Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Een vat vol tegenstrijdigheden

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Een vat vol tegenstrijdigheden

5 minuten leestijd

„Romantiek is ziekte, classicisme is gezondheid”. In al zijn bondigheid een merkwaardige uitspraak. Zeker als die komt uit de pen van Johann Wolfgang von Goethe, de grote dichter van de Duitse Romantiek. Jawel, de man die „den Meister” opmerkte in „der Beschrankung”. Goethes stelling lijkt te beperkt te zijn voor onze geniale dichter Willem Bilderdijk. In dat vat vol tegenstrijdigheden gaan Romantiek en Classicisme hand in hand.

Gespletenheid is een belangrijk kenmerk van de ware romanticus. Willem Bilderdijk wordt algemeen gezien als de belangrijkste vertegenwoordiger van de Romantiek in ons land. Dat dient echter wat genuanceerd te worden. En paradoxaal genoeg is het juist de gespletenheid van de dichter die om enige nuancering vraagt.

Geen meesters meer

In de herfst van 1787 klopte een bode aan bij het erelid Willem Bilderdijk. Gestuurd door het Haags dichtgenootschap ”Kunstliefde spaart geen vlijt” moest de man bij de dichter twee jaar achterstallige contributie los zien te peuteren. De missie had geen succes. Toen al, nog voor zijn verblijf als balling in het buitenland, groeide bij Bilderdijk de antipathie tegen alle classicistische wetjes en regeltjes waaraan poëzie volgens de dichtgenootschappen moest voldoen.

Na zijn ballingschap was Bilderdijk er helemaal van overtuigd: „Dichtkunst is gevoel; gevoel, den band ontsprongen”. Het is een fragment uit zijn poëticaal dichtwerk ”De kunst der poëzy”, dat hij in het najaar van 1809 voordroeg in het dichtgenootschap ”Felix meritis”. In dat fragment horen we de echo van wat de Engelse dichter William Wordsworth in de inleiding van zijn ”Lyrical Ballads” schreef: „Alle goede poëzie is het spontaan overstromen van krachtige gevoelens”.

De slotregel van het genoemde werk van Bilderdijk druiste regelrecht in tegen de praktijk die zijn toehoorders voorstonden: „Blaas me aan, gevoel der kunst, ik wil geen meesters meer”. Ongehoorde taal in ”Felix meritis”, waar men elkaar graag de dichterlijke wet voorschreef!

Onbedorven natuur

Deze ommekeer in Bilderdijks denken over de poëzie (zo men wil: van Classicisme naar Romantiek) was het resultaat van zijn verblijf in het buitenland. Daar leerde hij bijvoorbeeld niet alleen de dichtwerken van Wordsworth kennen, maar ook het ”Essay on Men” van Alexander Pope. Bilderdijk vertaalde dit wijsgerige leerdicht „over de aard en toestand van de mens” in 1804 tijdens zijn verblijf in Brunswijk. Vier jaar later publiceerde hij de vertaling onder de titel ”De Mensch”.

En opnieuw verbaast Bilderdijk de onderzoeker. Want het werk van Pope ademt het optimisme van de Verlichting, die juist door Bilderdijk zo fel gekritiseerd werd. De vertaler móest dus wel in de knoop komen met zijn eigen opvattingen. Maar waar dat gebeurde, veranderde Bilderdijk simpelweg de tekst. Hij was wel zo netjes om die ingrepen in het Voorbericht van ”De Mensch” te verat.twoorden.

Behalve op Engeland was Bilderdijks blik ook gericht op Denemarken. Zo vertaalde hij ”En Maji-Dag” (1758) van de Noors-Deense dichter Christian Braunmann Tullin. Dit gedicht beschrijft een romantische vlucht vanuit de bedorven cultuur naar de onbedorven natuur. In zijn vertaling ”Lentemorgen” (1803) veroorloofde Bilderdijk zich net als bij Pope grote vrijheden ten opzichte van het origineel. Laat Tullin bij de ik-figuur het Godsbesef pas in de climax doorbreken, bij Bilderdijk is de ik-tiguur vanaf het begin een voorbeeld van Godsvrucht.

Gespletenheid

„Dichten is gevoel, den band ontsprongen”. Voor Bilderdijk had dat een diepere dimensie. Hij wist zich geïnspireerd door God. Over die aparte positie heeft hij nogal wat hoogmoedige versregels op papier gezet. Maar diezelfde hoogmoedige dichter erkende ook dat hij zonder God niet kon bestaan. In het gedicht ”God” lezen we: „Neen, stervling, ’t zelfgevoel is dat van ’t onvermogen”.

Ook zijn zelfgevoel was, zo wist hij, genade van God. Hoewel de dichter zich zag als een verheven profeet van God, wist hij toch wat het was om als zondaar voor God te buigen en gelouterd te worden door het leed dat het leven hem bracht. Die zondaar stond ver af van de romantische, dichter die zichzelf verheerlijkte. Ook hier zien we de gespletenheid in de persoon van Bilderdijk. Die afhankelijke sterveling had als ”Vader van het Réveil” grote invloed op zijn leerlingen Isaac da Costa, Capadose en Groen van Prinsterer.

IJdel klankgejoel

Keer op keer hamerde Bilderdijk na zijn ballingschap op het aambeeld van het gevoel. Maar waar was bij hem dat andere element uit de Romantiek gebleven: de verbeelding? Het antwoord vinden we in de kern van ”De kunst der poëzy”: „Van toen was Dichtkunst my geen spel meer van verbeelding”. Twee jaar eerder, in 1807, dichtte Bilderdijk al: „Neen, ’t is verbeelding niet (hy dwaalt, die ’t zich verbeeldt) / Waar Dichtkunst in bestaat, die zoveel wond’ren teelt”. De in de Romantiek zo hoog gehouden verbeelding noemde Bilderdijk zelfs „ijdel klankgejoel”.

Wanneer we kijken naar de toneelstukken die Willem Bilderdijk geschreven heeft, onder meer ”Floris V” (1808, geschreven na de omkeer in zijn denken), dan zien we in de starre, strenge vormen niet de Romantiek maar het Classicisme terug. Het beeld dat Bilderdijk de grote romanticus in Nederland is geweest, verdient daarom enige nuancering. De man was te geniaal, te complex, te grillig om door een moderne Pennewip in een hokje duwd te worden.

In zijn boek ”Literature of the Low Countries” geeft Reinder P. Meier het hybride karakter van Bilderdijk aan als hij opmerkt: „Met zijn werk, een merkwaardige kruising van classisistische wortels en romantisch temperament, kwam de literatuur van de achttiende eeuw tot een einde”.

Romantiek is ziekte; classicisme gezondheid. Zou dokter Goethe Willem Bilderdijk gezo.nd verklaren of diep onder de wol stoppen…?

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 2 juni 1995

Reformatorisch Dagblad | 28 Pagina's

Een vat vol tegenstrijdigheden

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 2 juni 1995

Reformatorisch Dagblad | 28 Pagina's

PDF Bekijken