de afgelopen dagen in Hamburg plaatshad, vertelt Raoul Hilberg uit Vermont (VS) zijn levensverhaal. Ontsnapt aan de holocaust, heeft hij zijn leven aan de bestudering en beschrijving van de jodenvervolging ten tijde van het Derde Rijk gewijd.

Hilberg werd in 1926 in Wenen geboren. Op 13-jarige leeftijd vluchtte hij via Cuba naar de Verenigde Staten. Hij vocht als soldaat aan de zijde van de Geallieerden, ging studeren en was een van de eerste wetenschappers die met de naar Amerika overgebrachte documenten uit de tijd van het nationaal-socialisme mochten werken. Als hoogleraar aan de universiteit van Burlington schreef hij het standaardwerk over de joden ten tijde van het Derde Rijk: “De vernietiging van de Europese joden” (drie delen).

Geheim

Een belangrijk thema in het werk van Hilberg is de politieke verdringing van de holocaust. „De taboeïsering van de shoah begon in de Verenigde Staten al in 1942. De Amerikaanse autoriteiten hielden de feiten over het lot van de joden achter, omdat ze bang waren dat het publiek zou gaan denken dat de oorlog in de eerste plaats werd gevoerd om de joden te redden. Het eerste nieuws over de uitroeiing van de joden werd nauwelijks geloofd. Nadat het toenmalige hoofd van de joodse wereldorganisatie in Geneve een persconferentie over de verdelgingspraktijken had gegeven, verscheen in november 1942 het eerste bericht in de New York Times. In april 1944 waren de eerste luchtfoto’s van Auschwitz beschikbaar. De CIA constateerde dat daar gaskamers en crematoria aanwezig waren, maar hield deze informatie geheim”.

Neurenberg

„De verdringing van de joodse kwestie zette zich voort tijdens de processen in Neurenberg. Op basis van het volkerenrecht voerden de geallieerde overwinnaars als staten een proces tegen de overwonnenen. De joden werden vrijwel geheel over het hoofd gezien; zij vormden ten tijde van de misdaden immers geen staat en waren daarom geen partij in deze politieke rechtszaak”.

„In Duitsland werd de enormiteit van de nazi-misdaden helemaal verzwegen. Dat is begrijpelijk: in de jaren vijftig en zestig liepen de daders nog gewoon op straat. Ze bekleedden openbare ambten. Nog in 1968 hadden twee deportatiecommandanten zitting in een gemeenteraad. Om over Oostenrijk nog maar te zwijgen: wanneer u wilt weten hoe het hier in Duitsland in de jaren zestig toeging, moet u het huidige Oostenrijk bestuderen. Tekenend is ook dat de boeken van overlevenden als Primo Levi en Elie Wiesel in die tijd heel slecht liepen”.

Eichmann

„In Jeruzalem stond in die jaren Adolf Eichmann terecht. Ben Goerion wilde absoluut niet dat Eichmann voor een internationaal gerechtshof zou voorkomen. Hij had in de eerste plaats misdaden tegen het volk van Israël begaan. Zijn proces is het spiegelbeeld van de Neurenbergse processen. In beide gevallen trad er geen internationaal gerechtshof op. In Jeruzalem vonniste het Israëlische volk, in Neurenberg spraken de Geallieerden recht. Zoals de joden in Neurenberg op de tribune plaats hadden moeten nemen, zo stond de rest van de wereld in Jeruzalem langs de zijlijn. Het hele Eichmannproces werd in scène gezet om het Israëlisch nationalisme te profileren en de gedachtenis aan de holocaust bij de burgers levend te houden. De herinnering aan de afgrijselijke misdaden tegen het joodse volk moest dienen als het cement dat de jonge staat bijeen moest houden. Wezenlijke vragen kwamen daarom niet aan de orde”.

„In Duitsland wierp de filosoof Theodor Adomo de knuppel in het hoenderhok. Hij publiceerde in 1960 een artikel waarin hij stelde dat de eerste en belangrijkste opgave waarvoor de mensheid stond, was te voorkomen dat er ooit weer een Auschwitz zou zijn. Later ontstond een fel debat onder Duitse historici, dat bekend is geworden als de “Historikerstreit”. Maar dit was slechts een discussie die door een kleine elite werd gevoerd”.

