Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Zwaar sloopwerk in volle zee

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Zwaar sloopwerk in volle zee

„Niemand in de offshore-wereld weet hoe grote platforms wegehaald moeten worden”

8 minuten leestijd

Terwijl op het Noorse deel van de Noordzee Troll, Europa’s modernste en grootste olieplatform, met een hoogte van 430 meter, op zijn plaats wordt gezet, houden milieuorganisaties, parlementariërs en offshore-aannemers zich bezig met het opruimen van afgedankte boorplatforms. Shell wil het opslagplatform Brent Spar op zee dumpen. Dat veroorzaakt enige deining.

Greenpeace vreest ernstige verontreiniging als Shell het opslagplatform, gelegen in de buurt van de Shetland-eilanden, straks daar zal wegsiepen en het elders in 2000 me- ter diep water zal laten afzinken. Volgens de actievoerders bevinden zich aan boord van het platform nog vele tonnen oliebezinksel en radioactieve stoffen.

De concurrenten van Shell hebben ook zo hun bedenkingen. Waarom pakte de maatschappij dit niet zorgvuldiger aan? Straks moeten veel moeilijker te verwijderen booreilanden nog gesloopt worden omdat Shell een eenvoudig weg te halen opslagplatform wilde dumpen.

Sloop

Offshore-aannemer Heerema ziet niet op tegen de sloop van een platformpje. Woordvoerder mr. R. J. Erdbrink: „Technisch gezien doen zich geen bijzondere moeilijkheden voor. De schepen waarmee je een platform bouwt, zijn ook geschikt om het af te breken. De werkzaamheden worden daarbij in omgekeerde volgorde uitgevoerd”.

Dat er de laatste jaren platforms zijn verrezen met een massa van in totaal 10.000 tot 20.000 ton staal -het onderstel inclusief de opbouwis volgens Erdbrink evenmin een probleem. „Ons grootste kraanschip heeft een hefvermogen van 12.000 ton. Kunnen we de zaak daarmee niet aan, dan moet zo’n platform in stukjes worden afgebroken. Dat levert geen extra moeilijkheden op, een booreiland is destijds ook in modules opgebouwd”.

„De modules leg je op het dek van je eigen schip en daarmee vaar je naar de kust. Aan de kant staat dan een leger mannetjes van een gespecialiseerd sloopbedrijf klaar om het hele ding uit elkaar te halen”, aldus Erdbrink.

Spijker

De stelling dat slopen hetzelfde is als bouwen in omgekeerde volgorde, brengt bij offshore-ingenieur Thor Sterker een glimlach op het gezicht. „Je trekt een spijker toch niet uit een balk op dezelfde manier als je hem erin geslagen hebt”.

Sterker is specialist op het gebied van platform-verwijdering en heeft zich de laatste zeven jaar nauwelijks ergens anders mee beziggehouden. Vóór die tijd heeft hij, als ingenieur in het veld, dienst gedaan op alle kraanschepen van Heerema. Sterker was betrokken bij de installatie van ongeveer 65 platforms en bij verschillende sloopprojecten over de hele wereld. Er is nauwelijks een Noordzee-platform waarop hij geen klus heeft gedaan.

Nu staat Sterker aan het roer van de Abandonment Consultants Group (ACG), een adviesbureau op het gebied van platform-verwijdering. ACG is opgericht door John Brown Zeetech (wereldwijd dertig kantoren en 11.500 ingenieurs in dienst), het Energieonderzoek Centrum Nederland (750 personeelsleden). Ernst & Young Energy Services (meer dan 5000 partners en 67.200 werknemers) en Sterker Consultants.

ACG probeert uit de aangesloten bedrijven de kennis te halen die nodig is voor de sloop van platforms. Sterker heeft een groot deel van zijn tijd nodig om die kennis op seminars uit te dragen. Hij levert zijn presentaties op congressen van Houston tot Stavanger. „Elke maand vindt er wel ergens een kwaliteitscongres plaats op het terrein van platform-verwijdering”.

Daarnaast geeft ACG „oliemaatschappijen en overheden advies over wat je met een afgedankt platform kan doen, hoe het juridisch in elkaar steekt, hoe het met de veiligheid zit, met het milieu, met alles wat je nodig hebt om de verwijdering van een platform aan te pakken”.

Handvol

Erdbrink van Heerema zegt dat de sloop van boorplatforms voor offshore- aannemers geen onbekend terrein is. Wereldwijd worden er volgens hem jaarlijks honderden platforms weggehaald. Alleen al in de Amerikaanse wateren zijn er inmiddels 629 gesloopt, zegt hij. Heerema heeft er ook een paar op zijn naam staan en ruimde er ook al een handvol in de Noordzee op.

Sterker glimlacht weer. „In de Golf van Mexico zijn al 1100 platforms weggehaald, maar daar is het nergens dieper dan 100 meter. Dat geldt ook voor het zuidelijke deel van de Noordzee. Die kleinere platforms met een totaalgewicht van ongeveer 1000 ton in wateren tot 100 meter diepte zijn gesneden koek. Maar de grotere platforms van tienduizenden tonnen in 200 tot 300 meter water, daarvan weet niemand precies hoe die verwijderd moeten worden”.

De situatie in de Noordzee is met geen andere te vergelijken, vindt Sterker. „Van alle boorplatforms staat 5 procent op het continentaal plat van de Noordzee, terwijl hier 90 procent van de kosten voor verwijdering gemaakt moet worden. Zo complex is de zaak hier, op het gebied van constructie, veiligheid, en wetgeving”.

