Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Christian Witness to Israel wil christelijke kerken van dienst zijn

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Christian Witness to Israel wil christelijke kerken van dienst zijn

Secretaris ds. J. Ross: Christelijk getuigenis aan joodse volk is roeping

8 minuten leestijd

NIJKERK - De methoden van de Britse organisatie Christian Witness to Israel (CWI) zijn divers. De grondslag van “het christelijk getuigenis tegenover Israël” is ruim omschreven: een consensus -overeenstemming inzake gereformeerde belijdenisgeschriften. De organisatie is niet gebonden aan een specifieke kerk. Maar wél wil CWI altijd zo dicht mogelijk bij een kerk staan en deze dienen. Het liefst werkt de organisatie onder directe kerkelijke verantwoordelijkheid.

Niet alleen werkt CWI (indirect) in Israël, maar ook in Australië. Oost-Europa komt eveneens in zicht en CWI wil voortborduren op wat de voormalige rabbi John Duncan ooit in Boedapest deed. In het Russische Minsk onderzoeken wij in hoeverre we daar dienstbaar kunnen zijn aan de kerk om er het Evangelie te verkondigen onder de grote hoeveelheid Russische joden. Dat zegt ds. John Ross, uitvoerend secretaris Van CWI, waarvan het hoofdkantoor in Seven Oaks, in het Engelse Kent, staat. In Groot-Brittannië spitst het werk zich toe op de steden Glasgow, Manchester, Leeds en Londen.

CWI heeft haar werkterrein vooral waar zich grote(re) concentraties joden bevinden: het Verenigd Koninkrijk, Australië en Nieuw-Zeeland, Frankrijk en Hongarije. En de organisatie is bezig in Noord-Amerika een afdeling op te zetten.

Met de stad Minsk kwam men in aanraking omdat een Russische student uit de kring van de niet-geregistreerde baptisten in Londen ging studeren en contact kreeg met het vijftig kilometer buiten Londen gelegen CWI-centrum. Nog niet duidelijk is of, en zo ja met welke kerk de organisatie zal proberen te evangeliseren onder de vele joden in Minsk.

Israël

Israël is een verhaal apart. De bekende ds. Baruch Maoz is uitvoerend secretaris van het Israëlische CWI dat ook daar niet los van, maar in samenwerking met de christelijke kerk wil bezig zijn. In dit geval met onder andere de gemeente van ds. Maoz. In Israël heeft men ook de beschikking over een eigen uitgeverij annex verkooppunt van het christelijk boek. Men bereidt onder andere een eigen kinderbijbel voor. Een boek dat bewust is geschreven binnen de Israëlische context.

Overigens kon ds. John Ross daarover niet verder informeren. Dit project valt onder verantwoordelijkheid van het Israëlische CWI. Hij wijst er verder op dat met de gemeente van ds. Maoz wel een warme maar geen officiële band bestaat. Ds. Ross wil liever niet ingaan op vragen over uitdagingen, gevormd door de pinksterbeweging en de charismatische theologie. Die invloed is immers in Israël vrij sterk aanwezig. Hij volstaat met te zeggen dat het CWI zélf geen pinkstertheologie leert en zeker ook niet charismatisch is.

Ds. Ross benadrukt dat het in Israël volkomen rechtmatig is te evangeliseren. Wel kan men hinder ondervinden van (veelal orthodoxe) pressiegroepen en anti-zendingsgroepen. De wet verbiedt ook evangelisatie waarbij kinderen met bijvoorbeeld snoep naar bijeenkomsten worden gelokt.

Historie

De historie van het CWI gaat terug tot 1842 toen de “British Society for propagating of the Gospel among the Jewish” volop actief werd. In het begin van de negentiende eeuw leefde er breed in Groot-Brittannië zorg om het Evangelie aan de joodse medeburgers te verkondigen. Dat werk kwam voort uit de “London Society for propagating the Gospel among the Jewish”. Deze organisatie echter stond zo onder invloed van anglicanen dat presbyterianen en congregationalisten zich er beslist niet thuis voelden.

Onder die laatsten, aldus ds. Ross, werd het tot een gebedsworsteling om tot een eigen gereformeerde organisatie te komen. In november 1842 preekte de bekende ds. Robert Murray McCheyne in de Schotse kerk in Londen. Daarna overlegden een aantal mensen over de vraag hoe zij het beste een eigen organisatie voor het christelijk getuigenis aan het joodse volk zouden beginnen.

Op 11 november 1842 had de eerste officiële ontmoeting plaats. De notulen van de oprichtingsvergadering zijn nog steeds in het bezit van de organisatie die in 1976, na fusie met de Barbican Society, de naam Christian Witness to Israel ging dragen.

Barbican Society

Vreemd genoeg blijkt de Barbican Society een anglicaanse organisatie te zijn. Ds. Ross verklaart des-gevraagd dat de zorg over de vrijwel alomvattende anglicaanse in-breng in het werk dat tot een eigen organisatie noopte, niet zozeer door theologische motieven werd ingege-ven, maar door kerkelijke. De anglicanen van toen lagen zeker theolo-gisch wel in onze gereformeerde lijn want zij onderschreven niet alleen 'de 39 artikelen van de Church of England maar namen die ook se-rieus.

De eenwording met de anglicaanse Barbican Society betekent volgens ds. Ross geen water in de theologische wijn maar slechts verbreding van de basis met hen die principieel achter het werk als zodanig staan. Het gedachtengoed van CWI is volgens ds. Ross nooit echt breed aangeslagen in het Verenigd Koninkrijk. Wel droegen mensen uit de kring van CWI zorg voor een Hebreeuwse editie van het Nieuwe Testament.

