Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

PALET & PENNESTREEK

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

PALET & PENNESTREEK

6 minuten leestijd

Essay Fens over Remco Campert

Prof. Kees Fens zal een essay schrijven over het werk van Remco Campert, wiens gedichten recent compleet zijn verschenen. Fens doet dat in het kader van de essay-opdracht van Poetry International. Elk jaar wordt een Nederlandse of Vlaamse schrijver gevraagd een opstel te maken over een dichter of een oeuvre van zijn keuze. De opdracht werd vorig jaar ingesteld bij het 25-jarig bestaan van Poetry International, het dichtersfestijn in Rotterdam. Fens had na zijn afscheid als hoogleraar Nederlandse letterkunde in Nijmegen laten weten zich te willen wijden aan langere stukken over de moderne Nederlandse literatuur.

Onze letteren in ’t Spaans

De immer bedrijvige Vlaams-Nederlandse stichting ”Ons Erfdeel” in het Westvlaamse Rekkem doet alles om de Nederlandse taal en cultuur in den vreemde bekendheid te geven, met een gelijknamig tijdschrift, met het Franstalige ”Septentrion”, met jaarboeken en in een groot aantal talen overgezette boekjes over de Nederlandse letteren, de geschiedenis der Lage Landen en van het Nederlands, met bloemlezingen en wat niet al.

Thans kwam de vereniging zonder winstoogmerk weer met twee Spaanstalige (lees: Castiliaanse) bloemlezingen. Het zijn ”Poesia contemporanea en lengua neerlandesa” (Hedendaagse Nederlandstalige dichtkunst) en ”Narrativa contemporanea…” (Hedendaags. proza…). De poëzie is bijeengelezen door de Vlaamse en Nederlandse hoogleraren letterkunde Hugo Brems en Ad Zuiderent. En voor de proza-uitgave tekenen de Nederlandse en Vlaamse professoren Jaap Goedegebuure (KUB Tilburg) en Anne Marie Musschoot (Gent).

Aan beide bloemlezingen gaat een uitvoerig inleidend essay vooraf. Bij de poëzie begint dat met de betekenis van de generatie der Vijftigers: Kouwenaar, Remco Campert, Lucebert en anderen. Het “hedendaags” houdt ook in dat oudere dichters, zoals Leo Vroman, Anton van Wilderode en Christine D’haen, aan bod komen, naast jongeren als Rogi Wieg, Robert Anker, Tom Lanoye. Helaas staan de oorspronkelijke teksten der vertaalde verzen niet naast de vertaling afgedrukt. Spanjaarden die enige kennis van onze taal hebben, kunnen hier dus niet echt vergelijken, al wordt de bron wel vermeld. Maar een van de vertalers, Carrasquer, heeft al eerder een paar wél tweetalige bloemlezingen van moderne Nederlandse en Vlaamse dichters gepubliceerd, in 1971 en in 1988.

Geen Achterberg in ’t Spaans

De keuze der gedichten bevreemdt mij soms wel. Als men zich beperkte tot levende letterkundigen van deze eeuw, is er wel plaats voor Claus en Bernlef, voor Ter Balkt en Jan Knijper. Maar dan mocht men toch Ida Gerhardt niet missen. Als men ook overleden poëten een plaats gunt: Lucebert, Paul Snoek, Hans Lodeizen, dan acht ik het een groot gemis dat men andere groten der 20e eeuw als niet-meer-contemporain verzwijgt. Dus geen Achterberg en Nijhoff hier, geen Willem de Mérode en Willem Elsschot. Als de grens bij de Vijftigers werd getrokken. horen Vroman en Guillaume van der Graft (“Van de ketterij der straaljagers”), Chr. J. van Geel en F. Harmsen van Beek hier toch ook niet thuis? Zij kregen wel hun plaats. Kortom, de selectie is aanvechtbaar. Bepaald gemakkelijk moeten de vertalers, Diego J. Puls, Carmen Bai tolomé en Francisco Carrasquer, het niet gehad hebber, met verzen als ”Kortenhoef” van Ed Leef lang of werk van Eva Gerlach, Elma van Haren en Hans Tentije. Dat geldt ook voor de prozabloemlezing, maar verhalen laten zich, dunkt me, toch gemakkelijker adequaat in een andere taal weergeven dan gedichten. In de prozabundel komen onder anderen Cees Noteboom, Mulisch, Hermans, Reve, Walter van den Broeck, Monika van Paemel, de Antilliaan Frank Martinus Arion en Hella Haasse aan bod.