Sterker legt een lijvige foliant op tafel om aan te geven wat hij bedoelt. Het boekwerk telt 129 pagina’s en het gaat over de manier waarop het North-West- Huttonplatform van oliemaatschappij Amoco zou kunnen worden afgebroken. Alhoewel, dé manier bestaat niet. Sterker: „Er zitten 25.000 manuren in deze studie, ze is vijf keer herschreven en we hebben er 235 verschillende opties in aangegeven voor de verwijdering”. En daarmee is Amoco er nog niet. „De maatschappij heeft inmiddels op grond van dit onderzoek al weer ongeveer 15 miljoen gulden uitgegeven voor vervolgonderzoek”.

Het North-West-Hutton-platform staat in 145 meter water ten noorden van de Sheüand-eilanden. Het onderstel weegt 17.000 ton en de opbouw 28.000 ton. „Als je zo’n platform in Rotterdam neerzet, zie je dat in IJmuiden staan”. En North- West Hutton is nog geen echte zwaargewicht. Sterker: „Er zijn platforms die 1 miljoen ton wegen”.

Snijden

Zelfs Sterker verbaast zich nog wel eens tijdens zo’n soort onderzoek. „De offshore-wereld ging ervan uit dat je de palen van zo’n platform wel even door kan snijden, maar dan blijken de vereiste technieken gewoon niet beschikbaar te zijn”.

Sterker weet wel ongeveer wat er op dat gebied op de markt is. Bij zijn vorige baas hield hij zich jaren bezig met watersnijden. Fijne waterstralen met grit kunnen een stalen paal afsnijden. Sterker: „Maar dan heb je wel holle palen nodig, anders kun je de apparatuur niet naar beneden laten zakken”.

Voor de North-West Hutton zou in totaal meer dan 3000 kilo aan explosieven nodig zijn om het onderstel op die manier ‘af te knallen’. De palen worden dan voorzien van pakketjes springstof die bij ontploffing een buis in tweeën delen. Bij gebruik van 65 kilo explosieven in één keer moeten alle schepen in de buurt van het platform zich minstens op een afstand van 1400 meter bevinden. Het gebruik van springstof kan dan ook tot heel wat scheepsbewegingen leiden.

Sommige buizen hebben een doorsnee van 2,5 meter en een wanddikte van 125 tot 150 millimeter. „En ze zijn van hoogwaardig staal, daar ben je niet zomaar doorheen”, stelt Sterker. „Je hebt dus een combinatie van technieken nodig om zo’n onderstel te kunnen verwijderen. Er zijn ook knipscharen op de markt met een knipkracht van 1600 ton”.

Veiligheid

Een bijzonder belangrijk aspect bij de sloop van een platform is de veiligheid. In het onderstel van de North-West Hutton moeten 142 verbindingen doorgesneden worden. Sterker moet er niet aan denken wat er zou kunnen gebeuren als een van de 142 bij het heffen van het onderstel toch nog intact zou blijken te zijn. Daar zijn hefmstallaties niet op gebouwd. „En je stuurt ook geen duiker naar beneden om eens even te kijken”.

De sloop van de opbouw van een booreiland is ook niet zonder risico’s. „Ik heb meer dan één collega verloren bij het bouwen van een platform”, zegt Sterker. „En verwijdering is veel gevaarlijker”, stelt hij. „De ene dag gaat er een alarmsyteem af, de volgende dag zagen ze ergens een buis door en werkt er hogerop weer iets niet meer, weer een dag later werkt je man-over-boordsysteem niet meer”.

Verwijderingskosten

De totale verwijderingskosten van een platform als North-West Hutton schat Sterker op 300 tot 350 miljoen gulden. Er zitten nog wel wat onzekerheden in de 132 opties. Sterker: „Neem het weer. Als een offshoreaannemer één dag het werk moet stilleggen, kost hem dat 400.000 tot 500.000 gulden. Dat vraagt hij voor zijn schip, inclusief honderd man, per dag”.

ACG verricht ook studies voor hergebruik van platformen. „Binnenkort haalt Heerema een platform van de Noordzee dat nog maar een jaar of acht in gebruik is. We kijken dan op wat voor reservoir zo’n platform staat en of ergens op de wereld nog zo’n soort reservoir ligt waarop binnen een jaar of zeven zo’n platform nodig is. Aan sloopkosten van 300 miljoen gulden heeft tenslotte niemand iets”.

Schotse rechter

De Schotse rechter heeft de Greenpeace-activisten gisteren gelast de Brent Spar te verlaten. De rechter had het niet moeilijk. Shell heeft alle wettelijk voorgeschreven procedures doorlopen en een vergunning voor het afzinken in handen.

Sterker vindt ook dat Greenpeace het verkeerd heeft aangepakt: „Stemmingmakerij. Laat ze op een van de vele congressen over het verwijderen van platforms komen en daar hun bijdrage aan de discussie leveren”.

Maar wat zou Sterker hebben gezegd als hij een advies had moeten uitbrengen voor de Brent Spar? „Het kan ook verwijderd worden. Shell zegt dat sloop 42 miljoen pond (ongeveer 120 miljoen gulden, JR) kost. Aan dat bedrag kom ik in mijn wildste dromen niet. Met mijn kennis kost aan land brengen van het platform 35 tot 40 miljard gulden. En groene sloop heeft natuurlijk altijd de voorkeur”.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 16 mei 1995

Reformatorisch Dagblad | 20 Pagina's

Zwaar sloopwerk in volle zee

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 16 mei 1995

Reformatorisch Dagblad | 20 Pagina's

PDF Bekijken