Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Brent Spar; dumpen in diep water

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Brent Spar; dumpen in diep water

„Waar zou die informatie van Greenpeace op gebaseerd zijn?”

5 minuten leestijd

„De Brent Spar. Beste optie: dumpen in diep water. Goedgekeurd”. Het staat zwart-op-wit in de congresstukken. De bijeenkomst werd in februari dit jaar in Londen gehouden. Vorige week was het oliewereldje daar weer twee dagen bijeen om te praten over verwijdering van boorplatforms. „De hele olie-industrie is door elkaar geschud. Die weet even niet waar ze nu staat. Was alles juridisch goed geregeld en dan blijkt er bij het publiek geen draagvlak voor dumpen te zijn”.

„De analyses van de Brent Sparaffaire komen op gang. Over een halfjaar is de hele zaak tot op de millimeter uitgezocht. Dan kan misschien ook de publieke discussie weer op gang komen. Nu is er in elk geval geen draagvlak voor het dumpen van een olieplatform”, zegt de Nederlandse offshore-ingenieur Thor Sterker.

Sterker runt het enige Nederlandse adviesbureau op het gebied van het ontmantelen van boorplatforms. In die hoedanigheid slaat hij geen Europese conferentie over en dus was hij ook op beide congressen in Londen. In zijn bedrijf, de Abandonment Consultants Group, participeren John Brown Zeetech, het Energieonderzoek Centrum Nederland, Ernst & Young Energy Services en Sterker Consultants.

Overheden, zoals de Nederlandse, en’ Euro-politici, zoals de Deen Bjerregaard, doen er volgens Sterker geen goed aan om een verbod op het dumpen van olieplatforms te eisen. „Weten ze wel waar ze over praten? Ik zit aardig in de materie, maar ik moet al moeite genoeg doen om de zaken in dit wereldje bij te houden”.

Zware klussen

Het wereldje van de offshore-bedrijven heeft meestal zware klussen onder handen. Het North West Hutton-platform ten noorden van de Shetland-eilanden, dat volgend jaar uit bedrijf gaat, weegt in totaal 35.000 ton. In het onderstel, dat in 145 meter diep water staat, zit 17.000 ton staal, in de opbouw nog eens 28.000 ton.

Hoe zoiets gesloopt moet worden? Sterker heeft voor eigenaar Amoco een studie verricht waarin 235 opties voor de verwijdering van het platform aan bod komen. „En inmiddels heeft de maatschappij al 15 miljoen gulden uitgegeven aan vervolgonderzoek. Van de grotere platforms van tienduizenden tonnen in 200 tot 300 meter diep water weet niemand hoe ze verwijderd moeten worden”, stelt Sterker. North West Hutton is niet eens een echte zwaargewicht. Er zijn platforms die 1 miljoen ton wegen.

Sloop van de Brent Spar valt bij een klus als de North West Hutton in het niet. Sterker acht de afbraak van de Brent aan land ook goed mogelijk. Toch vraagt hij zich af of de oplossing waarvoor nu is gekozen, wel de beste is. De olie-industrie liet zich daar vorige week in Londen niet over uit. „Die sector is door elkaar geschud. Die weet even niet waar ze nu staat”.

De olie-industrie houdt zich nu wel even rustig. „Die wil met allerlei gewaagde uitspraken haar toekomst niet op het spel zetten”, meent Sterker. Een van de sprekers stelde in Londen dat het dumpen van zeventien platforms ongeveer 2,5 miljard gulden kost. Sterker: „Niet dumpen en aan land slopen kost vier keer zo veel. De Engelse overheid heeft al gezegd dat ze het niet zal accepteren als de olieiriaatschappijen die kosten als aftrekpost opvoeren”. Dat publiek en milieubeweging ervan uitgaan dat de oliemaatschappijen ook voor dat soort operaties wel genoeg geld in kas zullen hebben, vindt Sterker voorbarig. „De groten misschien wel, de kleintjes zeker niet allemaal”.

Niet niks

De Nederlandse offshore-adviseur -dit keer geen spreker op het Londense congres- houdt het erop dat afzinken van de Brent Spar niet verkeerd geweest zou zijn. „Wat stroomt er per jaar niet allemaal in de Noordzee? 240 ton cadmium, 3049 ton chroom, 3830 ton koper, 5874 ton lood, 1695 ton nikkel, 55 ton kwik, 21.791 ton zink en 3 ton pcb’s. De olie- en gassector is daar met ruim 400 platforms op de Noordzee voor hooguit 2 procent voor verantwoordelijk. Voor de meeste stoffen is het aandeel niet meer dan 1 procent”. Sterker citeert uit stukken van de universiteit van Aberdeen. „En wat is dan de Brent Spar?”

„Sloop aan land is ook niet niks”, stelt Sterker. „Neem alleen al de 6500 ton ballast die onderin zit. Die bestaat uit beton, vermengd met een soort ijzererts. Stel dat het materiaal niet in wegverharding mag worden verwerkt, dan zit je met 6500 ton van dat spul. De elektriciteitskabels vormen ook een probleem. Die raak je in bijvoorbeeld Nederland ook niet eenvoudig kwijt”.

Springen

Zelfs al zou het dumpen van de Brent Spar milieuvriendelijker geweest zijn dan het aan land slopen van het olieplatform, voor de offshore- sector is het een geluk dat het opslagvat nu naar de kust wordt gesleept. De grote aannemers-op-zee zitten te springen om werk. Desnoods gaan ze slopen wat ze zelf ooit onder de strengste kwaliteitseisen hebben gebouwd.

„Daar zijn of f shore-werknemers natuurlijk niet voor opgeleid”, zegt Sterker. „Er is aan de wal nauwelijks een bedrijfstak te vinden die met zulke hoge kwaliteitseisen moet produceren, maar ze kunnen niet anders”. Een grote maatschappij als Norwegian Contractors -de bouwer van het onlangs geplaatste Trollplatform- ontsloeg niet zo lang geleden 2000 van de 4500 personeelsleden. Norwegian Contractors heeft Shell aangeboden om de Brent Spar tijdelijk aan de Noorse kust te stallen.

Wie het opslagplatform uiteindelijk zal slopen, is nog lang niet zeker. „Norwegian Contractors, maar ook de Nederlandse bedrijven Heeremac en Smit hebben belangstelling”, weet Sterker. „Misschien schrijven er wel een stuk of tien bedrijven in”.

Betrouwbaarheid Shell zal dan een aantal ondernemingen prekwalificeren op terreinen als betrouwbaarheid en vakkennis om te kijken of de bedrijven wel aan de Shell-criteria voldoen. De geprekwalificeerde ondernemingen zullen dan op basis van de door Shell verstrekte gegevens over de inhoud van de Brent Spar, de tekeningen en de opgave van de schade die het opslagplatform eerder heeft opgelopen, een offerte uitbrengen. Sterker: „Dan is zo’n offshore-aannemer inmiddels 100.000 tot 150.000 gulden kwijt. Dat moet je er in die wereld voor over hebben om een opdracht binnen te krijgen”.

Greenpeace zal ongetwijfeld niet zo veel informatie hebben gehad als de geïnteresseerde offshore-aannemer toen de milieuorganisatie haar rapport over de Brent Spar opstelde. Sterker: „Waar zou die informatie op gebaseerd zijn?”

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 27 juni 1995

Reformatorisch Dagblad | 20 Pagina's

Brent Spar; dumpen in diep water

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 27 juni 1995

Reformatorisch Dagblad | 20 Pagina's

PDF Bekijken