De boekjes tellen 112 blz. (poëzie) en 128 blz. (proza), met auteursfoto’s, en ze kosten per stuk ƒ 36,-. Info en bestellingen: ”Ons Erfdeel”, Rijvoortshoef 265 te 4941 VJ Raamsdonksveer, tel. 01621 -13425, fax 19227.

Toneelauteur P. J. Troelstra

Van de bekende socialistische voorman Pieter Jelles Troelstra, die ooit meende via een revolutie in ons land de republiek te kunnen vestigen nadat koningin Wilhelmina zou zijn afgezet, is bekend dat hij banden met de schone letteren had. Zo was hij getrouwd met Sjoukje M. D. Bokma de Boer, als Nynke van Hichtum bekend door ”Afke’s tiental” en andere kinderboeken. Zelf was de SDAP-voorman ook literair bezig, met name als dichter en ook als toneelschrijver. Het Frysk Letterkundich Museum en Dokumentaasjesintrum (FLMD) in Leeuwarden geeft nu in zijn reeks ”Byskriften” de tekst uit van een nooit gepubliceerd noch uitgevoerd toneelstuk van de politicus (1860 tot 1930). Sinds 1986 bezat het museum in de Friese hoofdstad dit stuk ”Zijn vrouw”, geschreven onder de schuilnaam ”Luctor” (Ik strijd), in zijn Troelstra-collectie. Troelstra geeft daarin een heel persoonlijke kijk op zijn huwelijk met Sjoukje Bokma de Boer. Van de tekst in handschrift is nu een simpel boekje gemaakt dat voor een tientje te koop is bij het FLMD. Info: iel. 058-120834.

Vlaams-Spaanse historiën

De Zuidelijke Nederlanden hebben heel wat te stellen gehad met de Spanjaarden en hun overheersing in de Tachtigjarige Oorlog. Dat leidde in 1585 zelfs tot de overgave van Sinjorenstad Antwerpen aan de Spanjolen. Een der burgemeesters was de bekende Philips van Marnix, Heer van St. Aldegonde, leider der protestanten en mogelijk de dichter van het ”Wilhelmus”. Toch zijn ze in Vlaanderland niet blijven omzien in wrok. Integendeel: Castilië en León worden in de O. L. Vrouwekathedraal van de Scheldestad gaarne ingehaald, want ze hebben een gezamenlijke historie. Dit najaar, van 16 september tot 10 december, kan men in de kathedraal terecht voor de grote en grootse tentoonstelling ”Vlaanderen en Castilla y León. Op de drempel van Europa”.

Sponsors zijn onder meer de Vlaamse Gemeenschap, de Junta Castilla y León en banken. Het gaat om de Spaanse, Castilliaanse, geschiedenis van de 15e en 16e eeuw en de relatie met Vlaanderen. In het oude kernland van het huidige Spanje, Castilië, is een schat aan kerken en kloosters te vinden. De kunstschatten in die bouwwerken zijn voor een goed deel van Vlaamse en Brusselse oorsprong, zoals schilderijen en wandtapijten. In de kathedraal van Antwerpen zijn straks zo’n tweehonderd voorwerpen te zien van Vlaamse herkomst of betrekking hebbend op Vlaanderens verleden en afkomstig uit kastelen en kerken van Castilië.

Dichten is toptennis spelen…

Voor dichter Huub Beurskens vertoont het maken van een gedicht een sterke overeenkomst met het spel van een toptennisser. Onder de titel ”De Blik op oneindig” trok hij recent deze vergelijking bij de uitreiking van de VSB-Poëzieprijs 1995 in de Amsterdamse Rode Hoed. Beurskens (1950) ontving de prijs, waaraan een bedrag van 50.000 gulden is verbonden, voor zijn bundel ”Aangod en de afmens”. In zijn rede haalde de dichter de oud-toptennissters Martina Navratilova en Billy Jean King aan om de parallel te illustreren. „Alle spelhandelingen moeten zo verlopen dat ze tot je tweede natuur behoren”, zo citeerde Beurskens Navratilova uit haar handboek ”Tennis my way”.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 10 juli 1995

Reformatorisch Dagblad | 14 Pagina's

PALET & PENNESTREEK

Bekijk de hele uitgave van maandag 10 juli 1995

Reformatorisch Dagblad | 14 Pagina's

PDF Bekijken