Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Je was erbij, dus je bent erbij

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Je was erbij, dus je bent erbij

Amsterdamse officier van justitie probeert met artikel 140 in de hand CP’86 te verbieden

6 minuten leestijd

De Carmina Burana van Orff zwelt aan. Brandende Turkenflats in het Duitse Solingen vullen het scherm. Dansende jongeren. Politie in rep en roer. De muziek klimt met paukslagen naar een hoogtepunt. Tekst in beeld: „Voorkomen is beter. Stop immigratie nu”. Het hoofdbestuur van de CP’86 kan door de rechter worden veroordeeld voor onder meer het produceren van dit tv-spotje. Dat zou het begin van het einde van de omstreden partij kunnen zijn.

Is het voor Justitie een waagstuk? De frontale aanval op de extreem rechtse partij CP’86 moet wel uitmonden in een overwinning, anders zal het jaren duren eer een dergelijke zaak opnieuw kan worden geopend. Het openbaar ministerie lijkt zeker van zijn zaak. Na achttien maanden voorbereiding werd op 8 maart dit jaar, de dag van de statenverkiezingen, de dagvaarding uitgebracht. De eerste zitting werd vorige week dinsdag gehouden, 21 maart; de internationale dag van het antiracisme.

CF’86-voorzitter H. Ruitenberg, secretaris T. Mudde en de bestuursleden S. Mordaunt en W. Beaux stonden die donderdag voor de Amsterdamse rechtbank op beschuldiging van discriminatie en het aanzetten tot haat tegen buitenlanders. Ook zijn hun het leiding geven aan discriminerende activiteiten en deelneming aan een criminele organisatie ten laste gelegd. Volgende week dinsdag gaat het proces verder.

De Amsterdamse officier van justitie mr. H. de Graaff wil niet spreken van een politiek proces. „We vervolgen voor antidiscriminatie. Dat moet los worden gezien van de politiek”. De Graaff heeft zijn uiterste best gedaan alle schijn te vermijden. Zo heeft hij gewacht met het uitbrengen van de dagvaarding „tot de verkiezingen voorbij waren”. In zijn achterhoofd rekent de officier met de grootste klapper sinds jaren: het verbod op een racistische partij.

Janmaat

Een andere extreem rechtse partij, de Centrumdemocraten, ging CP’86 voor op het strafrechtelijke pad. In november 1993 diende voor de Haagse rechtbank een strafzaak tegen voorman H. Janmaat van de Centrumdemocraten en tegen de partij. Ook zij waren aangeklaagd wegens deelneming aan een organisatie met een crimineel oogmerk en wegens discriminerende activiteiten. De zaak liep stuk op nietigverklaring van de dagvaarding.

In mei 1994 had het openbaar ministerie wel succes met de vervolging van Janmaat, zijn partner Schuurman en de Centrumdemocraten. Janmaat werd veroordeeld tot 6000 gulden boete waarvan 2000 voorwaardelijk. Schuurman tot 1500 waarvan 500 gulden voorwaardelijk en de partij tot 10.000 gulden waarvan 2500 voorwaardelijk.

Janmaat en de zijnen gingen onmiddellijk in hoger beroep. Deze week velde het gerechtshof in Den Haag een oordeel. Opnieuw werd Janmaat schuldig bevonden aan discriminatie. Het Tweede-Kamerlid moet dokken.

Verhuisdozen

Terug naar de CP’86. Huiszoekingen in december 1993 bij alle toenmalige CP-hoofdbestuursleden en in een drukkerij in Duitsland leverden Justitie maar liefst 26 verhuisdozen vol stickers, tijdschriften, folders en correspondentie op. Tijdens de eerste zittingsdag bleek dat de enorme hoeveelheid drukwerk de rechtbank moet overtuigen van het overtreden van de discriminatiebepalingen in de wet.

De misdrijven die de organisatie pleegt, zijn overtredingen van artikel 137 c, d en e in het Wetboek van Strafrecht. Die wetsbepalingen regelen de strafbaarheid van discriminatie, belediging en het aanzetten tot haat jegens bevolkingsgroepen op grond van ras, godsdienst, levensovertuiging of seksuele gerichtheid. Op grond van dit artikel werden op donderdag 16 maart op een en dezelfde dag Prosper Ego, voorzitter van de stichtingen voor vrijheid en veiligheid ”OSL”, en de Vlaming Verbeke door de Haagse rechtbank veroordeeld wegens discriminatie. Ego had in zijn blad Sta-Vast de allochtonen op de korrel genomen en Verbeke zei verkeerde dingen over de joden.