Ruim

Vanaf het begin heeft de organisatie een vrij ruime omschrijving van de principiële uitgangspunten geformuleerd: een overeenstemming inzake de gereformeerde belijdenisgeschriften. In de praktijk betekent het dat CWI-medewerkers moeten verklaren een van de gereformeerde belijdenisgeschriften te ondertekenen. Zou dat een Nederlander betreffen dan moet dat in ieder geval een van de Drie Formulieren van Enigheid zijn.

Voor baptisten, zoals ds. Baruch Maoz in Israël, geldt dat zij het eens moeten zijn met de baptistenbelijdenis uit 1689 die gebaseerd is op” de Westminster Belijdenis maar uiteraard onder andere op het punt van de sacramenten een andere inhoud kent.

Wereldwijd zijn er momenteel ongeveer dertig mensen aan CWI verbonden. De staf in Kent telt zeven leden. Het jaarlijks budget bedraagt ongeveer 1,6 miljoen gulden.

Aanpak

De wijze waarop CWI het getuigenis onder joden aanpakt is heel verschillend. Het hangt, aldus ds. Ross, vooral af van de werker. De een voelt meer voor uitbouw van persoonlijke contacten, de ander gaat liever huis aan huis. Weer anderen weten zich meer geroepen door de opzet van bijbelstudiegroepen. CWI geeft geen richtlijnen maar. staat er wel op dat een zo dicht mogelijke kerkelijk aansluiting tot stand komt.

Als praktisch en ideaal voorbeeld noemt ds. Ross het periodieke overleg dat hij binnenkort heeft met de “Foreign Overseas and Jewish Mission Board” van de Free Church of Scotland. Sinds 1972 is die relatie er. CWI is als het ware het uitvoerend orgaan van deze kerk waar het gaat over het getuigenis aan joden. In mei komt de synode van de Free Church bijeen en komt ook dit werk ter sprake.

Een van de methoden die aan blijken te slaan buiten Israël is evangelisatie via de telefoon. Op een nummer waarmee in de grotere kranten geadverteerd wordt staat een evangelisatieboodschap toegespitst op joden. Het is bedoeld voor mensen die aanvankelijk anoniem willen blijven. Deze kunnen desgewenst hun eigen telefoonnummer of adres inspreken als ze verder geïnformeerd willen worden. Elke dwangmatige benadering wordt daarmee voorkomen. Ook adverteerde CWI rond uitvoeringen van Handels Messiah, waar traditioneel veel joden naar toe gaan. Dat leverde interviews op in onder het gerenommeerde dagblad The Time.

Voorzienigheid

Het werk in Australië kreeg enkele jaren geleden onverwacht een bijzondere wending. CWI-staflid John Graham was in Sydney op zaterdagmiddag -nog tijdens de sjabbat rond de joodse buurt huis aan huis aan het colporteren. Op een bepaald moment kwam hij bij een zeer chique huis met een grote mezoeza op de deurpost. Hij durfde niet aan te bellen en besloot ’s maandags terug te gaan naar de kennelijk joodse bewoners.

Hij kreeg er last van en kreeg in zijn hart dat hij daar juist wel moest zijn. Een onverwacht warm onthaal viel hem ten deel. Het bleek een zeer orthodox hoogleraarsgezin te zijn. Het kwam zover dat er op zaterdagmiddag bijbelstudiegroepen aan huis gehouden werden waarbij onder andere Romeinen 7 behandeld werd.

Op een bepaald moment riep de professor uit dat hij God nu in heel ander licht zag. De week daarop werden de bijeenkomsten stopgezet. Waarschijnlijk omdat de vrouw des huizes toen opeens grote moeite kreeg met de omkeer van-haar man. De vrouw bleek bovendien al ziek. Toen de vrouw op sterven lag, riep ze John Graham en vroeg de CWI-functionaris te vertellen wie Christus voor hem was. Hij vertelde over zonde en vergeving door het bloed van Christus. Ze kon niet meer antwoorden en raakte in coma waarna ze stierf. Dit alles maakte grote indruk, te meer daar aan dit alles geen methode of bepaalde aanpak ten grondslag lag. Voor CWI-medewerkers was het duidelijk: Dit lag in Gods voorzienigheid.

Nieuw-Zeeland

In Nieuw-Zeeland organiseert CWI-vakantiekampen voor joodse jongeren. Ze doen er aan bijbelstudie maar dan uitsluitend uit de joodse Bijbel, het Oude Testament. Wel staat in de te gebruiken Bijbel ook het Nieuwe Testament. Daarover spreekt men echter pas als jongeren daar zelf om vragen. Bewust wil CWI de vertrouwensbasis met de ouders niet schaden. Niet tegen de wil -maar wel op eigen verzoek van deze joodse jongeren- wordt over Christus gesproken. Ook in Australië en Nieuw-Zeeland werkt men nauw met plaatselijke kerken samen.

Ds. Ross merkt op dat de christelijke gemeente wereldwijd meer zou moeten bidden voor het werk onder het joodse volk. Hij wijst er ook op dat het verstandig is discussies over de leer der laatste dingen en over allerlei vormen van profetie te staken. Het is beter het Evangelie te verkondigen, direct of indirect, onder het joodse volk. In Israël of elders.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 februari 1995

Reformatorisch Dagblad | 26 Pagina's

Christian Witness to Israel wil christelijke kerken van dienst zijn

Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 februari 1995

Reformatorisch Dagblad | 26 Pagina's

PDF Bekijken