Historisch debat

Centraal in dit historische debat stond de vraag of de holocaust een niet-abnormaal, historisch verschijnsel is geweest, dat in de Europese geschiedenis kan worden ingepast, of dat de jodenvervolging iets volstrekt eigensoortigs was, waarvoor de Duitsers zich blijvend schuldig moeten voelen omdat zij in het verlengde ligt van de eigen geschiedenis.

Tot de woordvoerders van de eerste visie behoort Ernst Nolte. Hij is van mening dat de holocaust eigenlijk niet meer is geweest dan een verklaarbare reactie van Hitler op de massamoorden van de bolsjewieken in de Sowjet-Unie. Hij betoogt bovendien dat Hitler in. de joden een belangrijke vijand van Duitsland moest zien, omdat Chaim Weizmann, toen nog president van de zionistische wereldorganisatie, in de herfst van 1939 had verklaard dat de joden in de oorlog de zijde van Engeland kozen. Op grond van die uitspraak kon en mocht Hitler de Duitse joden dus als vijandelijke onderdanen interneren. Een curieuze verwarring van oorzaak en gevolg; Hitler had de joden in 1939 al zes jaar lang geterroriseerd.

Kiemen van onheil

De stellingen van Nolte roepen felle tegenspraak op, onder anderen van de filosoof Jürgen Habermas en de historicus Hans Mommsen. Er zijn twee stromingen ontstaan, een nationaal-conservatieve en een kritisch-democratische. De eersten proberen vooral te laten zien dat de figuur van Hilter en het nationaal-socialisme on-Duitse fenomenen waren. De wortels van het Derde Rijk liggen naar hun mening niet in de Duitse geschiedenis van voor 1933. De tweede richting vreest dat Auschwitz in deze interpretatie wordt gebagatelliseerd en dat Duitsland daardoor weigert zijn schuld onder ogen te zien.

Het debat wordt met zo veel vuur en verve gevoerd omdat de wetenschappelijke theses overduidelijke poUtieke consequenties hebben. De tegenstanders van de visie van Nolte vrezen dat de ontkenning van het verband tussen Duitse tradities en het nationaal-socialisme, die tradities in de Duitse geschiedenis zou rehabiliteren. Dat betekent dat met de conservering van die trends uit het Duitse verleden ook de kiemen van het onheil zullen blijven bestaan. En dat terwijl juist een radicale zuivering en vernieuwing nodig zijn. De holocaust moet in deze optiek een ‘storende factor’ in het Duitse bewustzijn blijven, om te voorkomen dat er weer een Duitsland zal komen dat na een zoektocht naar de eigen identiteit in fascisme en oorlog eindigt.

Grote publiek

Voor het grote publiek begon de holocaust pas in 1978 een levende realiteit te worden. Een Amerikaanse film, romantisch en melodramatisch, bracht de Jodenvernietiging in de huiskamers en slaagde erin, anders dan de publikaties van de historici, om het publiek van de waarheid van Auschwitz-en Birkenau te overtuigen.

Volgens Hilberg is het tijdstip geen toeval. „Na de oorlogen in Vietnam en Korea ontstond er in Amerika een publieke discussie over de vraag wanneer een oorlog als moreel juist kan worden getypeerd. Zo rees er opnieuw aandacht voor de Tweede Wereldoorlog. De inzet van de strijd was toen immers de verdrijving van de volstrekt reden-loze vernietiging van een volk geweest. Vanaf 1978 zie je een grote wending. Er komen congressen, een hausse van literatuur verschijnt en vele holocaust-musea worden opgericht. Vanuit de Verenigde Staten waaide de doorbreking van het taboe dat op de holocaust rustte, naar Europa over”.

„Zelfs in Duitsland durft men het nu aan om Auschwitz onder ogen te zien. Nou ja, de daders zijn dood en hun kinderen hebben hun carrière al veiliggesteld en kunnen dus gaan nadenken”.

Een consensus over een antwoord op vragen als: Wat is er gebeurd? Hoe kon het gebeuren? Hoe kan het worden voorkomen?, tekent zich nog niet af. Maar dat er in Duitsland iets is veranderd, is duidelijk: in mei vorig jaar vaardigde de regering een wet uit die het ontkennen van de nazi-misdaden strafbaar stelt.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 28 januari 1995

Reformatorisch Dagblad | 32 Pagina's

Voorbij de taboeïsering van de holocaust

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 28 januari 1995

Reformatorisch Dagblad | 32 Pagina's

PDF Bekijken