Juist gisteren sloeg Ego terug. Hij wil dat het gerechtshof in Den Haag de discriminatie-officier van justitie opdraagt een groep extreme islamieten te vervolgen. De groep hield op 24 januari in Den Haag een demonstratie waarbij teksten en afbeeldingen gericht tegen de joden werden meegevoerd.

Strafbaar

De personen die in het CP-proces terechtstaan, vertegenwoordigen volgens het openbaar ministerie de vereniging Centrum Partij ’86 Eigen Volk Eerst en de stichting tot steun aan en toezicht op CP’86. Samen zouden de genoemde natuurlijke en rechtspersonen een organisatie vormen waarmee ze strafbaar zijn op grond van artikel 140 van het Wetboek van Strafrecht. Daarin wordt het „deelnemen aan een organisatie die als oogmerk het plegen van misdrijven heeft” strafbaar gesteld.

Het artikel is door het openbaar ministerie in Arnhem in 1987 „afgestoft” om de krakers van De Mariënburcht in Nijmegen aan te kunnen pakken. Op basis van dit artikel veroordeelde de Hoge Raad in 1990 zeven Nijmeegse krakers tot negen maanden gevangenisstraf, waarvan drie voorwaardelijk. Sindsdien wordt artikel 140 in vrijwel elke grotere fraude-, vandalisme- of drugszaak gebruikt.

Huiszoekingen

In kringen, van juristen staat ‘140’ als gevaarlijk te boek. Het openbaar ministerie kan namelijk bewijzen verzamelen (telefoons afluisteren, huiszoekingen doen, observaties en infiltraties verrichten) zonder dat daar een duidelijke verdenking aan ten grondslag ligt. Door het ‘lidmaatschap’ van de criminele groep als strafbaar feit op te voeren, hoeft Justitie niet meer ieders aandeel in de gepleegde strafbare feiten aan te tonen. Het simpele „je was erbij, dus je bent erbij” gaat hier wel degelijk op. Het lidmaatschap van zo’n organisatie kan worden gestraft met ten hoogste vijf jaar cel. Voor oprichters en bestuurders -de CP-verdachten behoren daartoe- geldt een verhoging van de maximumstraf met een derde.

Mocht het OM de rechtszaak winnen, dan is CP’86 nog niet automatisch verboden. „Maar we zijn dan wel een eind op weg”, merkte officier De Graaff voor de eerste zittingsdag met gevoel voor understatement op. Om de partij te laten verbieden moet Justitie civielrechtelijk een aparte vordering instellen op basis van boek 2, artikel 20 van het Nieuw Burgerlijk Wetboek. De Graaff geeft toe dat het „in de lijn der verwachting ligt” dat het OM deze stap ook zal zetten.

Jongeren

Binnen de CP’86, die naar schatting ruim vierhonderd betalende leden heeft, lijkt intussen sprake te zijn van een tweedeling. Enerzijds is er een groep van voornamelijk jongeren in de leeftijd van 15 tot 25 jaar onder leiding van het Rotterdamse gemeenteraadslid Freling die zich openlijk uit in racistische en soms neo-nazische zin. Anderzijds bestaat er een vleugel onder aanvoering van de oudere garde in de partij die zich, voor het oog, iets gematigder uit.

Als het tot een veroordeling en verbod van de CP’86 komt, zal de groep-Freling wellicht ondergronds verder gaan. Of men zoekt aansluiting bij een andere rechts-extreme splinter. Zo is het Jongeren Front Nederland enige jaren geleden een belangrijke leverancier geweest van jonge CP-leden. En CP’86 onderhoudt weer innige contacten met andere organisaties, zoals het neo-nazistische Aktiefront Nationaal Socialisme.

Bij de top van de CP’86 wordt intussen wel degelijk rekening gehouden met een verbod. Tijdens een partijcongres in Lisse, vorig jaar, werd al besloten tot de oprichting van een nieuwe vereniging onder de naam Nationale Volks Partij (NVP). In het bestuur van de NVP zitten precies dezelfde mensen als in CP’86.

Het congres in Lisse kwam tijdens de eerste zittingsdag voor de Amsterdamse rechtbank op een humoristische wijze aan de orde. Op de vraag van officier De Graaff wat het laatst genomen besluit op het congres was geweest, antwoordde bestuurslid Beaux: „Wegwezen”. Verbazing bij de officier. „U wilde de partij opheffen?” Beaux weer: „Nee natuurlijk niet. We moesten wegwezen voor demonstranten”.

Dit artikel werd u aangeboden door: Reformatorisch Dagblad

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 april 1995

Reformatorisch Dagblad | 32 Pagina's

Je was erbij, dus je bent erbij

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 april 1995

Reformatorisch Dagblad | 32 Pagina's

PDF Bekijken