Bekijk het origineel

Wolken

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Wolken

5 minuten leestijd

Het plakboek. Het was er elk jaar en altijd kon Heleen er intens van genieten. Voordat David deze keer op kamp ging, had ze die van vorig jaar nog weer eens doorgebladerd. Een paar foto’s van David, leuke plaatjes, maar vooral dat heel persoonlijke verslag van Lydia. Heleen las en herlas...

„„Wij danken U, barmhartig God”, dat zingen we vanmorgen op de gang. Je bent al wakker, kijkt met grote ogen langs me heen. Na de laatste regel lijk je teleurgesteld als er niet meer komt. Bij het eten weer. Joh! Tijdens het wassen zit je helemaal in je eigen wereldje, alsof je jezelf wilt beschermen. De lift, die vind je mooi. Vooral als een van de andere gasten tegen je gaat kletsen. Je kijkt alsof je het liefst nog eens omhoog en weer omlaag wilt. Het eten gaat moeilijk. Vind je het wel lekker? Na het eten leest Henk uit de kinderbijbel. Over Ananias en Saffira gaat het. Daarna zingen we nog een paar psalmen. Je bent er weer helemaal bij!”

Heleen keek naar de foto van David bij de lift. Ieder jaar trof het haar weer: die intense betrokkenheid bij hun jongen en bij alle andere kleine en grote gasten van zo’n kampweek. Een betrokkenheid die zich uitgebreid had tot een kaart met Davids verjaardag”, een kaart met Kerst en minstens een bezoekje. „Als het mag, hoop ik van de herfst een keer te komen”, had Lydia nu al weer gezegd. „Gewoon omdat ik het leuk vind om David weer te zien”.

Ze bladerde verder. „Met de rolstoelbus gaan we naar de kinderboerderij. Zo’n klein geitje op je rolstoelblad, lijkt je dat wat? Je moet lachen als ik je hand pak en het geitje aai. Na het eten gaan we naar de speeltuin. In een wip zit je op de schommel. Een beetje heen en weer bewegen is het, meer niet, maar je schatert. De glijbaan is wat lastiger om je op te zetten. Maar ook dat doen we, jij met een lach. Het zijn de kleine dingen, die het doen!

Woensdag. We gaan varen. Naar Urk. Je zit eerst een poos bij mij op schoot. Tineke speelt voor Herman op haar blokfluit en jij geniet mee. Later nemen de jongens je mee naar boven. Lekker in de wind en de zon. Iemand vraagt of je het leuk vindt. Een gewoon antwoord kun je niet geven -en dat vertel ik die mevrouw ook weimaar zegt dat lachje niet genoeg?

Bloemen hangen donderdags aan de bomen, als we de speurtocht gaan doen. Af en toe komen we een opdrachtje tegen. Samen gooien we een bal in een hoepel, die tussen twee bomen gespannen is. Je kijkt alsof je het allemaal wel best vindt. Even later snoep je van een spekje, dat in een groen laantje zomaar onder een boom ligt. Na een heleboel bloemen is daar eindelijk de kerk. We gaan eerst een poosje zingen. Je zit vlakbij het orgel, wappert met je handen en wiegt heen en weer. Dan zijn er de pannekoeken, die gebakken zijn door de vrouwen van de vrouwenvereniging! Pannekoeken en ijs toe.

We luisteren in de kerk ook naar het verhaal uit de Bijbel. Het is best moeilijk, over Stefanus. Maar och, David, de Heere kan ook jouw hart bereiken.

Vrijdagmorgen. We gaan naar het dorp, kaoootjes kopen voor je vader en moeder en voor jezelf In de Dorpsstraat staat een draaiorgel. Je ogen zeggen opeens zo veel dat we wel stil moeten blijven staan. Je beweegt op de maat van de muziek, je lacht om het centenbakje van de orgelman. Maar ja, dan moeten we echt weer verder. Als het aan jou lag, bestond de vakantie alleen uit zingen, muziek maken en kraakpapiertjes!

Deze middag ga je een poosje naar bed. Daar ben je zichtbaar aan toe. Je geniet ook zo intens! Om vier uur gaan we met z’n allen wandelen. In het bos doen we nog een spelletje. „Er zat een klein zigeunermeisje...” Je vindt het prachtig als ik met je de kring rondrijd.

Vrijdagavond. We hebben heel feestelijk gedekte tafels, compleet met een menukaartje. Begrijp je dat het al weer de laatste avond is? Je bent helemaal uit je eigen wereldje en lijkt veel te volgen. Vooral het zingen na het eten vind je leuk. En als Ernst heel dichtbij jou op de citer “God heb ik lief” speelt, krijg je de slappe lach. Je zit te grinniken tot we “Ik ga slapen, ik ben moe” zingen. Heb je door dat je zo naar bed moet? Nog een keer badderen en daar gaan we...

Ten slotte, David... Deze week is weer voorbij. Wat was het fijn, hè? Wat hebben we gelachen. Maar ook: wat hebben we veel uit de Bijbel gehoord. Moeilijke dingen, soms. Dingen die voor mensen met veel verstand ook al nauwelijks te begrijpen zijn. Maar we hebben ook gezongen. Dat heel eenvoudige versje, waarbij je altijd lacht: “Opent uwe mond”. Je gaat weer naar huis. Zaterdagavond was er een ouderling bij ons. Hij hield voor de stafleden dagsluiting. Hij wees ons op de Heere Jezus. Zo heel mooi staat het in Lukas: „Hij legde een iegelijk van hen de handen op, en genas hen”. Dat weno ik jou van harte toe. Lydia”.

Ada Verrips

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 25 augustus 1995

Reformatorisch Dagblad | 24 Pagina's

Wolken

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 25 augustus 1995

Reformatorisch Dagblad | 24 Pagina's

PDF Bekijken